§ 10.1 Krachten

Welkom in de les
Vandaag:
  • uitdelen Binas
  • lesdoelen §10.1
  • instructie §10.1
  • Maken opgaven in je werkboek
  • Alleen laptop bij de LessonUp 
  • Afsluiting les

 


§10.1 Krachten
1 / 38
next
Slide 1: Slide
NatuurkundeMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 4

This lesson contains 38 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 45 min
Report this lesson

Items in this lesson

Welkom in de les
Vandaag:
  • uitdelen Binas
  • lesdoelen §10.1
  • instructie §10.1
  • Maken opgaven in je werkboek
  • Alleen laptop bij de LessonUp 
  • Afsluiting les

 


§10.1 Krachten

Slide 1 - Slide

§10.1 - Je leert ...
  • verschillende krachten noemen;
  • drie gevolgen van de werking van krachten noemen en herkennen;
  • een kracht tekenen als een pijl met een grootte, richting en aangrijpingspunt;
  • newton (N) gebruiken als eenheid van kracht;
  • een krachtenschaal toepassen.

Slide 2 - Slide

Noteer 3 woorden waar je aan denkt bij het horen van het woord kracht.

Slide 3 - Mind map

Krachten
Waaraan kun je zien
dat er een grote
kracht werkt?

Slide 4 - Slide

Effecten van krachten
  • De vorm van een voorwerp kan veranderen (plastisch of elastisch)
  • De richting van een voorwerp kan veranderen.
  • De snelheid van een voorwerp kan veranderen.
<a href="https://www.youtube.com/watch?v=VHV1YbeznCo">Tennisbal</a>

Slide 5 - Slide

Noteer de verschillende soorten krachten die je kent.

Slide 6 - Open question

Soorten krachten
  • Spierkracht (Fs)
  • Spankracht (Fspan)
  • Wrijvingskracht (Fw)
  • Veerkracht (Fv)
  • Magnetische kracht (Fm
  • Elektrische kracht (Fel)

Slide 7 - Slide

Zwaartekracht en gewicht
Het gewicht is de kracht van een voorwerp op zijn ondersteuning en wordt uitgedrukt in Newton.

Als het voorwerp ondersteund wordt geldt:
Fz = G
Let op: massa is in kg (tabel 6)
Gewicht en zwaartekracht in N (tabel 6)

Slide 8 - Slide

Dit moet je uit je hoofd weten




is de moeder der formules en komt telkens terug.
Tabel 7 formule 9

Fz =m  g

Slide 9 - Slide

Voorbeeld
De cementbak heeft een massa
van 500 kg. Bereken het gewicht dat aan de kabel trekt.

Gebruik gegeven, gevraagd, formule, berekening, antwoord/conclusie.

Slide 10 - Slide

Antwoord
Gegeven:  m = 500 kg,  g = 10 N/kg
Gevraagd:   F=....N
Formule: F = m . g
Berekening: F = 500 . 10 = 5000 N

Antwoord: Het gewicht dat aan de kabel trekt is F= 5000 N of alleen F=5000N

Slide 11 - Slide

kracht meten
  • Krachtmeter (veerunster)
  • Eenheid van kracht = Newton (N)
  • Elke krachtmeter ander meetbereik
  • Hoe groter de kracht hoe meer de veer uitrekt

Slide 12 - Slide

Krachten tekenen
Teken een kracht als een vector (pijl) met een:
  • A: aangrijpingspunt
  • B: richting
  • C: grootte

A
B
C

Slide 13 - Slide

Aangrijpingspunt van een kracht!
Belangrijk!
Contactpunt tussen twee voorwerpen - aangrijpingspunt waar de voorwerpen elkaar raken

Geen contactpunt tussen twee voorwerpen - aangrijpingspunt is het zwaartepunt (midden van het voorwerp) (ook bij de zwaartekracht!)

Slide 14 - Slide

Slide 15 - Video

Opdracht: Krachten tekenen

Slide 16 - Slide

Krachtenschaal
Komt overeen met

Slide 17 - Slide

Motorkracht
Wrijvingskracht
Zwaartekracht

Slide 18 - Drag question

Nettokracht
- krachten die in dezelfde richting wijzen, tel je bij elkaar op.
- krachten die in tegengestelde richting wijzen, haal je van elkaar af.

Slide 19 - Slide

Nettokracht






krachten die in dezelfde richting wijzen, tel je bij elkaar op

Slide 20 - Slide

Nettokracht






krachten die in tegengestelde richting wijzen, haal je van elkaar af.

Slide 21 - Slide

Nettokracht 







krachten die in tegengestelde richting wijzen, haal je van elkaar af.

Slide 22 - Slide


Slide 23 - Open question

Nettokracht

Slide 24 - Slide

Aan de slag!
Lezen §10.1 uit je boek

Maak de opgaven van paragraaf 10.1 

Ga naar eindexamensite en maak daar de eerste vijf vragen van de toets waar sta je nu. 







Zf

Slide 25 - Slide

Wat weet je al???

Slide 26 - Slide

Welke krachten werken er?

Slide 27 - Open question

Noem de 3 effecten van een kracht.

Slide 28 - Mind map

bij een tekening in een natuurkundeboek staat: "De gebruikte krachtenschaal is 1 cm ≙ 5 N."
Wat wordt daarmee bedoeld?

Slide 29 - Open question

Welke waarde heeft g op (of dicht daarbij) het aardoppervlak?

Slide 30 - Open question

Welk onderdeel hoort niet bij het tekenen van een kracht?
A
Aangrijpingspunt
B
Lengte van pijl
C
Richting van pijl
D
Dikte van pijl

Slide 31 - Quiz

Geef bij het TEKENEN van krachten de volgorde van belangrijkheid aan?
A
Grootte
B
Richting
C
Aangrijpingspunt
D
Allemaal even belangrijk.

Slide 32 - Quiz


Hoe groot is de kracht die op de bal wordt uitgeoefend.
A
50N
B
2,6 cm
C
19,2N
D
130N

Slide 33 - Quiz

De schaal van een getekende pijl is 1 cm ≙ 3,5N. De getekende pijl is 7 cm lang. Hoe groot is de kracht?
A
24,5N
B
2N
C
0,5N
D
30,5N

Slide 34 - Quiz

Een krachtenpijl Fz is 10 cm lang.
Bij het plaatje staat 1cm ≙ 5 Newton.
Hoe groot is de kracht?
A
5N
B
1N
C
10N
D
50N

Slide 35 - Quiz

De rode pijl geeft de zwaartekracht van van het bankje aan. Het bankje heeft een massa van 35 kg.
De krachtenschaal is 1cm ≙ 50N
Hoe lang moet de pijl zijn.

A
0,7cm
B
3,5 cm
C
7 cm
D
70 cm

Slide 36 - Quiz

§10.1 - Je kunt ...
  • verschillende krachten noemen;
  • drie gevolgen van de werking van krachten noemen en herkennen;
  • een kracht tekenen als een pijl met een grootte, richting en aangrijpingspunt;
  • newton (N) gebruiken als eenheid van kracht;
  • een krachtenschaal toepassen.

Slide 37 - Slide

Ja, dat kan ik!
Maak nu de opgaven van paragraaf 10.1 heel veel succes.
😒🙁😐🙂😃

Slide 38 - Poll