Bij de start van iedere les verwelkomt de docent de leerlingen bij de ingang van de deur, noemt leerlingen bij naam, maakt oogcontact en besteedt aandacht aan hun welbevinden. De docent geeft het goede voorbeeld en spreekt hoge verwachtingen uit voor het verloop van de les door succescriteria op gewenst gedrag, schooltaal en effectief leren te benoemen. De leerlingen zijn startklaar: ingelogd in LessonUp, telefoons opgeborgen in het Zakkie, en JdW-map op tafel.
Mentor
L. ten Hooven
Slide 5 - Slide
1. Startklaar
Bij de start van iedere les verwelkomt de docent de leerlingen bij de ingang van de deur, noemt leerlingen bij naam, maakt oogcontact en besteedt aandacht aan hun welbevinden. De docent geeft het goede voorbeeld en spreekt hoge verwachtingen uit voor het verloop van de les door succescriteria op gewenst gedrag, schooltaal en effectief leren te benoemen. De leerlingen zijn startklaar: ingelogd in LessonUp, telefoons opgeborgen in het Zakkie, en JdW-map op tafel.
wie ben jij? vertel 3 dingen over jezelf
Slide 6 - Mind map
This item has no instructions
Vakantiebingo!
We beginnen actief met een Vakantiebingo.
Lees goed wat er op jouw bingokaart staat.
Als de docent het startsignaal geeft, loop je rond en zoek je klasgenoten die... »
Heb je iemand gevonden? Schrijf dan de naam van die klasgenoot op.
Lukt het jou om binnen 5 minuten Bingo te krijgen?
timer
5:00
Slide 7 - Slide
Voorkennis activeren:
In iedere les wordt relevante voorkennis geactiveerd aan de hand van een terugblik-opdracht om zo de mate van stofbeheersing te bepalen en richting te geven aan de rest van de les.
Enkele werkvormen die zich hier mooi voor lenen zijn:
De docent activeert relevante voorkennis aan de hand van een terugblik-opdracht, waarbij eventueel een beroep op de thuistalen wordt gedaan. Op deze manier biedt de docent een kapstok om nieuwe stof te verbinden aan de eerder geleerde stof en richting te geven aan het verdere verloop van de les. Tegelijkertijd worden hiermee misconcepties van leerlingen zichtbaar gemaakt, waar de docent vervolgens gericht op in kan spelen.
Voorkennis
Voorkennis
Voorkennis
Voorkennis
A
B
C
D
Slide 9 - Quiz
This item has no instructions
timer
5:00
Voorkennis
Vraag 1
Vraag 2
Vraag 3
Vraag 4
Slide 10 - Slide
This item has no instructions
Leerdoelen
Aan het eind van deze les...
ken ik mijn mentor en mijn klasgenoten wat beter.
Slide 11 - Slide
3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.
Administratie
Adressen controleren
Mailadressen ouders en leerlingen
Telefoonnummers
Boeken ontvangen?
Verandert er iets, dan geef je dit door aan je mentor.
De mentor geeft de wijzigingen door aan de leerlingadministratie.
Slide 12 - Slide
Inleiding
Door een goede inleiding voelen leerlingen zich betrokken en begrijpen ze het belang van wat ze gaan leren. Dit vergroot hun motivatie en leerresultaten.
Basisregels
Respect
We hebben respect voor elkaar
Niet over de streep
We houden ons aan de afspraken die we met elkaar maken
Aanspreekbaar
Als we over de streep gaan, praten we daarover
Slide 13 - Slide
Inleiding
Door een goede inleiding voelen leerlingen zich betrokken en begrijpen ze het belang van wat ze gaan leren. Dit vergroot hun motivatie en leerresultaten.
Afspraken
Telefoon in het ZAKKIE
Je hebt je lesmateriaal en je schoolpas altijd bij je.
Je komt rustig het klaslokaal binnen en zorgt dat je startklaar bent.
Ben je te laat? Meld je bij de balie en ga aan het werk in de aula.
Petten, mutsen, hoedjes en jassen doe je af of uit. Je tas staat op de grond.
In de gangen gedraag je je rustig.
Je gaat alleen tijdens de leswisseling naar de wc, dus niet tijdens de les.
Startklaar
Telefoon in de kluis
Jas over de stoel
Tas op de grond
Benodigde spullen op tafel
Slide 14 - Slide
Inleiding
Door een goede inleiding voelen leerlingen zich betrokken en begrijpen ze het belang van wat ze gaan leren. Dit vergroot hun motivatie en leerresultaten.
Procedures
Ziek melden vanuit huis
Ziek melden kan alleen via de Somtoday-app.
Alleen je ouders of verzorgers melden jou ziek. » voor iedere dag dat je ziek bent, moet je worden ziek gemeld
Ziek melden onder schooltijd
Bij de balie bellen ze naar huis en alleen als er een ouder/verzorger is gesproken, mag
je naar huis.
Slide 15 - Slide
Inleiding
Door een goede inleiding voelen leerlingen zich betrokken en begrijpen ze het belang van wat ze gaan leren. Dit vergroot hun motivatie en leerresultaten.
Procedures
Verlof
Aanvragen door het afwezigheid of bijzonder verlof formulier in te vullen op de website van Johan de Witt.
Te laat komen
Bij te laat komen word je niet meer toegelaten in de les. Je blijft in de aula tot het volgende uur begint. Bij te laat komen moet je de volgende dag om 7.30 uur melden bij de balie.
Vraag het verlof minimaal 4 werkdagen van tevoren aan!
Slide 16 - Slide
Inleiding
Door een goede inleiding voelen leerlingen zich betrokken en begrijpen ze het belang van wat ze gaan leren. Dit vergroot hun motivatie en leerresultaten.
Procedures
Uit de les gestuurd
Je meldt je bij de conciërge (aan de balie). » De docent belt naar de conciërge. » Je gaat vlak voor het einde van de les terug naar de klas en maakt een afspraak met de docent. » De docent vult het uitstuurformulier in, mailt dit naar de mentor en zet het in Somtoday.
Slide 17 - Slide
Inleiding
Door een goede inleiding voelen leerlingen zich betrokken en begrijpen ze het belang van wat ze gaan leren. Dit vergroot hun motivatie en leerresultaten.
Schoolspullen
Boeken
Opgeladen laptop
Schoolpas
JdW-multomap
Stevige rugzak of grote tas mét ritssluiting
Vellen voor 23 rings multomap (lijntjes en geblokt)
2 pennen, 2 potloden, een gum
Geodriehoek of koershoekmeter
Rekenmachine
Woordenboeken (voor tijdens de toetsweek)
Wat voor tas?
De tas is groot genoeg voor:
Boeken
Laptop
JdW-multomap
Bij regen worden deze spullen niet nat
Slide 18 - Slide
Inleiding
Door een goede inleiding voelen leerlingen zich betrokken en begrijpen ze het belang van wat ze gaan leren. Dit vergroot hun motivatie en leerresultaten.
Sportkleding bestellen
Alle leerlingen op het Johan de Witt dragen tijdens de LO-lessen dezelfde kleding.
Je kunt de sportkleding online bestellen bij Free-Kick Sport.
De kleding is verplicht bij alle sportlessen.
Je kunt kiezen uit:
een shirt met korte mouwen (€20,-)
een shirt met lange mouwen (€20,-)
een korte broek (€11,-)
een lange broek (€22,-)
Slide 19 - Slide
Inleiding
Door een goede inleiding voelen leerlingen zich betrokken en begrijpen ze het belang van wat ze gaan leren. Dit vergroot hun motivatie en leerresultaten.
Door een goede inleiding voelen leerlingen zich betrokken en begrijpen ze het belang van wat ze gaan leren. Dit vergroot hun motivatie en leerresultaten.
Vragen?
Dat was een hoop informatie!
Hebben jullie hier nog vragen over?
Slide 21 - Slide
4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.
En nu tijd voor actie!
Jullie hebben nu lang genoeg geluisterd, tijd om iets te gaan doen!
We zijn benieuwd of jullie elkaar (en de mentor) al iets beter kennen.
En heb je een idee bij wie je terecht kunt als je een vraag of probleem hebt op school?
We checken het met wat quizvragen!
Slide 22 - Slide
4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.
Ken jij de namen van je klasgenoten?
Slide 23 - Slide
Introductie: Ken je alle namen?
Doel: Leerlingen bewust maken van het belang en gemak het kennen van alle namen.
Begin de les door uit te leggen waarom het kennen van namen belangrijk is. Dit draagt bij aan een veilige en prettige sfeer in de klas en vergemakkelijkt samenwerking bij groepsopdrachten.
Vraag aan leerlingen waarom zij denken dat het onthouden van namen belangrijk is.
Bespreek de afbeelding om de context te versterken.
Tip: geef ook voor jezelf aan dat het heel belangrijk is om alle namen te kennen als docent.
Hoeveel namen van je klasgenoten
ken jij écht uit je hoofd?
Allemaal
Bijna allemaal
De helft
Een paar
Geen
Slide 24 - Poll
Poll
Bespreek kort de resultaten van de poll. Zijn er veel leerlingen die moeite hebben met namen onthouden? Hoe komt dat?
Geef aan dat er technieken zijn om namen beter te onthouden en dat de les hierbij helpt.
Hoe onthoud jij namen?
Ezelsbruggetje
Herhalen
Visualiseren
Anders
Niet
Slide 25 - Poll
Poll Laat leerlingen nadenken over hun huidige technieken en bespreek kort welke strategieën vaak effectief zijn.
Vraag een paar leerlingen om hun methode toe te lichten. Waarom werkt deze techniek voor hen?
Leg uit dat er meerdere manieren zijn om namen te onthouden en dat ze in deze les een aantal hiervan gaan oefenen.
Voer de stappen op volgorde uit
Introductie
Iedereen noemt zijn of haar naam én vertelt iets leuks over zichzelf.
1
Namen en ezelsbruggetjes
Maak tweetallen.
Bedenk een makkelijke manier om elkaars naam te onthouden.
Dit noem je een 'ezelsbruggetje'
2
Eigenschappen
Werk in hetzelfde tweetal.
Welk woord past écht bij jou? Denk aan aardig, sportief, grappig, enz.
Vertel het aan elkaar en leg ook uit waarom het bij jou past.
3
Slide 26 - Slide
Opdracht Stap 1: Korte introductieronde: Iedereen zegt zijn/haar naam en een leuk feit over zichzelf.
Stap 2: Koppel namen aan eigenschappen. Leerlingen maken tweetallen en verzinnen een associatie voor elkaars naam (bijvoorbeeld "Lisa leest veel boeken").
Stap 3: Test elkaars kennis. Leerlingen worden willekeurig aangewezen en moeten de naam én eigenschap van een ander noemen.
Moedig leerlingen aan om creatieve en grappige associaties te bedenken om namen makkelijker te onthouden. Maar houdt het positief en corrigeer waar nodig.
Hoe kun je het beste namen
onthouden?
A
Herhalen en hardop zeggen
B
Niet opletten en hopen dat je het onthoudt
C
Iedereen een bijnaam geven
D
Geen moeite doen om namen te leren
Slide 27 - Quiz
Quiz
Bespreek met de klas waarom dit goed werkt. Geef eventueel aan dat dit ook voor een leraar de meest handige manier is om de namen van de leerlingen te leren.
Waar kun je terecht als iets misgaat?
Slide 28 - Slide
Introductie: Ken je alle namen?
Doel: Leerlingen bewust maken van het belang en gemak het kennen van alle namen.
Begin de les door uit te leggen waarom het kennen van namen belangrijk is. Dit draagt bij aan een veilige en prettige sfeer in de klas en vergemakkelijkt samenwerking bij groepsopdrachten.
Vraag aan leerlingen waarom zij denken dat het onthouden van namen belangrijk is.
Bespreek de afbeelding om de context te versterken.
Tip: geef ook voor jezelf aan dat het heel belangrijk is om alle namen te kennen als docent.
Afsluiting
Tips om namen te onthouden:
Maak associaties
Herhaal hardop
Gebruik ezelsbruggetjes
Vraag bij twijfel
Slide 29 - Slide
Afsluiting
Maak associaties: Probeer een naam te koppelen aan een opvallend kenmerk, een hobby, of een rijmwoord. Bijvoorbeeld: "Lisa leest veel" of "Tom is altijd top voorbereid." Hoe unieker de associatie, hoe beter de naam blijft hangen.
Herhaal hardop: Zeg de naam van een klasgenoot direct na het horen en probeer deze tijdens het gesprek meerdere keren te gebruiken. Dit helpt bij het inslijten van de naam in het geheugen.
Gebruik ezelsbruggetjes: Maak gebruik van kleine trucjes om namen te onthouden, zoals rijmwoorden, beginletters van namen koppelen aan kenmerken (bijv. "Kijk! Kevin kan kletsen") of associaties met bekende figuren.
Vraag bij twijfel: Als je een naam vergeten bent, vraag het op een vriendelijke manier. Dit laat zien dat je moeite doet om namen te onthouden en helpt je om de naam beter vast te leggen in je geheugen.
Bespreek kort hoe leerlingen deze technieken in de komende weken kunnen blijven gebruiken en hoe ze dit kunnen toepassen in andere situaties, zoals in een nieuwe klas of bij groepsopdrachten.