Les 21-05

Vaststellen van zorgproblemen, zorgdoelen en het plannen van zorg- en ondersteuningsactiviteiten
&

Uitvoeren van zorg- en ondersteuningsactiviteiten / overleg en consult
1 / 27
next
Slide 1: Slide
VerzorgendeMBOStudiejaar 1

This lesson contains 27 slides, with interactive quiz, text slides and 2 videos.

Items in this lesson

Vaststellen van zorgproblemen, zorgdoelen en het plannen van zorg- en ondersteuningsactiviteiten
&

Uitvoeren van zorg- en ondersteuningsactiviteiten / overleg en consult

Slide 1 - Slide

Programma
1. Check V-opdrachten
2. Vervolg opdrachten digibib
3. Verder werken aan de portfolio (mevrouw Thijssen) + eventueel extra uitleg

Slide 2 - Slide

Is het gelukt met de V-opdrachten?

Opdrachten digibib V2 en V3 en ingevuld feedbackformulier

Slide 3 - Slide

Vervolg in opdrachten
O1 - Het voeren van een intake- of anamnesegesprek
O2 - Het verwerken van gegevens in het zorgplan
O3 - Het evaluatiegesprek

Slide 4 - Slide

Aanvullen portfolio

Beschrijf aan de hand van de casus:
- 3 actuele verpleegproblemen en 1 potentieel verpleegprobleem (PES).
- Formuleer 4 zorgdoelen, waarvan 1 preventief doel (SMART).
- Formuleer bij de gestelde doelen zorg- en ondersteuningsactiviteiten.
- Welke niet geplande zorg- en ondersteuningsactiviteiten zijn er te bedenken bij de casus van mw. Thijssen?

Slide 5 - Slide

Aanvullen portfolio: deel 2 casus
- Je schrijft naar aanleiding van de inhoud van de casus een schriftelijke rapportage met behulp van de SOAP.
- Beschrijf wat je mondeling aan jouw collega overdraagt aan het einde van jouw dienst.
- Welke (niet geplande) zorg- ondersteuningsactiviteiten moeten volgens jullie nog uitgevoerd worden.
- Met wie zou je willen overleggen naar aanleiding van de casus? Waarom?
- Is er iemand die je om consultatie zou willen vragen? Wat wil je nog te weten komen?
 

Slide 6 - Slide

Slide 7 - Slide

Zorgproblemen
Definitie zorgprobleem: een toestand of situatie waarin de zorgvrager hulp nodig heeft door een beperking in het normale functioneren op grond van een gezondheidsverstoring.​

Onderscheid tussen:​
actuele zorgproblemen​
potentiele zorgproblemen

Slide 8 - Slide

Actueel probleem
Bij een actueel probleem zijn de verschijnselen op dit moment (actueel) aanwezig.
Het vraagt direct je aandacht. De zorgvrager hulp nodig heeft, omdat hij niet meer in een bepaalde behoefte kan voorzien door een gezondheidsverstoring.​

Voorbeeld: de zorgvrager kan zich niet volledig zelfstandig wassen door mindere mobiliteit ten gevolge van haar reuma. 

Slide 9 - Slide

Potentieel probleem
Er zijn geen verschijnselen. In de toekomst is de kans dat er een zorgprobleem ontstaat als jij geen hulp biedt.​

Voorbeeld: de zorgvrager transpireert heel veel terwijl zij op bed ligt. De kans bestaat dat zij last gaat krijgen van smetplekken.

Slide 10 - Slide

PES
P = Probleem = Hier beschrijf je het hoofdprobleem​ (dreigend)

E = Ethiologie/oorzaak = Dit zijn factoren die invloed hebben op het probleem of het in stand houden. ​

S = Symptomen = Dit zijn kenmerken en aanwijzingen die kunnen wijzen op het hoofdprobleem 

Slide 11 - Slide

Hulpvraag
P (Probleem): Wat is het probleem?
E (Etiologie/oorzaak): Waardoor komt het probleem?
S (Symptomen/signalen): Waaraan merk je het probleem?

Slide 12 - Slide

Ezelbrug
P → de zorgvrager is niet meer in staat...​

E → als gevolg van...​

S → wat zich uit in / wat blijkt uit...​

Slide 13 - Slide

Slide 14 - Slide

Zorgdoelen
Wat wil je in de zorg bereiken voor de cliënt.
Het laat zien welke verbetering of ondersteuning nodig is.


Slide 15 - Slide

SMART = helpt om een zorgdoel duidelijk te maken.

S – Specifiek: duidelijk omschreven
M – Meetbaar: je kunt controleren of het gelukt is
A – Acceptabel: passend voor de cliënt
R – Realistisch: haalbaar
T – Tijdsgebonden: wanneer het doel bereikt moet zijn
RUMBA = helpt controleren of een zorgdoel goed is.

R – Relevant: belangrijk voor de cliënt
U – Understandable: begrijpelijk geschreven
M – Measurable: meetbaar
B – Behavioral: zichtbaar gedrag
A – Achievable: haalbaar

Slide 16 - Slide

Voorbeeld
P: Verminderde mobiliteit
E: Door pijn aan de knie
S: Moeite met lopen en opstaan
Zorgdoel (SMART)

“Cliënt kan binnen 2 weken zelfstandig van stoel naar bed lopen met een rollator.”

Slide 17 - Slide

Slide 18 - Video

zorg- en ondersteuningsactiviteiten
Dat zijn de handelingen die je uitvoert om het zorgdoel te behalen.

Welke acties voer je uit om het doel te behalen?

Slide 19 - Slide

voorbeeld
ADL-ondersteuning
Helpen bij dagelijkse verzorging, zoals wassen, aankleden, eten of toiletgang.
Mobiliteitsoefeningen
Oefenen met bewegen, lopen, opstaan of transfers om mobiel te blijven of verbeteren.
Stimuleren van zelfredzaamheid
De cliënt zoveel mogelijk zelf laten doen en ondersteunen waar nodig.
Observeren en rapporteren van veranderingen
Kijken hoe het met de cliënt gaat en veranderingen doorgeven of opschrijven, bijvoorbeeld meer pijn of minder eetlust.

Slide 20 - Slide

Rapporteren en overdacht
Het schriftelijk/mondeling verslag doen van gebeurtenissen of situaties die zijn waargenomen.

Je rapporteert het zorgproces van de zorgvrager
Alle informatie die belangrijk is voor goede zorgverlening.
Bijvoorbeeld hoe het gaat met iemand, evt. problemen, behaalde doelen, veranderingen, wensen, afspraken, etc.

Slide 21 - Slide

Methodiek bij rapporteren: SOAP

S (Subjectief): wat de cliënt zelf zegt/ervaart
O (Objectief): wat je ziet en meet
A (Analyse): conclusie van het probleem
P (Planning): wat je gaat doen aan zorg/actie

Slide 22 - Slide

Wees specifiek
Niet zo..
Mw. ging vandaag vaak naar het toilet.

Maar zo..
Mw. ging vandaag 5x naar het toilet , normaal is dit 3x

Slide 23 - Slide

voorbeeld
Subjectief:
Mevrouw weigerde haar middag-medicijnen en zei dat ze ze niet meer wilde hebben.
Objectief:
Werd onrustig en raakte van streek.
Analyse:
Weigert in de regel geen medicijnen, maar ik heb pas kort geleden met mevrouw kennisgemaakt en ze kent me niet goed.
Plan:
Ik zal wat tijd samen met haar doorbrengen zodat ze meer vertrouwd raakt met mijn gezelschap en vraag haar of zij de medicijnen later wil innemen.

Slide 24 - Slide

Slide 25 - Video

Vragen?

Slide 26 - Mind map

Volgende les 4-6
V-opdrachten 
&
O1 - Het voeren van een intake- of anamnesegesprek
O2 - Het verwerken van gegevens in het zorgplan
O3 - Het evaluatiegesprek
&
Portfolio tot aan 'evalueren van het zorgproces'
&
les voorbereiding evalueren van het zorgproces


Slide 27 - Slide