Les 9.2 - §14.4 Mechanische behoudswetten

§14.4 
Mechanische energie

Lesplanning:
  1. Voorkennis energie
  2. Klassikale herhaling energie a.d.h.v. oefenopgaven
  3. Opgaven §14.4 maken
  4. Afsluiting
1 / 17
next
Slide 1: Slide
NatuurkundeMiddelbare schoolvwoLeerjaar 6

This lesson contains 17 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 90 min

Items in this lesson

§14.4 
Mechanische energie

Lesplanning:
  1. Voorkennis energie
  2. Klassikale herhaling energie a.d.h.v. oefenopgaven
  3. Opgaven §14.4 maken
  4. Afsluiting

Slide 1 - Slide

Lesdoelen
Aan het einde van de les kan je de mechanische behoudswetten toepassen.

Slide 2 - Slide

Voorkennis energievormen
Maak een ketting van een energie omzetting. 
Let op! Er zijn in totaal 4 kettingen.

Slide 3 - Slide

Herhaling energie
Wet van behoud van energie:
Ein=Euit

Slide 4 - Slide

Hiernaast zien we het (v,t)-diagram van een remmende motorfiets. De motorfiets met passagier heeft een totale massa van 270 kg.
Bepaal met behulp van het diagram de warmte die is ontstaan tijdens het remmen.
=
Ek,begin
Ez, begin
W
Eveer
Eveer
Q
Ech
Ek,eind
Ez, eind

Slide 5 - Drag question

Een karretje in een achtbaan daalt met verwaarloosbare beginsnelheid af van punt C naar punt D. Punt G bevindt zich 15 meterboven punt D.
Ga na met welke snelheid punt G bereikt wordt. Verwaarloos de wrijvingskracht.
=
+
Ek,D
Ez, C
W
Eveer
Eveer
Q
Ech
Ek,G
Ez, G

Slide 6 - Drag question

Een atleet land na een sprong op een mat.
Hiernaast is de veerkracht van de mat tijdens het neerkomen
en terugveren weergegeven. Hoe bepaal je met behulp van
het diagram hoeveel energie van de atleet geabsorbeerd
is door de mat.
A
Aflezen
B
Oppervlakte
C
Raaklijn

Slide 7 - Quiz

Een goede kogelstoter wil tijdens het stoten over een zo lang mogelijke afstand contact houden met de kogel.
Leg uit waarom dit een goede strategie is.

Slide 8 - Open question

Benzineverbruik
Een auto rijdt 10 seconden lang met een constante snelheid van 130 km/h. De totale weerstand op de auto is 1,66 × 10³ N en de motor van de auto heeft een rendement van 40%. Bereken hoeveel mL benzine er verbrand is.

Fast strategy
timer
5:00

Slide 9 - Slide

Een auto versnelt vanuit stilstand met een constant vermogen. Leg uit of de motorkracht tijdens deze beweging gelijk blijft, groter wordt of kleiner wordt.

Slide 10 - Open question

Wet van arbeid en kinetische energie
W=ΔEk

Slide 11 - Slide

Oefenopgave energie
In een flipperkast wordt een balletje van 100g afgeschoten met een veer. De veer levert bij het afschieten een arbeid van 1,25 J op het balletje. Het balletje rolt tegen een helling op. De helling is 80cm lang en 20 cm hoog. Bovenaan heeft de bal een snelheid van 3,85 m/s.
Bereken de wrijvingskracht welke het balletje ondervindt, veronderstel dat
de wrijvingskracht constant is.

Maak gebruik van: 
m = 100 g
W_veer = 1,25 J
l = 0,80 m
h = 0,20 m
v_boven = 3,85 m/s
Fw = ?
W=ΔEk
timer
4:00

Slide 12 - Slide

Uitwerking oefenopgave energie
m = 100 g 
C = 250 N/m
u = 10 cm = 0,1 m
v_eind =  3,85 m/s
Fw = ?




h = sin(20) * 80 = 27,36 cm = 0,2736 m
  • Eveer = Ek,eind + E+ WFz
  • 0,5*C*u² = 0,5*m*v² + m*g*h + Fw * s
  • 0,5 *250*0,1² =
    0,5*0,1*3,85² + 0,1*9,81*0,2736 + Fw * 0,8
  • Fw = 0,30 N
80 cm
20o

Slide 13 - Slide

Scooter
Een motor van een scooter levert een kracht van 300 N over 100 meter, weerstandskracht bedraagt 100 N. Massa scooter en berijder is 220 kg. Scooter vertrekt vanuit stilstand. 

Bereken de eindsnelheid.

Fast strategy
timer
2:00

Slide 14 - Slide


Aan de slag

Maken en nakijken
§14.4 opgave (41), 43 en 44
Tot 7 minuten voor het einde van de les.

Slide 15 - Slide

Welke uitwerking is juist?

Een slee (massa 4,0 kg) glijdt vanaf een helling. De helling is 1,5 m hoog en 8,0 m lang.
Tijdens het glijden werkt er een constante wrijvingskracht van 6,0 N tegen de beweging in.
We willen de snelheid onderaan bepalen.
E_in = E_uit
E_z + W = Ek
4 * 9,81 * 1,5 + 6 * 8 = 1/2 * 4 * v2
v = 7,3 m/s
Som W = ΔEk
W_Fz + W_Fw = ΔEk
4 * 9,81 * 8 + 6 * 8 = 1/2 * 4 * v2
v = 13 m/s
E_in = E_uit
Ez = Q + Ek
4 * 9,81 * 1,5 =  6 * 8 + 1/2 * 4 * v2
v = 2,3 m/s

Slide 16 - Slide

Welke uitwerking is juist?
Een slee (massa 4,0 kg) glijdt vanaf een helling. De helling is 1,5 m hoog en 8,0 m lang.
Tijdens het glijden werkt er een constante wrijvingskracht van 6,0 N tegen de beweging in.
We willen de snelheid onderaan bepalen.

Slide 17 - Slide