Oefenvragen Energiesystemen van de Mens, Albeda Sportcollege

Capaciteit
Vermogen<div><br></div>
Zo lang mogelijk doorlopen.
Zo snel mogelijk de maximale snelheid behalen.
De totale voorraad aan energierijke stoffen.

Power, explosiviteit, paardenkracht.
De volhoudtijd van de sporter.
Anaeroob a-lactisch.
Aeroob.
1 / 21
next
Slide 1: Drag question
tlkMBOStudiejaar 2

This lesson contains 21 slides, with interactive quizzes.

Report this lesson

Items in this lesson

Capaciteit
Vermogen<div><br></div>
Zo lang mogelijk doorlopen.
Zo snel mogelijk de maximale snelheid behalen.
De totale voorraad aan energierijke stoffen.

Power, explosiviteit, paardenkracht.
De volhoudtijd van de sporter.
Anaeroob a-lactisch.
Aeroob.

Slide 1 - Drag question


Wat is de 'brandstof' van onze spieren?
A
Adenosinetrifosfaat (ATP).
B
Adenosinedifosfaat (ADP).
C
Creatinefosfaat (CP).
D
Calcium.

Slide 2 - Quiz


Welk systeem heeft een ZEER GROOT VERMOGEN?
A
Anaeroob a-lactisch systeem.
B
Anaeroob lactisch systeem.
C
Aeroob systeem.
D
Aeroob lactisch systeem.

Slide 3 - Quiz

Anaeroob a-lactisch systeem.
Anaeroob-lactisch systeem
Aeroob systeem.
Fosfaatsysteem.
Melkzuursyteem.
Zuurstofsysteem.
Veel vermogen, weinig capaciteit.
Weinig vermogen, veel capaciteit.
Energie:
ATP > 5 seconden.
CP > 20 seconden.

Lactaatvorming, melkzuur, verzuren.

Koolhydraat en vetverbranding.


Hartslag (HF) mogelijk tot maximaal.


Slide 4 - Drag question


Welke tank is het snelst op?
A
Zuurstoftank.
B
Melkzuurtank.
C
ATP-tank.
D
CP-tank.

Slide 5 - Quiz


Benoem vijf sporten die vallen onder het Anaeroob-lactische systeem.

Slide 6 - Open question


Wat is waar over het Anaeroob lactische systeem?
A
Het is direct beschikbaar.
B
Het systeem is hersteld na +/- 2 min.
C
Het heeft een lage capaciteit.
D
De capaciteit is beperkt, vermogen is hoog.

Slide 7 - Quiz


Welk energiesysteem is direct beschikbaar middels ATP en CP?
A
Anaeroob-lactische systeem.
B
Aerobe systeem.
C
Anaeroob a-lactische systeem.

Slide 8 - Quiz


Wat is anaerobe verbranding?
A
Verbranding met O2.
B
Verbranding zonder O2.
C
Verbranding met CO2.
D
Verbranding met D2.

Slide 9 - Quiz

Bij het melkzuursysteem zit er
één
groot nadeel, wat is dat nadeel?
A
Het verbruik van suikers.
B
Het verbruik van O2.
C
De vorming van melkzuur.
D
De vorming van vitamine B2.

Slide 10 - Quiz

Als je één minuut lang tikker bent,
hoe lang moet je dan rusten om de CP-tank weer vol te krijgen?
A
60 seconden.
B
90 seconden.
C
45 minuten.
D
2 minuten.

Slide 11 - Quiz


Wat is de capaciteit van het melkzuursysteem?
A
0 tot 20 seconden.
B
20 seconden tot 2 minuten.
C
2 minuten tot oneindig.

Slide 12 - Quiz


Wat bedoelen we met de vakterm 'Capaciteit'
A
Hoeveel kracht/snelheid je kan leveren.
B
Hoe lang je iets kan volhouden.
C
Hoe groot iets is.
D
De pk's van je auto.

Slide 13 - Quiz


Wanneer ga je verzuren?
A
Zodra je melkzuur aanmaakt.
B
Zodra je meer melkzuur aanmaakt dan je kunt afvoeren.
C
Zodra je te weinig zuurstof opneemt.
D
Op het moment dat je de maximale hartslag bereikt.

Slide 14 - Quiz


Het lichaam is NIET in staat om ADP om te zetten in ATP.
A
Juist .
B
Onjuist.

Slide 15 - Quiz


Wat bepaald welk energiesysteem je gebruikt bij een inspanning?
A
Tijd (duur).
B
Intensiteit.
C
Kracht.
D
De spieren die gebruikt worden.

Slide 16 - Quiz

Bij welk energiesysteem ontstaat voelbaar lactaat?
A
Aeroob.
B
Anaeroob lactisch .
C
Anaeroob a-lactisch.
D
Aeroob lactisch.

Slide 17 - Quiz


Welk energiesysteem is dominant bij het volgende onderdeel:
100m Sprint.
A
Anaeroob lactisch.
B
Aeroob.
C
Aeroob lactisch.
D
Anaeroob a-lactisch.

Slide 18 - Quiz


Welke energiesysteem is dominant bij het volgende onderdeel:
Marathon
A
Anaeroob lactish.
B
Anaeroob a-lactisch.
C
Aeroob.
D
Aeroob lactisch.

Slide 19 - Quiz


Wanneer een inspanning boven de aerobe drempel is....
A
Kan lactaat minder snel verwerkt dan dat dit aangemaakt word.
B
Verband je alleen maar vetten.
C
Stap je geleidelijk over van een verbranding van vetten naar koolhydraten.
D
Verzuren de spieren.

Slide 20 - Quiz


Bij welke onderdeel speelt zowel het anaeroob-lactische en het aeroob systeem een grote rol bij het leveren van een prestatie?
A
5km hardlopen.
B
110m hordes.
C
Marathon.
D
Kogelstoten.

Slide 21 - Quiz