Stage week 4
Stage week 4
Open de les als een rustige terugblik op de eerste ervaringen. Leg uit dat deze les hoort bij LOB: nadenken over werk, jezelf leren kennen en je stage goed organiseren.
Lesdoel
Ik vertellen welke werkzaamheden ik heb gedaan.
Ik kan mijn urenlijst invullen.
Ik kan vragen van andere beantwoorden over mijn stage
Ik weet hoe ik in mijn stagemap moet werken
ik weet wat ik bij opdracht 1 moet doen.
This item has no instructions
lesplanning
Wat heb je op stage gedaan? invullen op formulier
invullen urenlijst
uitdelen en uitleg stagemap
uitleg opdracht 1 en datum opdracht 1 af
speeddaten over ieders stage
This item has no instructions
Schrijf 1 woord over stagedagen
(DDU)
Gebruik de woordenwolk als rustige start. Vraag daarna kort door: waarom koos je dat woord? Verwachte woorden: leuk, spannend, moe, nieuw, lastig, gezellig.
Leren van ervaring
Een stage helpt je ontdekken:
wat je al kunt
wat je nog wilt oefenen
welk werk je leuk vindt
wat bij jou past
Welke werkzaamheden ik je afgelopen dagen mogen doen?
Koppel dit duidelijk aan LOB: de stage is niet alleen uitvoeren, maar ook ontdekken wat bij je past.
Wat heb je al geleerd?
Op stage leer je vaak meteen in de praktijk.
Bijvoorbeeld:
hoe een taak moet
hoe je met mensen omgaat
hoe je afspraken volgt
hoe je hulp vraagt
Wat heb je geleerd?
Noem dat leren op stage niet alleen over werk gaat, maar ook over houding: luisteren, samenwerken, verantwoordelijkheid nemen.
Wat vond je het leukst?
Leuke ervaringen kunnen zijn:
een taak die goed lukte
vriendelijk contact met mensen
iets nieuws mogen proberen
merken dat je nodig bent
Wat vond je het leukst?
Help leerlingen het verband te zien tussen plezier en loopbaanoriëntatie: wat energie geeft, kan passen bij toekomstige keuzes.
Wat was misschien niet leuk?
Niet alles hoeft meteen fijn te zijn.
Soms is iets lastig, zoals:
lang moeten wachten
onduidelijke uitleg
spannend contact met anderen
werk dat niet bij je past
Wat vond je niet leuk?
Normaliseer moeilijke ervaringen. Maak duidelijk dat ‘niet leuk’ waardevolle informatie geeft over ondersteuningsbehoeften en voorkeuren.
Opdrachten in de stagemap
Vandaag krijgen jullie uitleg over opdracht 1.
Ook krijg je te horen wanneer deze af moet zijn.
Maar eerst vullen we weer de uren in
De stagemap helpt om:
informatie te bewaren
afspraken terug te vinden
je stage te volgen
te laten zien wat je doet en leert
Leg uit dat de stagemap een werkmap én bewijsmap is. Maak de koppeling met overzicht en verantwoordelijkheid.
Urenlijst .
De urenlijst vul je in zodat het duidelijk is voor
iedereen ( jij, school en stage) wanneer je wel
of niet op je stage bent.
De informatie moet netjes en volledig zijn.
Noem alleen gegevens die zeker passen bij ‘eerste gegevens’ en vermijd te veel detail. De precieze invulling kan per stagemap verschillen.
Opdracht 1.
Opdracht 1 helpt jou je collega's beter te leren
kennen.
De informatie moet netjes en volledig zijn.
Noem alleen gegevens die zeker passen bij ‘eerste gegevens’ en vermijd te veel detail. De precieze invulling kan per stagemap verschillen.
Netjes en zorgvuldig werken
Bij het invullen van je stagemap is het belangrijk dat je:
duidelijk schrijft
niets vergeet
de juiste gegevens gebruikt
documenten op de goede plek bewaart
Zo blijft je stagemap overzichtelijk.
Benadruk werkhouding: zorgvuldig werken aan de map is ook onderdeel van stagevaardigheden.
Digitale geletterdheid en stage
Bij de les "Digitale geletterdheid" wordt er een map stage gemaakt.
In de map komt alle informatie over je stage.
Ook komen de verslagen erin en presentaties.
Dat wat je zonet hebt opgeschreven over je stage moet in een document in je one-drive.
This item has no instructions
Woordenlijst
stage - leren en werken bij een bedrijf of organisatie
stageplek - de plaats waar je stage loopt
stagemap - map met informatie en papieren van je stage
portfoliomap - map waarin je belangrijke documenten bewaart
contract - papier met afspraken
begeleider - persoon die je helpt op stage
ervaring - wat je hebt meegemaakt
This item has no instructions