This lesson contains 14 slides, with interactive quizzes and text slides.
Report this lesson
Items in this lesson
Hoe spreek je de ander aan op het werk?
Slide 1 - Slide
Spreek je op het werk iedereen op dezelfde manier aan? Waarom wel/niet?
Slide 2 - Open question
Jan roept in de refter naar zijn baas: "Hey Piet, eet jij nu weeral frietjes? Zo zal je nooit afvallen!" De baas kijkt boos en zegt niets terug. Waarom?
Slide 3 - Open question
Welke mensen spreek jij aan met de u-vorm?
Slide 4 - Open question
Hoe spreek je iemand aan die je niet kent?
Slide 5 - Open question
Spreek je ouderen altijd aan met u?
Slide 6 - Open question
Ik begrijp het niet.
A
Tegen de baas.
B
Tegen een collega.
C
Kan tegen allebei.
D
Kan tegen geen van beiden.
Slide 7 - Quiz
Alles kits?
A
Tegen de baas.
B
Tegen een collega.
C
Tegen allebei.
D
Tegen geen van beiden.
Slide 8 - Quiz
Weet ik veel.
A
Tegen de baas.
B
Tegen een collega.
C
Tegen allebei.
D
Tegen geen van beiden.
Slide 9 - Quiz
Ciao!
A
Tegen de baas.
B
Tegen een collega.
C
Tegen allebei.
D
Tegen geen van beiden.
Slide 10 - Quiz
Wilt u dat herhalen?
A
Tegen de baas.
B
Tegen een collega.
C
Tegen allebei.
D
Tegen geen van beiden.
Slide 11 - Quiz
Iemand aanspreken op een correcte manier?
Er zijn geen regels rond.
Afhankelijk van
- de werkplek;
- hoe lang je er werkt;
- relatie tot collega/baas.
Slide 12 - Slide
Maar… spreek iemand altijd op een vriendelijke en beleefde manier aan.
Het is beter dat iemand denkt: “Wat een goede manieren!!” Dan… “Wat een grote mond!!”