Telefoon op Vliegtuigstand of Niet Storen in je tas
Jas over de stoel, oortjes in de tas, tas op de grond
Schoolspullen op tafel: Werkboek, Laptop/Chromebook, JdW-map, etui
timer
3:00
Slide 4 - Slide
1. Startklaar
Bij de start van iedere les verwelkomt de docent de leerlingen bij de ingang van de deur, noemt leerlingen bij naam, maakt oogcontact en besteedt aandacht aan hun welbevinden. De docent geeft het goede voorbeeld en spreekt hoge verwachtingen uit voor het verloop van de les door succescriteria op gewenst gedrag, schooltaal en effectief leren te benoemen. De leerlingen zijn startklaar: ingelogd in LessonUp, telefoons opgeborgen in het Zakkie, en JdW-map op tafel.
Leesmoment actualiteiten
- Lees je artikel in stilte
- Beantwoord daarna de vragen in je werkboekje over de actualiteiten.
timer
10:00
Slide 5 - Slide
1. Startklaar
Bij de start van iedere les verwelkomt de docent de leerlingen bij de ingang van de deur, noemt leerlingen bij naam, maakt oogcontact en besteedt aandacht aan hun welbevinden. De docent geeft het goede voorbeeld en spreekt hoge verwachtingen uit voor het verloop van de les door succescriteria op gewenst gedrag, schooltaal en effectief leren te benoemen. De leerlingen zijn startklaar: ingelogd in LessonUp, telefoons opgeborgen in het Zakkie, en JdW-map op tafel.
www.dedagvandaag.nl
Slide 6 - Link
This item has no instructions
Waarom denk jij dat mensen verhuizen
van het ene land naar het andere?
Slide 7 - Mind map
2. Voorkennis activeren
De docent activeert relevante voorkennis aan de hand van een terugblik-opdracht, waarbij eventueel een beroep op de thuistalen wordt gedaan. Op deze manier biedt de docent een kapstok om nieuwe stof te verbinden aan de eerder geleerde stof en richting te geven aan het verdere verloop van de les. Tegelijkertijd worden hiermee misconcepties van leerlingen zichtbaar gemaakt, waar de docent vervolgens gericht op in kan spelen.
Leerdoelen
✅ Ik weet welke groepen mensen naar Nederland kwamen, zoals mensen uit Indonesië, Turkije, Marokko en Suriname. (R)
✅ Ik kan voorbeelden geven van wat migranten hebben toegevoegd, zoals eten, muziek of feesten. (T1)
Slide 8 - Slide
3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.
Begrippen uit deze les
Migratie
Gastarbeiders
Integratie
Slide 9 - Slide
8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende periode. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag en blikt vooruit aan de hand van de JdW-planner.
Voorkennis
Startopdracht: "Waar liggen jouw roots"?
Waarom denk jij dat jouw (groot)ouders naar Nederland zijn verhuisd?
Is Nederland veranderd door de verschillende culturen? Waar zie je dit aan?
Slide 10 - Slide
4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.
Migratie
Migratie betekent: mensen verhuizen van het ene land naar het andere.
Dat gebeurt al duizenden jaren.
Mensen verhuizen om verschillende redenen, zoals werk, veiligheid of familie.
Slide 11 - Slide
4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.
Na de Tweede Wereldoorlog
Na 1945 kwamen nieuwe groepen migranten naar Nederland.
Indo's, Turken, Marokkanen en Surinamers waren de 4 belangrijkste migratiegroepen na de Tweede Wereldoorlog.
Elke groep had een eigen reden om te komen.
Ze brachten ook nieuwe culturen, gewoontes en ideeën mee.
Slide 12 - Slide
4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.
Slide 13 - Video
This item has no instructions
Indonesië
In 1949 werd Indonesië onafhankelijk van Nederland.
Veel mensen met een Nederlandse of gemengde achtergrond voelden zich daar niet meer veilig.
Zij verhuisden naar Nederland, vaak met weinig spullen.
Onder hen waren ook Molukkers, die dachten tijdelijk te blijven.
Welke dingen in Nederland ken jij die uit de Indonesische cultuur komen?
Slide 14 - Slide
5. Concrete en herkenbare voorbeelden
De docent maakt gebruik van praktische en concrete voorbeelden die voor leerlingen herkenbaar zijn in hun eigen leefwereld om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent doet hierbij een beroep op dual coding. Door het visuele en het verbale te combineren vergroot de docent de kans dat lesstof beter bij de leerlingen blijft beklijven.
Turkije en Marokko
In de jaren ’60 had Nederland veel extra arbeiders nodig.
Turkse en Marokkaanse mannen kwamen naar Nederland om te werken in de bouw, fabrieken en mijnen
Ze dachten vaak dat ze tijdelijk zouden blijven.
Later kwamen ook hun gezinnen naar Nederland
Welke dingen in Nederland ken jij die uit de Turkse of Marokkaanse cultuur komen?
Slide 15 - Slide
5. Concrete en herkenbare voorbeelden
De docent maakt gebruik van praktische en concrete voorbeelden die voor leerlingen herkenbaar zijn in hun eigen leefwereld om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent doet hierbij een beroep op dual coding. Door het visuele en het verbale te combineren vergroot de docent de kans dat lesstof beter bij de leerlingen blijft beklijven.
Suriname
Suriname hoorde tot 1975 bij het Koninkrijk der Nederlanden.
Rond de onafhankelijkheid verhuisden veel Surinamers naar Nederland.
Ze wilden hier meer kansen en zekerheid voor de toekomst.
Surinaamse muziek, eten en taal zijn nu een vast deel van de Nederlandse cultuur.
Welke dingen in Nederland ken jij die uit de Surinaamse cultuur komen?
Slide 16 - Slide
5. Concrete en herkenbare voorbeelden
De docent maakt gebruik van praktische en concrete voorbeelden die voor leerlingen herkenbaar zijn in hun eigen leefwereld om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent doet hierbij een beroep op dual coding. Door het visuele en het verbale te combineren vergroot de docent de kans dat lesstof beter bij de leerlingen blijft beklijven.
Slide 17 - Video
This item has no instructions
Gevolgen migratie
Door migratie is Nederland veel cultureler geworden.
Nieuwe tradities, talen en gerechten zijn erbij gekomen.
Maar migratie zorgt ook voor discussies over:
- Integratie (hoe pas je je aan?)
- Identiteit (wie ben je in een nieuw land?)
Deze vragen spelen vandaag ook nog steeds.
Slide 18 - Slide
4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.
Waarom migreerden veel mensen uit Indonesië naar Nederland na 1949?
A
Vanwege de kaas
B
Omdat ze zich niet meer veilig voelden
C
Om te werken in fabrieken
D
Vanwege het klimaat
Slide 19 - Quiz
7. Formatief handelen
De docent geeft de leerlingen gedurende de les gerichte feedback, feedup en feedforward op de op de inhoud van het werk, de leerstrategie, het gedrag en op zelfsturing. De docent bevraagt willekeurig leerlingen met open vragen. De docent stimuleert kwaliteitsbesef onder leerlingen door bijvoorbeeld leerlingen elkaars werk te laten vergelijken of uitgewerkte voorbeelden te gebruiken, gevolgd door geïnformeerde vervolgstappen.
Wat was er anders aan de komst van Surinamers dan bij mensen uit Indonesië en Marokko?
A
Surinamers konden beter dansen
B
Niets, precies hetzelfde
C
Surinamers hoefden niet te werken
D
Surinamers hadden al een Nederlands paspoort
Slide 20 - Quiz
7. Formatief handelen
De docent geeft de leerlingen gedurende de les gerichte feedback, feedup en feedforward op de op de inhoud van het werk, de leerstrategie, het gedrag en op zelfsturing. De docent bevraagt willekeurig leerlingen met open vragen. De docent stimuleert kwaliteitsbesef onder leerlingen door bijvoorbeeld leerlingen elkaars werk te laten vergelijken of uitgewerkte voorbeelden te gebruiken, gevolgd door geïnformeerde vervolgstappen.
Wat zie je in het dagelijks leven door migratie?
A
Minder mensen in Nederland
B
Alleen nog Nederlandse feestdagen
C
Iedereen spreekt dezelfde taal
D
Eten uit andere landen, zoals Turkse pizza of roti
Slide 21 - Quiz
7. Formatief handelen
De docent geeft de leerlingen gedurende de les gerichte feedback, feedup en feedforward op de op de inhoud van het werk, de leerstrategie, het gedrag en op zelfsturing. De docent bevraagt willekeurig leerlingen met open vragen. De docent stimuleert kwaliteitsbesef onder leerlingen door bijvoorbeeld leerlingen elkaars werk te laten vergelijken of uitgewerkte voorbeelden te gebruiken, gevolgd door geïnformeerde vervolgstappen.
Is het goed dat in Nederland mensen uit veel verschillende landen wonen? Waarom?
Slide 22 - Open question
7. Formatief handelen
De docent geeft de leerlingen gedurende de les gerichte feedback, feedup en feedforward op de op de inhoud van het werk, de leerstrategie, het gedrag en op zelfsturing. De docent bevraagt willekeurig leerlingen met open vragen. De docent stimuleert kwaliteitsbesef onder leerlingen door bijvoorbeeld leerlingen elkaars werk te laten vergelijken of uitgewerkte voorbeelden te gebruiken, gevolgd door geïnformeerde vervolgstappen.
Samen aan de slag
Werkvorm: Wat brengt iemand mee? 🌍
Mensen die naar Nederland kwamen, namen dingen uit hun eigen cultuur mee. Daardoor is Nederland veranderd in eten, muziek, taal en feesten.
Vandaag gaan we kijken: Wat heeft elke groep bijgedragen?
Slide 23 - Slide
6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. De docent start met modelleren en laat leerlingen vervolgens actief inoefenen. Volgens het 'ik-wij-jullie/jij-wij' principe wordt de ondersteuning geleidelijk afgebouwd. Er wordt gevarieerd in oefentypes en het leerproces wordt zichtbaar gemaakt, bijvoorbeeld met hardop denken opdrachten. Effectieve leerstrategieën zoals zelftesten, gespreid leren, schema’s maken, en samenvatten volgens de Cornell-methode worden expliciet aangeleerd. Dit herkneden van de lesstof helpt bij het bewerken van het lange termijn geheugen.
Zelf aan de slag
Jullie zijn een migrantengroep uit 1 van de 4 landen:
Indonesië
Turkije
Marokko en
Suriname
Bedenk 5 dingen die jullie groep meebracht naar Nederland. Dat kan zijn: eten, taal, muziek, feest, kleding, tradities of gewoontes.
Schrijf of teken ze op een blaadje.
Daarna bespreken we per groepje wat de landen hebben meegebracht naar Nederland.
Slide 24 - Slide
6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. De docent start met modelleren en laat leerlingen vervolgens actief inoefenen. Volgens het 'ik-wij-jullie/jij-wij' principe wordt de ondersteuning geleidelijk afgebouwd. Er wordt gevarieerd in oefentypes en het leerproces wordt zichtbaar gemaakt, bijvoorbeeld met hardop denken opdrachten. Effectieve leerstrategieën zoals zelftesten, gespreid leren, schema’s maken, en samenvatten volgens de Cornell-methode worden expliciet aangeleerd. Dit herkneden van de lesstof helpt bij het bewerken van het lange termijn geheugen.
Wat nemen migranten mee uit hun thuisland?
A
Souvenirs en cadeautjes
B
lekker weer
C
Dieren en planten
D
tradities en gewoontes.
Slide 25 - Quiz
7. Formatief handelen
De docent geeft de leerlingen gedurende de les gerichte feedback, feedup en feedforward op de op de inhoud van het werk, de leerstrategie, het gedrag en op zelfsturing. De docent bevraagt willekeurig leerlingen met open vragen. De docent stimuleert kwaliteitsbesef onder leerlingen door bijvoorbeeld leerlingen elkaars werk te laten vergelijken of uitgewerkte voorbeelden te gebruiken, gevolgd door geïnformeerde vervolgstappen.
Wat vond jij het moeilijkste van deze les?
Slide 26 - Open question
7. Formatief handelen
De docent geeft de leerlingen gedurende de les gerichte feedback, feedup en feedforward op de op de inhoud van het werk, de leerstrategie, het gedrag en op zelfsturing. De docent bevraagt willekeurig leerlingen met open vragen. De docent stimuleert kwaliteitsbesef onder leerlingen door bijvoorbeeld leerlingen elkaars werk te laten vergelijken of uitgewerkte voorbeelden te gebruiken, gevolgd door geïnformeerde vervolgstappen.
Terugkijken
op de leerdoelen
✅ Ik weet welke groepen mensen naar Nederland kwamen, zoals mensen uit Indonesië, Turkije, Marokko en Suriname. (R)
✅ Ik kan voorbeelden geven van wat migranten hebben toegevoegd, zoals eten, muziek of feesten. (T1)
✅ Ik herken dat er nu ook mensen naar Nederland komen, bijvoorbeeld vluchtelingen, en weet waarom. (T2)
✅ Ik snap dat migratie zorgt voor een diverse samenleving en dat dit Nederland verandert. (I)
Slide 27 - Slide
8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende periode. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag en blikt vooruit aan de hand van de JdW-planner.
Begrippen uit deze les
Migratie
Gastarbeiders
Integratie
Slide 28 - Slide
8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende periode. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag en blikt vooruit aan de hand van de JdW-planner.
Wat heb jij vandaag geleerd?
Slide 29 - Open question
8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende periode. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag en blikt vooruit aan de hand van de JdW-planner.