H4.3 btw en nettowinst

Economie

Boeken open

Schrift

Pen en potlood

Agenda of Som

Rekenmachine

Met huiswerk begin je in de klas.

1 / 14
next
Slide 1: Slide
New lesson editorBedrijfseconomieMiddelbare schoolhavoLeerjaar 3

This lesson contains 14 slides, with text slides.

time-iconLesson duration is: 90 min
Report this lesson

Items in this lesson

Economie

Boeken open

Schrift

Pen en potlood

Agenda of Som

Rekenmachine

Met huiswerk begin je in de klas.



Maandag 26/10/26

&

Dinsdag 27 oktober

H4.3 Produceren


Vragen over het huiswerk?

We ronden deze week het hoofdstuk af.

Volgende week 2 november toets.

Hoofdstuk 4

Waar komen de kosten vandaan?



waardevermindering

Waardevermindering

Bedrijfskosten in dit hoofdstuk:


Loonkosten

Huisvestingskosten

Rentekosten

Afschrijvingskosten

Verkoopkosten

Inkoopwaarde van de verkoop




Te verdelen in?


Constante kosten

Variabele kosten (deze zijn afhankelijk van de productie of afzet.

Aan de slag met.......

De formules die bij paragraaf 3 horen.


Text

Bespreken opgaven:

27  a  Zakelijke dienstverlening betekent dat bedrijven geen diensten verlenen aan consumenten, maar aan andere bedrijven

      b  ‘Vorig jaar’ was 2020 en dat was tijdens de coronalockdown. Veel bedrijven werkten toen minder. 2019 lijkt meer op 2021 en kun je dus beter vergelijken.

      c  De grafiek geeft aan wat de verandering van de omzet is in procenten ten opzichte van vorig jaar. In 2020 heeft de reisbranche heel weinig verdiend, omdat mensen thuis moesten blijven door corona. In percentage is het enorm gestegen, maar dat zegt niets over het totaalbedrag in euro’s.

27  d, de tabel


a (€ 30.000 + € 50.000) ÷ 365 = €219,18 per dag en dat is:

€ 219,18 ÷ 20 = € 10,96 per plek


      b  € 10,96 + € 2,50 = € 13,46

      c € 13,46 × 1,8 = € 24,23

d (€ 24,23+ € 4,00) × 62 dagen = € 1.750,26

Samen opgave 29

Bespreken opgaven:

31
31
32
33

wat klopt er niet aan opgave 32

???

Omzet € 540.000,-

Inkoopwaarde van de omzet € ,--

Brutowinst (0,6 x 540.000,-) € 324.000,-

Variabele kosten (0,12x540.000,-)€ 64.800,--

Constante kosten € 180.000,--

Nettowinst € 79.200,-




216.000

Van omzet naar nettowinst

Reflectie, terugkijken....


  • Wat heb je geleerd?​

  • Wat ging goed? ​

  • Wat moet je nog oefenen?​

​

Begrippen: zoek de lastige begrippen op in de leertekst ​

en bespreek deze met de docent.​

Vragen: welke vond je moeilijk?

​

Rekenen: welke rekenopgaven vind je moeilijk. bijvoorbeeld procenten kijk dan nog eens de site van docenteco.

​

Maak herhalingsopgaven van hetgeen je moeilijk vindt, antwoorden vind je in SOM

Succes met de toets

Vragen gedurende de week?

Stel deze via teams.