H4 Commerciële kengetallen berekenen

1 / 21
next
Slide 1: Slide
HandelSpeciaal OnderwijsLeerroute 4

This lesson contains 21 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Wat heb je hieraan als ondernemer? 

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Examentermen

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Waarom reken je alleen met de winkelvloer oppervlak?

Slide 6 - Slide

Waarom reken je alleen met de winkelvloer oppervlak?
Een kledingwinkel had vorig jaar een omzet per m2 WVO van € 2.735.
De winkelvloeroppervlakte is 325 m2. Dit jaar was de omzet € 992.000.

Wat kun je zeggen over de omzet per m2 WVO? (gebruik formule blz. 134)

Kies het juiste antwoord.
A
De omzet per m2 WVO is gedaald met ongeveer € 317.
B
De omzet per m2 WVO is gestegen met ongeveer € 317.
C
De omzet per m2 WVO is gedaald met ongeveer € 3.052.
D
De omzet per m2 WVO is gestegen met ongeveer € 3.052.

Slide 7 - Quiz

This item has no instructions

Maak opdr. 7 (blz. 137) alleen 
Eerder klaar? overleg met je buurman
timer
5:00

Slide 8 - Slide

Waarom reken je alleen met de winkelvloer oppervlak?
Lees H4.3 
Maak opdr. 12 & opdr 14 (blz. 144)  in duo's 
Eerder klaar? Lees H4.4 
?

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Stel, een fulltimebaan in de winkel is 36 uur. Naast de ondernemer van een eenmanszaak die fulltime werkt, werken er nog twee mensen fulltime en er is één oproepkracht voor 18 uur per week. De vrouw van de winkelier werkt ook mee, maar ze staat niet op de loonlijst. Zij werkt 8 uur per week.

A) Hoeveel uren tellen er mee voor het kengetal omzet per fte?
B) Hoeveel fte’s tellen er mee voor het kengetal omzet per fte?
Laat je berekening zien!
timer
3:00

Slide 10 - Open question

36 + 36 + 18=  90 uur 
90/36= 2,5 FTE's 

4 werkzame personen.
Vrouw telt niet mee..
Lees H4.3 
Maak opdr. 12 & opdr 14 (blz. 144)  in duo's 
Eerder klaar? Lees H4.4 
timer
12:00

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

Wat kan een ondernemer retail proberen te verbeteren als de APT van zijn winkel lager is dan andere winkels?

Slide 12 - Slide

This item has no instructions

Een fotozaak heeft een dagomzet van € 1.661 en er waren op deze dag achttien transacties. Twee klanten hebben apparatuur aangeschaft voor samen € 1.250.
De overige aankopen waren accessoires of foto’s.

Bereken de APT voor deze dag.
Laat je berekening zien!
timer
5:00

Slide 13 - Open question

€ 1.661 / 18 = € 92,28
Maak opdr. 20 (blz. 149) in duo's
Eerder klaar? Lees H4.5
timer
7:00

Slide 14 - Slide

This item has no instructions

Maak opdr. 24 (blz. 152) in duo's
Eerder klaar? Lees H4.6
timer
6:00

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

Niet iedere retailer gebruikt het begrip IPT.
Welke andere benamingen komen ook voor?

Kies de juiste antwoorden.
A
Gemiddeld aantal producten per klant
B
Gemiddeld aantal transacties per klant
C
Gemiddeld aantal klanten per product
D
Gemiddeld aantal producten per transactie

Slide 16 - Quiz

This item has no instructions

Maak opdr. 26 (blz. 152) in duo's
Eerder klaar? Lees H4.6
timer
6:00

Slide 17 - Slide

This item has no instructions

Slide 18 - Slide

This item has no instructions

Maak opdr. 38 (blz. 162) alleen
Eerder klaar? Lees de samenvatting (H4/9
timer
6:00

Slide 19 - Slide

This item has no instructions

Wat was nieuw
en interessant
voor jou vandaag?

Slide 20 - Mind map

This item has no instructions

Fred heeft een winkelpand van 250m2 groot. Daarvan is 40m2 voor het magazijn. De omzet is € 378.000,- Bereken de omzet per m2 WVO

Slide 21 - Open question

This item has no instructions