Beeld en opmaak (Nederlands vmbo), les 1: Uitleg

Voorpagina van het Haarlems Dagblad met een grote foto en een kop

EXAMENSTOF NEDERLANDS · LEESVAARDIGHEID · OPMAAK

Beeld en opmaak

Examenstof Nederlands vmbo

1 / 22
next
Slide 1: Slide
New lesson editorNederlandsMiddelbare schoolvmboLeerjaar 3,4

This lesson contains 22 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min
Report this lesson

Introduction

Uitleg over beeld en opmaak: titel, tussenkopjes, alinea's, illustraties met bijschrift, lettertypes, schema's en hyperlinks. Met drie korte teksten en 6 checks. Voor leesvaardigheid vmbo (NE/K/6).

Items in this lesson

Voorpagina van het Haarlems Dagblad met een grote foto en een kop

EXAMENSTOF NEDERLANDS · LEESVAARDIGHEID · OPMAAK

Beeld en opmaak

Examenstof Nederlands vmbo

Les 1 van 3: uitleg. Les 2 is de examentraining, les 3 de terugblik met quiz. Syllabus: NE/K/6, eindterm 3 (functie van beeld en opmaak: titel, tussenkopjes, illustraties, lettertypes, tekst- en alinea-indeling) en tekstsoorten (schema's en schematische informatie, teksten van internet met doorklikpunten). Image credit: Cees de Boer / Noord-Hollands Archief via Wikimedia Commons, CC0

EXAMENSTOF NEDERLANDS · LEESVAARDIGHEID · OPMAAK

Wat ga je kunnen?

Ik kan zeggen wat een titel, tussenkopje, foto, lettertype, schema of hyperlink in een tekst doet.

This item has no instructions

Waar kijk je naar bij een tekst, nog voordat je gaat lezen?

Verwacht: de titel, plaatjes, dikke letters, de kopjes, hoe lang de tekst is. Zet de woorden op het bord: samen heet dat de opmaak. Veelgemaakte fout: denken dat opmaak er alleen is om de tekst mooi te maken. Opmaak helpt de lezer om de tekst te begrijpen en snel iets te vinden.

Voorpagina van het Haarlems Dagblad met een grote foto en een kop

EXAMENSTOF NEDERLANDS · LEESVAARDIGHEID · OPMAAK

Wat is opmaak?

  • De opmaak is hoe een tekst eruitziet: titel, kopjes, letters en plaatjes.

  • Opmaak helpt je om snel te zien waar de tekst over gaat.

  • Op het examen vragen ze: wat is de functie van dit onderdeel?

  • Functie betekent: wat doet dit onderdeel voor de lezer?

Syllabus NE/K/6, eindterm 3: de functie van beeld en opmaak in een tekst herkennen (titel, tussenkopjes, illustraties, lettertypes, tekst- en alinea-indeling). Dit geldt voor BB, KB en GT. Veelgemaakte fout: antwoorden 'het ziet er mooi uit'. Een goed antwoord zegt wat het onderdeel voor de lezer doet. Image credit: Cees de Boer / Noord-Hollands Archief via Wikimedia Commons, CC0

EXAMENSTOF NEDERLANDS · LEESVAARDIGHEID · OPMAAK

Titel, kopjes en alinea's

  • De titel zegt waar de hele tekst over gaat.

  • Een tussenkopje zegt waar het stuk eronder over gaat.

  • Met kopjes vind je snel het stuk waar het antwoord staat.

  • Een nieuwe alinea begint meestal bij een nieuw onderwerp of punt.

Tussenkopjes zijn handig bij zoekend lezen: je leest eerst alleen de kopjes en kiest dan het stuk dat bij de vraag past. Een alinea herken je aan een witregel of een inspringing. Veelgemaakte fout: de titel en een tussenkopje door elkaar halen. De titel hoort bij de hele tekst, het tussenkopje bij één stuk.

EXAMENSTOF NEDERLANDS · LEESVAARDIGHEID · OPMAAK

Tekst 1: Fietsen naar school

Snel naar school

(1) Op ons college komt bijna iedereen op de fiets. Dat is gezond en je staat nooit in de file.

Veilig fietsen

(2) Veel ongelukken ontstaan door slecht licht. Controleer daarom elke week of je lampjes het doen.

(3) Draag ook een helm als je een lange afstand fietst.

Een goede stalling

(4) In de stalling staat je fiets veilig. Zet je fiets altijd op slot.

Eigen tekst voor Examenstof

Voorbeeld van een tekst met drie tussenkopjes (de regels in vet). Elk kopje staat boven een stuk met een eigen onderwerp: snel, veilig, stalling. Laat leerlingen eerst alleen de kopjes lezen en voorspellen wat erin staat.

Onder welk tussenkopje lees je over lampjes?

A

Veilig fietsen

B

Snel naar school

C

Een goede stalling

D

Fietsen naar school

Alinea 2 gaat over licht. Verwachte fout: Fietsen naar school, want dat is de titel van de hele tekst en geen tussenkopje.

Vul in

Een tussenkopje staat boven een deel van de tekst. Een nieuwe alinea begint meestal bij een nieuw onderwerp.

tussenkopje
alinea
titel
bijschrift

Tussenkopje en alinea. Verwachte fout: titel bij het eerste gat; de titel staat boven de hele tekst.

Reclamezuil langs een gracht in Amsterdam, 2022

EXAMENSTOF NEDERLANDS · LEESVAARDIGHEID · OPMAAK

Foto's en bijschriften

  • Een illustratie is een foto, tekening of grafiek bij de tekst.

  • Een illustratie trekt de aandacht of laat zien waar de tekst over gaat.

  • Het bijschrift staat bij de foto en zegt wat je ziet.

Op de foto: een reclamezuil. Vraag: wat doen de grote letters en de kleur voor een voorbijganger? Illustraties kunnen ook iets uitleggen, bijvoorbeeld een tekening van een stap in een instructie. Veelgemaakte fout: de foto 'versieren' noemen. Noem de functie: laten zien, uitleggen, aandacht trekken. Image credit: Fons Heijnsbroek / Wikimedia Commons, CC0

EXAMENSTOF NEDERLANDS · LEESVAARDIGHEID · OPMAAK

Lettertypes

  • Vette letters laten zien wat belangrijk is of wat je niet mag missen.

  • Grote letters horen vaak bij een titel of kopje.

  • Een ander lettertype of een kleur trekt de aandacht of geeft een sfeer.

  • Een opsomming met bolletjes of nummers laat losse punten of stappen zien.

Syllabus: lettertypes en tekst- en alinea-indeling. Een opsomming met nummers laat een volgorde zien (bijvoorbeeld in een recept), bolletjes laten losse punten zien. Veelgemaakte fout: alles wat vet is een kopje noemen. Een vet woord in een zin hoeft geen kopje te zijn.

EXAMENSTOF NEDERLANDS · LEESVAARDIGHEID · OPMAAK

Tekst 2: Schoolfeest

(1) Op vrijdagavond is het schoolfeest! Er is een dj, er zijn hapjes en er is een fotohoek.

(Foto: leerlingen dansen in de aula tijdens het schoolfeest van vorig jaar.)

(2) Het feest begint om 19.00 uur en duurt tot 22.00 uur. LET OP: je mag alleen naar binnen met je schoolpas.

(3) Kaartjes kosten drie euro en zijn te koop in de aula.

Eigen tekst voor Examenstof

Op de plek van de foto staat hier het bijschrift (de regel tussen haakjes). In het echt staat LET OP vet of in een andere kleur. Bespreek wat de lezer daardoor niet mist.

Wat is de functie van de foto met bijschrift?

A

Uitleggen hoeveel een kaartje kost

B

Zeggen hoe laat het feest begint

C

Laten zien hoe het feest eruitziet

D

Vertellen wat je mee moet nemen

De foto laat de sfeer van het feest zien. De andere opties staan in de tekst, niet in het bijschrift. Verwachte fout: wat je mee moet nemen, omdat dat in alinea 2 staat.

Waarom is 'LET OP' anders gedrukt dan de rest?

A

Het is de titel van de tekst

B

Het is een bijschrift bij de foto

C

De lezer mag dit niet missen

D

Het is het begin van een nieuwe alinea

Vet of hoofdletters trekken de aandacht naar iets belangrijks. Verwachte fout: nieuwe alinea, omdat LET OP midden in alinea 2 staat.

EXAMENSTOF NEDERLANDS · LEESVAARDIGHEID · OPMAAK

Schema's lezen

  • Een schema zet informatie overzichtelijk in rijen en kolommen.

  • Lees eerst de titel en de kolomkoppen: wat staat waar?

  • Zoek dan de rij of kolom die bij de vraag past.

  • Pijlen in een schema laten vaak een volgorde of verband zien.

Syllabus: schema's en schematische informatie. Voorbeelden uit de leefwereld: lesrooster, busrooster, programma van een schoolreisje. Zoek eerst de kolom, dan de rij, en lees in het vakje waar ze elkaar kruisen. Veelgemaakte fout: de juiste rij pakken maar de verkeerde kolom lezen.

Een telefoonscherm vol pictogrammen waarop je kunt klikken

EXAMENSTOF NEDERLANDS · LEESVAARDIGHEID · OPMAAK

Teksten van internet

  • Een hyperlink is een doorklikpunt: je klikt en komt op andere informatie.

  • Een link is vaak gekleurd of onderstreept.

  • Een menu bovenaan laat zien welke pagina's de site heeft.

  • Je hoeft niet elke link te lezen: kies wat bij je leesdoel past.

Syllabus: teksten van internet met doorklikpunten (hyperlinks). Een hyperlink verwijst naar meer informatie, een andere pagina of een formulier. Op papier kun je niet klikken, dus in een examentekst staat de link tussen vierkante haken of is hij onderstreept. Veelgemaakte fout: denken dat je alle links moet lezen. Image credit: mikemacmarketing / Wikimedia Commons, CC BY 2.0

EXAMENSTOF NEDERLANDS · LEESVAARDIGHEID · OPMAAK

Tekst 3: Schema sportdag

Schema sportdag

Tijd | Onderdeel | Plek

09.00 uur | Voetbal | Veld 1

10.30 uur | Basketbal | Sporthal

12.00 uur | Lunch | Aula

13.00 uur | Estafette | Veld 2

(1) Meer weten? [Klik hier] voor de regels van de sportdag.

Eigen tekst voor Examenstof

Een schema in drie kolommen: tijd, onderdeel en plek. De tekst tussen vierkante haken is een hyperlink.

Waar moet je om 10.30 uur zijn?

A

In de sporthal

B

Op veld 1

C

In de aula

D

Op veld 2

Zoek in de kolom Tijd de rij met 10.30 uur en lees dan de kolom Plek. Verwachte fout: op veld 1, de plek bij de eerste rij.

Wat doet 'Klik hier' op een website?

Meer weten? Klik hier voor de regels van de sportdag.

A

Het is een tussenkopje boven de tekst

B

Het is een bijschrift bij een foto

C

Het is de titel van de pagina

D

Het is een hyperlink naar meer informatie

Een doorklikpunt brengt je bij andere informatie. Verwachte fout: tussenkopje, omdat de zin aparte opmaak heeft.

Welk onderdeel van opmaak vind jij het lastigst?

1

Titel en tussenkopjes

2

Foto's en bijschriften

3

Lettertypes

4

Schema's en hyperlinks

Bespreek de uitkomst en neem in de training het gekozen onderdeel extra mee.

Noem een opmaakmiddel en wat het doet.

Verwacht bijvoorbeeld: 'een dikke titel, die zegt waar de pagina over gaat' of 'een gekleurde link, daarop klik je voor meer informatie'. Laat een paar antwoorden voorlezen. Goed als er een onderdeel en een functie genoemd worden.

EXAMENSTOF NEDERLANDS · LEESVAARDIGHEID · OPMAAK

Begrippen (1/2)

  • opmaak: hoe een tekst eruitziet: titel, kopjes, letters en plaatjes

  • titel: de naam boven de hele tekst, hij zegt waar de tekst over gaat

  • tussenkopje: een kort kopje boven een deel van de tekst

  • alinea: een stukje tekst over één punt, gescheiden door een witregel

  • illustratie: een foto, tekening of grafiek bij een tekst

This item has no instructions

EXAMENSTOF NEDERLANDS · LEESVAARDIGHEID · OPMAAK

Begrippen (2/2)

  • bijschrift: de tekst bij een foto die zegt wat je ziet

  • lettertype: de vorm, dikte of grootte van letters, bijvoorbeeld vet

  • schema: informatie overzichtelijk in rijen en kolommen

  • hyperlink: een doorklikpunt op internet dat naar andere informatie leidt

This item has no instructions