Bloedtransfusie

Bloedtransfusie
PdJ
1 / 37
next
Slide 1: Slide
Verpleging en verzorgingMBOStudiejaar 1

This lesson contains 37 slides, with interactive quizzes, text slides and 2 videos.

time-iconLesson duration is: 60 min
Report this lesson

Items in this lesson

Bloedtransfusie
PdJ

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Hoe zit je er aan het begin van deze les bij?
😒🙁😐🙂😃

Slide 2 - Poll

This item has no instructions

Wat weet je nog van de vorige les?

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Aan het eind van de les kun je vertellen:
  • Wat is de functie en samenstelling van het bloed
  • welke bloedgroepen zijn er
  • Wat indicaties zijn voor een bloedtransfusie
  • Wat de aandachtspunten zijn bij een bloedtransfusie

  • Wat zijn je eigen leervragen over bloedtransfusie?

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Wat weet je al van bloedtransfusies?

Slide 5 - Mind map

This item has no instructions

6

Slide 6 - Video

This item has no instructions

Samenstelling bloed
.

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Volledig bloedbeeld
  • Hb: hemoglobine, b Eiwit met ijzer dat zuurstof bindt aan erytrocyten.
  • Ht = hematocriet, Verhouding tussen bloedcellen en bloedplasma (normaal ~45%).

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

00:10
Wat is de functie van de rode bloedcellen?
A
Afweer
B
Bloedstolling
C
Transport voedingsstoffen
D
Zuurstoftransport

Slide 9 - Quiz

This item has no instructions

00:17
Wat is de functie van de witte bloedcellen?
A
Afweer
B
Bloedstolling
C
Transport voedingsstoffen
D
Zuurstoftransport

Slide 10 - Quiz

This item has no instructions

00:24
Wat is de functie van de bloedplaatjes?
A
Afweer
B
Bloedstolling
C
Transport voedingsstoffen
D
Zuurstoftransport

Slide 11 - Quiz

This item has no instructions

00:31
Wat is de functie van het bloedplasma?
A
Afweer
B
Bloedstolling
C
Transport voedingsstoffen
D
Zuurstoftransport

Slide 12 - Quiz

This item has no instructions

00:54
Rode bloedcellen
Witte bloedcellen
Bloedplaatjes
Leucocyten
Trombocyten
Erytrocyten

Slide 13 - Drag question

This item has no instructions

02:15
Wat is het grootste percentage witte bloedcellen?
A
Basofiele granulocyten
B
Lymfocyten
C
Neutrofiele granulocyten
D
Monocyten

Slide 14 - Quiz

This item has no instructions

Wanneer vond de eerste bloedtransfusie plaats van mens op mens?
A
1665
B
1827
C
1930
D
1995

Slide 15 - Quiz

This item has no instructions

Geschiedenis

Slide 16 - Slide

This item has no instructions

Wat zijn indicaties voor een bloedtransfusie?

Slide 17 - Mind map

Acuut of chronisch bloedverlies
Post-operatief
Beenmergaandoeningen
Verhoogde afbraak, bv sikkelcelanemie
Trombo's bij stollingsstoornissen, bv hemofilie
Indicaties bloedtransfusie 4-5-6 regel
  • Hb < 4 mmol/l, eerder gezond < 60 jaar
  • Hb < 6 mmol/l, co-morbiditeit
  • Hb < 5 mmol/l, overige patiënten

Slide 18 - Slide

This item has no instructions

Bloedgroepen
Bloedtransfusie
Rhesusfactor positief 85% van de mensen

Slide 19 - Slide

De rhesusfactor (Rh) is een eiwit dat op de oppervlakte van de rode bloedcellen kan zitten en daarmee je bloedgroep bepaalt. Als de rhesusfactor op je rode bloedcellen zit, ben je rhesus positief. Dit is het geval bij 85% van de mensen. Als de factor ontbreekt, ben je rhesus negatief. Dit is bij de andere 15% van de mensen het geval.
Als een patiënt met een negatieve rhesusfactor via een transfusie bloed ontvangt van een donor met een positieve rhesusfactor, maakt het immuunsysteem van de patiënt antistoffen aan, omdat het lichaam niet gewend is aan de aanwezigheid van de rhesusfactor. Hierdoor ontstaat een afweerreactie en wordt het nieuwe bloed afgebroken. Deze reactie kan levensbedreigend zijn. Daarom moet een rhesus negatieve patiënt altijd ook rhesus negatief bloed krijgen
4

Slide 20 - Video

This item has no instructions

02:36
Welke bloedgroep is de universele donor en kan je aan iedereen toedienen?
A
AB+
B
AB-
C
O+
D
O-

Slide 21 - Quiz

This item has no instructions

03:22
Welke bloedgroep is de universele ontvanger en kan alle bloedgroepen krijgen?
A
AB+
B
AB-
C
O+
D
O-

Slide 22 - Quiz

This item has no instructions

03:22
 Bloedgroepen – hoe werkt het?
Je bloedgroep wordt bepaald door 2 dingen:

1. ABO-systeem

Dit gaat over stofjes (antigenen)op je rode bloedcellen:

A→ heeft A-antigenen
B→ heeft B-antigenen
AB → heeft A en B
O→ heeft geen antigenen

In je bloed zitten ook antistoffen (afweer):
 A → tegen B
B → tegen A
 O → tegen A én B
AB → geen antistoffen
 je lichaam valt aan wat het niet herkent.

2. Rhesusfactor (Rh)

Rh+ (positief) → heeft extra eiwit
Rh− (negatief)→ heeft dat niet
 Rh− kan niet zomaar Rh+ krijgen**

---Bloedtransfusie – wat mag wel/niet?
Belangrijkste regel:

Je mag geen bloed krijgen waar jouw lichaam antistoffen tegen heeft




Slide 23 - Slide

This item has no instructions

03:22

 Overzicht

| Bloedgroep | Mag krijgen van |

| O−| alleen O− |
|O+ | O−, O+ |
| A− | O−, A− |
| A+ | O−, O+, A−, A+ |
| B− | O−, B− |
| B+ | O−, O+, B−, B+ |
| AB−| O−, A−, B−, AB− |
| AB+| iedereen |

Handige ezelsbrug
O− = universele donor (kan aan iedereen geven)
AB+ = universele ontvanger  (kan van iedereen krijgen)



## ⚠️ Waarom is dit belangrijk?

Als je **verkeerd bloed krijgt**:

* je lichaam valt het aan
* rode bloedcellen klonteren samen
* dit kan **levensgevaarlijk** zijn

---

## 🧠 Kort samengevat

* Je bloedgroep = A, B, AB of O + Rh + of −
* Je lichaam accepteert alleen “bekend” bloed
* Verkeerde combinatie = afweerreactie

---

Als je wilt, kan ik dit ook omzetten in een **lesplaat / PowerPoint voor je klas** 👍

**Zekerheid: 99%**

Waarom is dit belangrijk?

Als je verkeerd bloed krijgt:

Je lichaam valt het aan
 rode bloedcellen klonteren samen
dit kan levensgevaarlijk zijn

 Kort samengevat

Je bloedgroep = A, B, AB of O + Rh + of −

Je lichaam accepteert alleen “bekend” bloed
Verkeerde combinatie = afweerreactie

Slide 24 - Slide

This item has no instructions

Kruisproef
Laboratoriumtest:
  • Bij elkaar voegen van serum van
    patiënt (ontvanger) met rode
    bloedcellen van de donor
  • Positieve kruisproef (klontering): geen bloedtransfusie.

Slide 25 - Slide

This item has no instructions

Soorten bloedtransfusie
  • Autoloog: pre-operatief eigen bloed afnemen en post-operatief teruggeven
  • Erytrocytenconcentraat, bij anemie
  • Trombocytenconcentraat, bij stollingsproblemen
  • Plasma: bij brandwonden, shock, bloedgroep niet van belang.

Slide 26 - Slide

This item has no instructions

Slide 27 - Slide

NaCl op driewegkraan dicht = noodlijn, in geval van transfusiereactie; loodrecht op de driewegkraan

Algemene Aandachtspunten bloedtransfusie
  • Controle voor toediening
  • Bloedproduct koel bewaren tot 6 uur na aanprikken toedienen 
  • Infuuscanule moet dik genoeg zijn, of centraal infuus
  • 2e infuus met NaCl 0,9%
  • Vitale functies troleren, voor, 10 min. na start en na 
  • Eerste 10 min. max. 20 ml bloed toedienen
  • Observeren op transfusiereacties (shock, koorts, huiduitslag)
  • Voor en na transfusie 30 min. spoelen met NaCl 0,9%.

Slide 28 - Slide

This item has no instructions

Slide 29 - Slide

This item has no instructions

Welk soort bloedtransfusie krijgt iemand met sikkelcelanemie?
A
Autologe transfusie
B
Erytrocyten-concentraat
C
Plasma
D
Trombocyten-concentraat

Slide 30 - Quiz

This item has no instructions

Welk soort bloedtransfusie krijgt iemand met hemofilie?
A
Autologe transfusie
B
Erytrocyten-concentraat
C
Plasma
D
Trombocyten-concentraat

Slide 31 - Quiz

This item has no instructions

Welk soort bloedtransfusie krijgt iemand met brandwonden?
A
Autologe transfusie
B
Erytrocyten-concentraat
C
Plasma
D
Trombocyten-concentraat

Slide 32 - Quiz

This item has no instructions

Welk soort bloedtransfusie krijgt iemand na een geplande operatie?
A
Autologe transfusie
B
Erytrocyten-concentraat
C
Plasma
D
Trombocyten-concentraat

Slide 33 - Quiz

This item has no instructions

Wat heb je geleerd over bloedtransfusies?

Slide 34 - Mind map

This item has no instructions

tijd voor wat termen
quizlet

Slide 35 - Slide

This item has no instructions

Vertel in eigen woorden:
  • Wat is de functie en samenstelling van het bloed
  • welke bloedgroepen zijn er
  • Wat indicaties zijn voor een bloedtransfusie
  • Wat de aandachtspunten zijn bij een
    bloedtransfusie

  • Wat zijn je eigen leervragen over bloedtransfusie?

Slide 36 - Slide

This item has no instructions

Welk cijfer geef je deze les?
110

Slide 37 - Poll

This item has no instructions