H5 Prijsberekening

  • Bereken de volgende kosten:
  • grondstof kosten
  • manuren
  • overige fabricagekosten
1 / 48
next
Slide 1: Slide
calculatiesMBOStudiejaar 2

This lesson contains 48 slides, with text slides.

Items in this lesson

  • Bereken de volgende kosten:
  • grondstof kosten
  • manuren
  • overige fabricagekosten

Slide 1 - Slide

Prijsberekening

Slide 2 - Slide

Hoe kom je aan een verkoopprijs????

De verkoopprijs is de prijs die jouw klanten uiteindelijk aan jou betalen.

De verkoopprijs bestaat uit de commerciele kostprijs + een winstmarge

De commerciele kostprijs bestaat uit fabricagekosten en verkoopkosten

Slide 3 - Slide

En nu verder invullen:

Slide 4 - Slide

Slide 5 - Slide

Slide 6 - Slide

Slide 7 - Slide

Maken opgave 4 en 5!!

Slide 8 - Slide

Slide 9 - Slide

(€ 1.416.000/ 240.000 = € 5,90)
(€ 280 / 100 x 10 = € 2,80)

Slide 10 - Slide

Integrale kostprijs
= STANDAARD KOSTPRIJS
C /N + V / W

Slide 11 - Slide

Noteer de betekenis van de volgende woorden:
- normale productie:
- indirecte productiekosten:
- directe productiekosten:
- proportioneel variabel:

Slide 12 - Slide

Formule constante kosten per artikel: C / N
a. Bereken de constante kosten per stuk van de armband lexi

Slide 13 - Slide

a. Bereken de constante kosten per stuk van de armband lexi

Slide 14 - Slide

Formule variabele kosten per artikel: V / W
b. Bereken de variabele kosten per stuk voor de armband Lexi

Slide 15 - Slide

b. Bereken de variabele kosten per stuk voor de armband Lexi

Slide 16 - Slide

Formule integrale kostprijs: 
constante kosten + variabele kosten
c. Bereken de integrale kostprijs van de armband Lexi

Slide 17 - Slide

Slide 18 - Slide

Formule integrale kostprijs: 
constante kosten + variabele kosten
c. Bereken de integrale kostprijs van de armband Lexi
Opgave 17 t/m 22 maken!!

Slide 19 - Slide

Slide 20 - Slide

Slide 21 - Slide

Slide 22 - Slide

Slide 23 - Slide

Slide 24 - Slide

En nu ook nog het bezettingsresultaat.....

( W-N ) x C/N

Slide 25 - Slide

Slide 26 - Slide

Verkoopprijs: € 90 + 35% = € 1,22

Slide 27 - Slide

Verkoopprijs: € 90 + 35% = € 1,22

Slide 28 - Slide

Slide 29 - Slide

Slide 30 - Slide

Primitieve opslagmethode
Andere manier van berekenen van de indirecte kosten

Slide 31 - Slide

De indirecte kosten worden uitgedrukt in een percentage van de directe kosten oftewel:
De indirecte kosten moeten gedeeld worden door de directe kosten x 100%

Slide 32 - Slide

Voorbeeld:
De directe kosten zijn € 10,00 bereken nu de kostprijs

Kostprijs = directe  + indirecte kosten

Kostprijs =  € 10,00 + 41,7% = € 14,17!!

Slide 33 - Slide

Slide 34 - Slide

Zelf maken opgave:
30 en 31!

Slide 35 - Slide

Wat is de formule van de integrale kostprijsmethode????

Slide 36 - Slide

C/N + V/W!!!!!
We gaan nu de constante kosten en de variabele kosten uitdrukken als opslagpercentages van de normale en werkelijke omzet 

Slide 37 - Slide

Slide 38 - Slide

Slide 39 - Slide

De differentiele kostprijs is een afwijkende kostprijs omdat de constante kosten al zijn terugverdiend

Slide 40 - Slide

  32,52
104,52

Slide 41 - Slide

Zelf maken opgaven:
41, 42 en 43

Slide 42 - Slide

Slide 43 - Slide

Slide 44 - Slide

Slide 45 - Slide

Slide 46 - Slide

Slide 47 - Slide

Slide 48 - Slide