Geschiedenis 8.3 - democratisering

8.3 - Democratisering
8.3 - Democratisering
Duits parlement in de Pauluskerk in Frankfurt (1848)
1 / 46
next
Slide 1: Slide
GeschiedenisMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

This lesson contains 46 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

Report this lesson

Items in this lesson

8.3 - Democratisering
8.3 - Democratisering
Duits parlement in de Pauluskerk in Frankfurt (1848)

Slide 1 - Slide

De tijd van burgers en stoommachines
1800 - 1900
  • 8.1 - De industriële revolutie
  • 8.2 - Politiek-maatschappelijke stromingen
  • 8.3 - Democratisering 
  • 8.4 - De emancipatiebewegingen
Deze paragraaf over democratisering is onderdeel van tijdvak 8.

Slide 2 - Slide

Leerdoelen:
In deze les leer je...
  • hoe de democratie zich ontwikkelde in Nederland
  • hoe de democratie zich ontwikkelde in Groot-Brittannië
  • hoe de democratie zich ontwikkelde in Duitsland

Belangrijke begrippen:
-actief kiesrecht
-algemeen kiesrecht
-budgetrecht
-censuskiesrecht
-democratisering
-districtenstelsel
-parlementair stelsel
-passief kiesrecht
-premier

Slide 3 - Slide

Kenmerkend aspect
Voortschrijdende democratisering, met                                              deelname van steeds meer mannen en                                                      vrouwen aan het politieke proces.

Het algemeen kiesrecht was belangrijk voor de emancipatie van arbeiders.

Slide 4 - Slide

Welke regeringsvorm was er ook al weer in de westerse landen van Europa in het begin van de jaren 1800?
A
democratie
B
dictatuur
C
monarchie
D
oligarchie

Slide 5 - Quiz

Vooraf goed om te weten: waar staat het begrip 'democratisering' voor?
Kies het antwoord dat het beste past.
A
mensen die belasting betalen mogen zich verkiesbaar stellen
B
de uitbreiding van de democratie in westerse landen
C
regeringsvorm waarbij de rijke families meer macht krijgen
D
de tijd waarin feministen gaan pleiten voor kiesrecht

Slide 6 - Quiz

Koppeling KA vorig tijdvak
Kenmerkend aspect uit tijdvak 7, paragraaf 7.3. 
De democratische revoluties in westerse landen met als gevolg discussies over grondwetten, grondrechten en staatsburgerschap. 
-begin burgerrechten en invloed op het politieke bestuur
-revoluties en opstanden (bijv. Bataafse en Franse revolutie)
-grondwetten

Slide 7 - Slide

Koppeling KA vorig tijdvak
tijdvak 7
tijdvak 8
De bestorming van de bastille in 1489
Patriotten, bekend als de eerste democratische beweging in Nederland
Thorbecke: degene die de nieuwe grondwet schreef in de hoop dat de opstand in Nederland voorkomen zou worden

Slide 8 - Slide

Basis van deze les:
Democratisering is het streven naar politieke medezeggenschap.
Dus: mensen willen meepraten en invloed hebben op politieke besluiten.
Bron over feminisme: ook vrouwen willen stemmen!

Slide 9 - Slide

Congres van Wenen
  • 1813: Napoleon wordt verslagen 
  • Europa moet herverdeeld worden 
  • start Conferentie van Wenen met als doel de vrede te bewaren
  • Direct gevolg: Koninkrijk der Nederlanden 
  • Start van de Restauratie: conservatieve regeringen beheersen Europa
  • Verlichtingsidealen verdwijnen niet: verspreiding van het liberalisme en ontstaan van het socialisme 

Slide 10 - Slide

Nederland in 1815
  • constitutionele monarchie
  • volksvertegenwoordiging Staten-Generaal
  • macht van de koning was nog nauwelijks beperkt...

VERANDERING 1848

Slide 11 - Slide

Nederland in 1848
  • opstand in Parijs, maar nog niet in Nederland
  • economische problemen door Belgische onafhankelijkheid
  • Willem II wilde opstand voorkomen en schakelde Thorbecke  in om een nieuwe liberale grondwet te schrijven
  • Nederland kreeg hierdoor een parlementair stelsel waarbij de volksvertegenwoordiging de hoogste macht had
  • de minister-president had verantwoording over parlement

Slide 12 - Slide

Nederland in 1848
  • Nederland was nog geen democratie 
  • Alleen mannen die genoeg belasting betaalden mochten stemmen = censuskiesrecht, was maar één achtste  (12,5%) van alle mannen
  • grootste deel  bevolking  geen kiesrecht en was zeer ontevreden... 

Slide 13 - Slide

Zet de onderwerpen op de juiste plek. Kies uit voor 1848 of na 1848.
<b>Voor</b>
<b>Na</b>
ministeriële verantwoordelijkheid
censuskiesrecht
ontstaan liberalisme
parlementair stelsel
macht koning nauwelijks beperkt
Belgische onafhankelijkheid

Slide 14 - Drag question

Overige verloop Nederland
  • 1887: het kiesrecht werd voor het eerst uitgebreid. 14% van de mannen mocht nu stemmen
  • 1917: er kwam een algemeen mannenkiesrecht, vrouwen kregen passief kiesrecht
  • 1919: vrouwen kregen actief kiesrecht 
Vanaf dat jaar was Nederland een parlementaire democratie met algemeen kiesrecht.
passief kiesrecht
het recht om gekozen te worden

Slide 15 - Slide

Oorzaken democratisering
De industriële revolutie leidde tot veranderingen in de politiek: 
  • een enorme bevolkingsgroei en toename van de onderklasse: groeiende ongelijkheid
  • verspreiding van verlichtingsideeën via de industriële drukpers: mensen verspreidden het idee van de democratie sneller en meer 

Slide 16 - Slide

Slide 17 - Slide

Terug in de tijd - Groot Brittanië
"GLORIOUS  REVOLUTION"
  • 1688/1689
  • Jacobus II werd van de troon gestoten door schoonzoon Willem III 
  • Willem III onderwierp zich aan de macht van het parlement
  • ministers werden nog wel naar eigen inzicht benoemd/ontslagen

Slide 18 - Slide

Terug in de tijd - Groot Brittanië
In de praktijk hadden alleen rijke, protestantse mannen stemrecht. Van een moderne democratie was nog geen sprake. Dat veranderde in 1837...

Slide 19 - Slide

Victoria van het Verenigd Koninkrijk. De democratisering begon in 1837 bij haar!

Slide 20 - Slide

Groot Brittannië in 1837
  • Victoria
  • partij met de meeste stemmen bepaalde over ministers
  • districtenstelsel
kiesstelsel waarbij het land is verdeeld in districten die eigen kandidaten voor het parlement kiezen

Slide 21 - Slide

Hoe zag dit er uit?
  • het Hogerhuis bestond uit edelen die hun zetel geërfd hebben of door de koning werden benoemd
  • het Lagerhuis bestond uit gekozen vertegenwoordigers van de districten  

Slide 22 - Slide

Overige verloop Groot-Brittanië
  • uitbreidingen van het mannenkiesrecht in 1832 en 1867 
  • algemeen mannenkiesrecht 1918
  • 1928: ook vrouwen kregen stemrecht 

Slide 23 - Slide

Verloop democratisering Engeland

Slide 24 - Slide

Duitsland in 1848
  • Pruisen in 1848 -> geen grondwet
  • macht van de koning werd door niets beperkt
  • opstanden in Parijs -> koning gaf toe aan liberalen
  • belofte dat Pruisen een constitutionele monarchie zou worden en er één Duitsland zou komen

Slide 25 - Slide

Duitsland in 1848
  • bijeenkomst  nationale parlement met verschillende vorsten 
  • grondwet voor toekomstige Duitse natiestaat
  • parlement bood koning van Pruisen aan om keizer te worden
  • weigerde; hij wilde alleen keizer worden als andere Duitse vorsten hem dat vroegen

Slide 26 - Slide

Conflicten en veranderingen
  • Duitsland had vanaf 1850 een grondwet en een gekozen parlement
  • parlement ging over de uitgaven van de overheid -> budgetrecht 

Slide 27 - Slide

Conflicten en veranderingen
  • budgetrecht leidde tot conflicten tussen liberalen en de kanselier Bismarck
  • Bismarck wilde legeruitbreiding, liberalen wilden hiervoor niet betalen
  • gewonnen oorlogen leidden tot nationaal enthousiasme, waardoor veel liberalen Bismarck gingen steunen
  • gevolg: ontstaan grondwet met grote macht voor Bismarck

Slide 28 - Slide

Rijksdag
  • nieuwe Duitse constitutionele monarchie had de Rijksdag beperkte rechten
  • Rijksdag kon wetten tegenhouden, maar mocht zich niet bemoeien met het leger en buitenlandse politiek
Reichstag
Rijksdaggebouw

Slide 29 - Slide

Einde Duitsland
  • uiteindelijk kwam er een algemeen mannenkiesrecht
  • katholieke centrumpartij en SPD werden groter dan de conservatieve partij
  • macht bleef toch voor het grootste gedeelte in handen van de Pruisische adel
  • Duitsland werd een parlementaire democratie in 1919 toen het Duitse rijk een republiek werd met een nieuwe grondwet

Slide 30 - Slide

Wat heb je geleerd?
Hoe de democratie zich ontwikkelde in Nederland
- 1848, Thorbecke, parlementair stelsel, censuskiesrecht
Hoe de democratie zich ontwikkelde in Groot-Brittannië
- Victoria, districtenstelsel, Hogerhuis, Lagerhuis
Hoe de democratie zich ontwikkelde in Duitsland
- Pruisen, budgetrecht, Bismarck in conflict met liberalen, Rijksdag 

Slide 31 - Slide

"Voortschrijdende democratisering, met steeds meer deelname van mannen en vrouwen aan het politieke proces."
- verlichte burgers willen volkssoevereiniteit
- kiesrecht wordt ingevoerd
- uitbreiding 1: censuskiesrecht naar rijk én arm
- uitbreiding 2: van alleen man naar man én vrouw
Samenvattend

Slide 32 - Slide

Slide 33 - Video

Welke groepen passen er het beste bij het kenmerkende aspect "voortschrijdende democratisering, met deelname van steeds meer mannen en vrouwen aan het politieke proces"?
A
arbeiders en katholieken
B
vrouwen en confessionelen
C
arbeiders en vrouwen
D
vrouwen en kinderen

Slide 34 - Quiz

Wat is juist over het Congres van Wenen?
A
het congres is ontstaan omdat Napoleon zijn macht vergrootte
B
het congres is ontstaan omdat Napoleon was verslagen
C
nadat het congres uit de hand liep is Napoleon vermoord
D
het congres is ontstaan na de begrafenis van Napoleon om hem te herdenken

Slide 35 - Quiz

Waarom was 1848 voor de Nederlandse politiek een belangrijk jaar?

Slide 36 - Open question

Wat is tegenwoordig van belang om de democratisering te behouden?

Slide 37 - Open question

Waarom deed de koning van Pruisen in 1848? Noem ook één van die beloften.

Slide 38 - Open question

Waaruit bestaat het Hogerhuis in de tijd van Victoria van het Verenigd Koninkrijk?
A
de gekozen ministers en staatssecretarissen
B
edelen die door de koning aangesteld werden of die hun zetel hebben geërfd
C
wethouders en bestuurders van districten
D
belangrijke voorzitters van gilden en democratische verenigingen

Slide 39 - Quiz

1848
1850
1919
1928
Thorbecke herschreef de grondwet
Pruisen kreeg een gekozen parlement
vrouwen mochten stemmen in Engeland
er was in Nederland een algemeen kiesrecht

Slide 40 - Drag question

Zie volgende slide voor de vraag

Slide 41 - Slide

Leg uit hoe op de bron te zien is dat Nederland in 1900 een parlementair stelsel had.

Slide 42 - Open question

Gebruik de bron op de volgende slide. Macaulay vreest voor chaos door de voortschrijdende democratisering. Geef voor de bewering een argument met verwijzing naar de bron.

Slide 43 - Open question

Slide 44 - Slide

Probeer uit te leggen hoe je kennis over democratisering is toegenomen/bijgesteld op de democratie van vandaag.

Slide 45 - Open question

Gemaakt door: Sem Veldman, Vincent Mondria, Gerjon Koster
Dit was de uitleg over 8.3

Slide 46 - Slide