Bedrijfseconomie · G4
Hoofdstuk 2
Balansveranderingen · start beursproject
vrijdag 11 september 2026 · lesuur 7-8 (blokuur) · H212
Van Vlimmeren, Bedrijfseconomie in Balans, 10e druk
minute
second
Bedrijfseconomie · G4
Hoofdstuk 2
Balansveranderingen · start beursproject
vrijdag 11 september 2026 · lesuur 7-8 (blokuur) · H212
Van Vlimmeren, Bedrijfseconomie in Balans, 10e druk
minute
second
Bedrijfseconomie G4 · H2.1–2.2 Balans en balansveranderingen
LessonUp-account
Scan of typ de link; daarna kun je meedoen met de vragen.
https://lessonup.app/invite/group/mgmsg
Bedrijfseconomie G4 · H2.1–2.2 Balans en balansveranderingen
Voorspelbaar gedrag
Zodat je weet waar je aan toe bent.
Het glas is halfvol, altijd! Bij tegenslagen zoeken we naar een oplossing.
Ik vind het fijn als je vrolijk bent, op tijd aanwezig bent, en je telefoon in de kluis (of thuis) ligt.
Dorst? Water drinken mag. Geen eten, geen kauwgum.
Bij je: theorieboek, werkboek, schrift (exclusief voor bedrijfseconomie), pen en rekenmachine, opgeladen device.
Elke regel die je met goede reden wilt breken, bespreek je VOORAF.
Verder ben ik best redelijk — vind ik zelf.
Bedrijfseconomie G4 · H2.1–2.2 Balans en balansveranderingen
Spoorboekje
Na vandaag kun je:
de posten van een balans indelen: vaste en vlottende activa, liquide middelen; eigen, lang en kort vreemd vermogen;
uitleggen wat er met de balans gebeurt bij kopen, betalen en lenen — en of het balanstotaal verandert;
uitleggen wat crediteuren en debiteuren zijn en aan welke kant ze staan;
uitleggen wat afschrijven is en berekenen hoe de balans daardoor verandert;
het resultaat voor belasting berekenen en uitleggen waarom winst het eigen vermogen laat groeien;
je AEX-fonds opzoeken en volgende week een indexcijfer presenteren (beursproject).
Zijn we compleet? Absentiecheck
Leerdoelen & spoorboekje
Schrijven = blijven
Voorspelbaar gedrag
Beursproject: loting en jullie fonds
2.1 De balans in detail: vaste en vlottende activa, lang en kort vreemd vermogen
2.2 Vier soorten balansveranderingen (kopen, betalen, lenen)
Afschrijven
Resultaat voor belasting: winst en het eigen vermogen
Huiswerk
LessonUp account
Leerdoelen / spoorboekje
Huiswerk in Magister check
Bedrijfseconomie G4 · H2.1–2.2 Balans en balansveranderingen
Leerdoelen
Na deze les kun je:
de posten van een balans indelen: vaste en vlottende activa, liquide middelen; eigen, lang en kort vreemd vermogen;
uitleggen wat er met de balans gebeurt bij kopen, betalen en lenen — en of het balanstotaal verandert;
uitleggen wat crediteuren en debiteuren zijn en aan welke kant ze staan;
uitleggen wat afschrijven is en berekenen hoe de balans daardoor verandert;
het resultaat voor belasting berekenen en uitleggen waarom winst het eigen vermogen laat groeien;
je AEX-fonds opzoeken en volgende week een indexcijfer presenteren (beursproject).
Bedrijfseconomie G4 · H2.1–2.2 Balans en balansveranderingen
Schrijven is blijven
In je eigen woorden — niet woordelijk overgenomen.
Wat je zelf formuleert onthoud je beter dan wat je overtikt.
Wat je terugleest onthoud je het best: aantekeningen die je nooit meer opslaat, hadden je alleen tijdens de les iets kunnen leren.
Schrijf in elk geval op: de formules, de uitwerkingen, en je eigen fouten.
Bedrijfseconomie G4 · H2.1–2.2 Balans en balansveranderingen
Beursproject · zo gaan we het doen
Elke vrijdag de eerste vijf minuten: één duo, één AEX-fonds. Vandaag loten we de duo's en de fondsen.
VIER DINGEN, niet meer: (1) welk bedrijf en wat doen ze, in één zin; (2) de koers van vorige week en nu, met het indexcijfer; (3) één nieuwsbericht, met bron; (4) één vraag aan de klas.
Drie tot vijf minuten. Geen slides verplicht — mondeling met de koers op het bord mag.
VANDAAG: loting van de duo's en de fondsen, voor het hele jaar. Ruilen regelen jullie onderling.
DEZE WEEK: zoek jullie bedrijf op — wat verkopen ze, koers nu (met datum), koers vorige week, indexcijfer, één nieuwsbericht. Een kwartier, niet langer.
EERSTE PRESENTATIE: vrijdag 18 september. Geen cijfer; wel: aan het eind van het jaar ken je 30 bedrijven.
Bedrijfseconomie G4 · H2.1–2.2 Balans en balansveranderingen
2.1 De balans in detail
Links: waarin het vermogen zit. Rechts: waar het vandaan komt. Nu met de officiële namen.
VASTE ACTIVA: gaan langer dan een jaar mee — pand, inventaris, bestelbus.
VLOTTENDE ACTIVA: binnen een jaar om te zetten in geld — voorraad, debiteuren.
LIQUIDE MIDDELEN: kas en bank; daarmee kun je betalen. Onderdeel van de vlottende activa.
EIGEN VERMOGEN: van de eigenaar, hoeft niet terugbetaald — permanent vermogen.
LANG VREEMD VERMOGEN: looptijd langer dan een jaar — hypothecaire lening.
KORT VREEMD VERMOGEN: looptijd tot een jaar — crediteuren, rekening-courantkrediet (rood staan tot het kredietplafond).
Bedrijfseconomie G4 · H2.1–2.2 Balans en balansveranderingen
2.2 Vier balansveranderingen
Elke gebeurtenis verandert minstens twee posten. Het balanstotaal verandert soms wél en soms niet.
ACTIVARUIL: links + en links −. Een oven kopen en via de bank betalen: inventaris omhoog, bank omlaag. Totaal gelijk.
PASSIVARUIL: rechts + en rechts −. Een crediteur omzetten in een lening. Totaal gelijk.
BALANSVERLENGING: links + en rechts +. Voorraad kopen op rekening: voorraad omhoog, crediteuren omhoog. Totaal groter.
BALANSVERKORTING: links − en rechts −. Een crediteur betalen via de bank: bank omlaag, crediteuren omlaag. Totaal kleiner.
Controle: na elke verandering zijn links en rechts weer even groot.
BLz 35/36/37 lezen bekijken
maken opgave 2.3 daarna
Bedrijfseconomie G4 · H2.1–2.2 Balans en balansveranderingen
Rekenvoorbeeld · pizzeria Da Marco
Da Marco start met de balans van vorige week, nu met officiële namen. Drie gebeurtenissen; wat gebeurt er met het totaal?
Gegevens
Pand (vast actief)
Oven en inventaris
Voorraad
Bank
Eigen vermogen
Hypothecaire lening
Crediteuren
€ 300.000
€ 60.000
€ 15.000
€ 25.000
€ 150.000
€ 230.000
€ 20.000
Uitwerking
Totaal 400.000 = 400.000 ✓
1 Koelkast 10.000 via bank (activaruil):
inventaris 70.000, bank 15.000 → 400.000
2 Voorraad 5.000 op rekening (verlenging):
voorraad 20.000, cred. 25.000 → 405.000
3 Crediteur 8.000 via bank (verkorting):
bank 7.000, cred. 17.000 → 397.000
Bedrijfseconomie G4 · H2.1–2.2 Balans en balansveranderingen
Controlevraag · kapsalon Knip & Co
Kapsalon Knip & Co: inventaris € 40.000, voorraad € 3.000, debiteuren € 2.000, bank € 9.000; eigen vermogen € 30.000, lening bank € 20.000, crediteuren € 4.000. Daarna: (a) stoelen gekocht voor € 6.000 op rekening; (b) een debiteur betaalt € 2.000 via de bank; (c) € 5.000 afgelost op de lening via de bank. (Verzonnen getallen.)
Per gebeurtenis: welke twee posten veranderen, welke soort verandering is het, en wat is het nieuwe balanstotaal?
Controleer eerst of de beginbalans in evenwicht is (54.000). Verwerk de gebeurtenissen na elkaar.
Bedrijfseconomie G4 · H2.1–2.2 Balans en balansveranderingen
Afschrijven
Duurzame bezittingen worden elk jaar minder waard. Dat waardeverlies is een kost: de afschrijving.
Afschrijving per jaar = (aanschafprijs − restwaarde) / levensduur. Is er geen restwaarde, dan gewoon aanschafprijs / levensduur.
Boekwaarde = aanschafprijs − alle afschrijvingen tot nu toe. Op de balans staat de boekwaarde, niet de aanschafprijs.
Op de balans: links daalt de inventaris met de afschrijving; rechts daalt het eigen vermogen evenveel, want kosten verlagen de winst.
Er verlaat GEEN geld de onderneming: afschrijving is een kost, geen uitgave. De bank verandert niet.
Waarom? Anders lijkt het jaar van de aankoop een rampjaar en de jaren erna gratis.
Bedrijfseconomie G4 · H2.1–2.2 Balans en balansveranderingen
Rekenvoorbeeld · de oven van Da Marco
Da Marco koopt een oven. Wat is de afschrijving per jaar, en wat staat er na twee jaar op de balans?
Gegevens
Aanschafprijs oven
Verwachte levensduur
Restwaarde
€ 24.000
8 jaar
€ 0
Uitwerking
Afschrijving = 24.000 / 8 = € 3.000 per jaar
Boekwaarde na 1 jaar = € 21.000
Boekwaarde na 2 jaar = 24.000 − 2 × 3.000
= € 18.000
Balans elk jaar: inventaris − 3.000
en eigen vermogen − 3.000. Bank: niets.
Bedrijfseconomie G4 · H2.1–2.2 Balans en balansveranderingen
Controlevraag · bakkerij Brood
Bakkerij Brood koopt een oven van € 36.000. De oven gaat naar verwachting 6 jaar mee en is dan nog € 6.000 waard. (Verzonnen getallen.)
a Bereken de afschrijving per jaar.
b Bereken de boekwaarde na 4 jaar.
c Welke twee balansposten veranderen door de afschrijving? Welke niet?
Bij a: trek eerst de restwaarde van de aanschafprijs af.
Bedrijfseconomie G4 · H2.1–2.2 Balans en balansveranderingen
Resultaat voor belasting
Resultaat = opbrengsten − kosten. Winst maakt het eigen vermogen groter, verlies maakt het kleiner.
OPBRENGSTEN: de omzet — alles wat je verkoopt, ook op rekening (dan ontstaat een debiteur).
KOSTEN: inkoopwaarde van wat je verkocht hebt, loon, huur, energie, afschrijving, interest.
Resultaat voor belasting = opbrengsten − kosten. Daarna betaalt de eigenaar belasting over de winst.
Winst komt rechts bij het eigen vermogen; links is het geld binnengekomen (bank of debiteuren) of de voorraad gedaald.
Wat de eigenaar privé opneemt, gaat van het eigen vermogen af — het is geen kost.
De balans blijft altijd in evenwicht: elke winst of elk verlies staat aan twee kanten.
Bedrijfseconomie G4 · H2.1–2.2 Balans en balansveranderingen
Controlevraag · fietsenwinkel Pedaal
Fietsenwinkel Pedaal had in 2026: omzet € 240.000; inkoopwaarde van de verkochte fietsen € 150.000; loon € 45.000; huur € 18.000; afschrijving € 6.000; interest € 3.000; overige kosten € 4.000. Het eigen vermogen op 1 januari was € 80.000; de eigenaar nam in 2026 € 20.000 privé op. (Verzonnen getallen.)
a Bereken het resultaat voor belasting over 2026.
b Bereken het eigen vermogen op 31 december 2026 (zonder belasting).
c Pedaal koopt een bestelbus van € 30.000 op rekening. Verandert het balanstotaal?
Bij b: begin-eigen vermogen + winst − privéopname.
Bedrijfseconomie G4 · H2.1–2.2 Balans en balansveranderingen
Huiswerk en volgende week
Lezen: 2.1 en 2.2 uit het theorieboek.
Maken: de opgaven bij 2.1 en 2.2 [opgavenummers: vul in].
Kennen: vaste en vlottende activa, liquide middelen, lang en kort vreemd vermogen, crediteuren en debiteuren, afschrijving, boekwaarde, resultaat.
BEURSPROJECT: zoek jullie fonds op — wat verkopen ze, koers nu (met datum), koers vorige week, indexcijfer, één nieuwsbericht. Een kwartier.
Vrijdag 18 september presenteert het eerste duo. De tracker krijg je dan.
Volgende les: 2.3 de winst-en-verliesrekening — alle kosten en opbrengsten in één overzicht.
Bedrijfseconomie G4 · H2.1–2.2 Balans en balansveranderingen
Spoorboekje
Dit hebben we gedaan.
Na vandaag kun je:
de posten van een balans indelen: vaste en vlottende activa, liquide middelen; eigen, lang en kort vreemd vermogen;
uitleggen wat er met de balans gebeurt bij kopen, betalen en lenen — en of het balanstotaal verandert;
uitleggen wat crediteuren en debiteuren zijn en aan welke kant ze staan;
uitleggen wat afschrijven is en berekenen hoe de balans daardoor verandert;
het resultaat voor belasting berekenen en uitleggen waarom winst het eigen vermogen laat groeien;
je AEX-fonds opzoeken en volgende week een indexcijfer presenteren (beursproject).
Zijn we compleet? Absentiecheck
Leerdoelen & spoorboekje
Schrijven = blijven
Voorspelbaar gedrag
Beursproject: loting en jullie fonds
2.1 De balans in detail: vaste en vlottende activa, lang en kort vreemd vermogen
2.2 Vier soorten balansveranderingen (kopen, betalen, lenen)
Afschrijven
Resultaat voor belasting: winst en het eigen vermogen
Huiswerk
LessonUp account
Leerdoelen / spoorboekje
Huiswerk in Magister check