3V Na 2.4

3V Natuurkunde
J. Thijssen
Natuurkunde
Welkom bij Natuurkunde
Pak je laptop er alvast bij
1 / 24
next
Slide 1: Slide
NaskMiddelbare schoolmavoLeerjaar 3

This lesson contains 24 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

3V Natuurkunde
J. Thijssen
Natuurkunde
Welkom bij Natuurkunde
Pak je laptop er alvast bij

Slide 1 - Slide

Kijken wat we nog weten

Vorige les hebben we het gehad over Resulterende kracht

Kijken wat er nog is blijven hangen

Slide 2 - Slide

Wat is de resulterende kracht?
A
De kracht van zwaartekracht
B
De som van alle krachten
C
De kracht die een object stopt

Slide 3 - Quiz

Wat betekent het als krachten in evenwicht zijn?
A
Krachten zijn altijd ongelijk
B
Resultante kracht is nul
C
Krachten zijn altijd gelijk

Slide 4 - Quiz

Wat doen we vandaag?
Paragraaf 2.4
In 2.4 gaan wehet hebben over Kracht en versnelling

Slide 5 - Slide

H2 Kracht en Beweging
Krachten kunnen effect hebben op een voorwerp.

Slide 6 - Slide

H2 Kracht en Beweging
Krachten kunnen effect hebben op een voorwerp.
1 van die effecten is de snelheid veranderen.


Slide 7 - Slide

H2 Kracht en Beweging
Krachten kunnen effect hebben op een voorwerp.
1 van die effecten is de snelheid veranderen.

Hierdoor gaat een voorwerp dus versnellen
en krijgt het een versnelling

Slide 8 - Slide

H2 Kracht en Beweging
Krachten kunnen effect hebben op een voorwerp.
1 van die effecten is de snelheid veranderen.

Hierdoor gaat een voorwerp dus versnellen
en krijgt het een versnelling

Slide 9 - Slide

H2 Kracht en Beweging
Dit kon op 3 manieren.




Wat gebeurt er met de beweging van de trein?

Slide 10 - Slide

H2 Kracht en Beweging
De kracht die op een voorwerp werkt kan er dus voor zorgen dat de trein gaat versnellen.




Slide 11 - Slide

H2 Kracht en Beweging
De kracht die op een voorwerp werkt kan er dus voor zorgen dat de trein gaat versnellen.

Hoeveel er versnelt wordt heeft alles te maken met hoe zwaar het voorwerp is.


Slide 12 - Slide

H2 Kracht en Beweging
De kracht die op een voorwerp werkt kan er dus voor zorgen dat de trein gaat versnellen.

Hoeveel er versnelt wordt heeft alles te maken met hoe zwaar het voorwerp is.
Is een voorwerp heel zwaar, dan versnelt het niet heel veel.
Is het voorwerp heel licht, dan is de versnelling juist heel groot.

Slide 13 - Slide

H2 Kracht en Beweging
De kracht die op een voorwerp werkt kan er dus voor zorgen dat de trein gaat versnellen.

Hoeveel er versnelt wordt heeft alles te maken met hoe zwaar het voorwerp is.
Is een voorwerp heel zwaar, dan versnelt het niet heel veel.
Is het voorwerp heel licht, dan is de versnelling juist heel groot.
Dit noemen ze omgekeerd evenredig

Slide 14 - Slide

H2 Kracht en Beweging
Dat komt allemaal samen in de volgende formule



Slide 15 - Slide

H2 Kracht en Beweging
Dat komt allemaal samen in de volgende formule

De formule is op meerdere manieren te gebruiken.


Slide 16 - Slide

H2 Kracht en Beweging
Dat komt allemaal samen in de volgende formule

De formule is op meerdere manieren te gebruiken.

Zo kan ik de kracht uitrekenen
Maar ook de massa van een voorwerp of de versnelling daarvan.

Slide 17 - Slide

H2 Kracht en Beweging
Dat komt allemaal samen in de volgende formule

De formule is op meerdere manieren te gebruiken.

Zo kan ik de kracht uitrekenen
Maar ook de massa van een voorwerp of de versnelling daarvan.

Je moet formules dus ook kunnen omschrijven.

Slide 18 - Slide

H2 Kracht en Beweging
Bij een beweging hebben we te maken met weerstand.


Slide 19 - Slide

H2 Kracht en Beweging
Bij een beweging hebben we te maken met weerstand.
Vanuit het boek komen 2 voorbeelden, namelijk rolweerstand en luchtweerstand.


Slide 20 - Slide

H2 Kracht en Beweging
Bij een beweging hebben we te maken met weerstand.
Vanuit het boek komen 2 voorbeelden, namelijk rolweerstand en luchtweerstand.
De rolweerstand wordt beïnvloed door de hardheid
 van de banden of ondergrond.

Slide 21 - Slide

H2 Kracht en Beweging
Bij een beweging hebben we te maken met weerstand.
Vanuit het boek komen 2 voorbeelden, namelijk rolweerstand en luchtweerstand.
De rolweerstand wordt beïnvloed door de hardheid
 van de banden of ondergrond.

De luchtweerstand door het oppervlak 
waar de lucht op botst

Slide 22 - Slide

H2 Kracht en Beweging
Bij een beweging hebben we te maken met weerstand.
Vanuit het boek komen 2 voorbeelden, namelijk rolweerstand en luchtweerstand.
De rolweerstand wordt beïnvloed door de hardheid
 van de banden of ondergrond.

De luchtweerstand door het oppervlak 
waar de lucht op botst

Slide 23 - Slide

H2 Kracht en beweging
En nu?

Maak opdracht 34, 35, 36, 38, 39 en 43

Heb je vragen?
Steek je vinger op

Slide 24 - Slide