Les 3.1 Die eten

Dieetleer
Boek: Pers. verzorging
Thema 3
Hoofdstuk 11, Dieetleer
1 / 32
next
Slide 1: Slide
Pers. VerzorgingMBOStudiejaar 1

This lesson contains 32 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

Dieetleer
Boek: Pers. verzorging
Thema 3
Hoofdstuk 11, Dieetleer

Slide 1 - Slide

Even herhalen?

Slide 2 - Slide

Wat is gezonde voeding?

Slide 3 - Mind map

Gezonde voeding
Wat "gezonde voeding is,  verandert regelmatig.
Door wetenschappelijk onderzoek veranderen de inzichten
Dat heet voortschrijdend inzicht.
Jarenlang waren eieren "ongezond" , nu weet men door onderzoek dat het een ei "gezond" is.
Blijvende inzichten; b.v een 4 P menu is ongezond

Slide 4 - Slide

Gezonde voeding
  • eet gevarieerd
  • eet pure producten
  • eet volgens de schijf van 5
  • eet voldoende voedingsstoffen
  • eet voldoende vezels
  • drink voldoende vocht, 1,5 - 2 ltr.
    per dag.

Slide 5 - Slide

Persoonlijke verschillen
Gezonde voeding is afhankelijk van;
  • leeftijd, b.v. iemand in de groei heeft andere  hh. voedingstoffen nodig dan een oudere
  • leef- en werkomstandigheden, b.v. bij zwaar werk in een warme omgeving, meer vocht en energie 
  • levensstijl, b.v. we bewegen minder door  industrialisatie en automatisering,

Slide 6 - Slide

Richtlijnen voor gezonde voeding
Gezondheid wordt bepaalt door;
Voeding                           -"Je bent wat je eet!"                 Schijf van 5 
Genetische factoren -"ziektes, allergieën,
Leefomgeving              -"eetverleidingen"
Leefstijl                            -"eetpatroon,
                                                regelmaat

Slide 7 - Slide

Groente en fruit (Groen)
Leverancier van;
- Vitaminen
- Mineralen
- Koolhydraten, 
   (Zetmeel, Suikers en Vezels)
b.v. Groene groenten leveren Ijzer

Slide 8 - Slide

Granen, Brood, Pasta, Rijst (Oranje)
Granen, Aardappelen, Pasta, Rijst
Hoofdzakelijk leverancier van;
- Koolhydraten, Zetmeel 
Volkoren pasta / rijst bevat
  langzaam werkend Kh. en vezels
Aardappel levert Vit. C en B
Granen bevatten ook eiwitten en vitaminen

Slide 9 - Slide

Vlees, Vis, Zuivel, Noten, Peulvruchten (Paars)
Dierlijk en plantaardig eiwit.
De mens heeft 22 verschillende
aminozuren nodig. 
8 essentiële aminozuren (voeding)
2 semi-essentiële aminozuren
12 niet-essentiële aminozuren  

Slide 10 - Slide

Bereidings- en smeervetten (Geel)
Oliën bestaan voor 100% uit vetten. (Plantaardig)
Boter en traditionele margarines bevatten ongeveer 80% vet.
Bak- en braadvet kan tot 95% vet bevatten.
Minarines en halfvolle boter bevatten (ongeveer 40 %.
(Combinatie van Dierlijk en Plantaardige vet)
Het aanbod aan smeer- en bereidingsvetten is de laatste jaren echter sterk uitgebreid en het vetgehalte kan sterk variëren naargelang het merk. Raadpleeg daarom het etiket voor het exacte vetgehalte.

Slide 11 - Slide

Voedsel                        piramide

Slide 12 - Slide

Welke voedingsstoffen hebben we nodig voor de groei?
A
Koolhydraten, Vetten en Eiwitten
B
Vetten. Vezels en koolhydraten
C
Eiwitten, Mineraten en vocht
D
Mineralen en vitaminen

Slide 13 - Quiz

Welke voedingsstoffen hebben we nodig voor de energie?
A
Eiwitten. Vetten en vitaminen
B
Koolhydraten, Vetten en Eiwitten
C
Vitaminen en mineralen
D
Vetten, Koolhydraten en vocht

Slide 14 - Quiz

Welke voedingsstoffen hebben we nodig voor de weerstand en om alle chemische processen in het lichaam goed te laten verlopen?
A
Koolhydraten, Eiwitten en Vetten
B
Vetten en Vitaminen
C
Koolhydraten en mineralen
D
Vitaminen en mineralen

Slide 15 - Quiz

Wat is een dieet?

Slide 16 - Open question

Wat is een Dieet
- is altijd voor 1 persoon 
- door een arts voorgeschreven
- diëtist zet dit om in een eetpatroon
   voedingsgewoonte


Slide 17 - Slide

4 soorten diëten
  • Voedingsstof verrijkt  (+),  
    b.v. Eiwit,     Vezel of Energie verrijkt
  • Voedingsstof beperkt  (-)
    b.v. Eiwit of   Koolhydraat beperkt
  • Voedingsstof constant  (c)
    b.v. Vet of   Koolhydraat constant
  • Voedingsstof vrij  (0)
    b.v. bij allergie of  intolerantie

Slide 18 - Slide

Aanduiding voedingstoffen
Energie                      -   En(+) ; En(-)
Eiwit                            -    E(-); E(+)    
Vet                               -    V(c) ; V(-) 
Cholesterol              -    Chol(-),   Linolzuur         -  Linol (+)
Koolhydraten          -    Kh(-), Kh(c)
Natrium                     -   Na(-) 
Vezels                         -   Vezel(+)
Lactose                      -    Lac(0)   
Gluten                         -   Glut(0)

Slide 19 - Slide

Noem een dieet die je kent.

Slide 20 - Open question

Slide 21 - Slide

Slide 22 - Slide

Slide 23 - Slide

Slide 24 - Slide

Opdracht
Maak groepjes van 5-6 personen.  
In Teams staat de opdracht. Deze opdracht bestaat uit 5 sub opdrachten. 
Ieder maakt 1 van de 5 opdrachten. Dus samen maak je de hele opdracht.
Zodat je van elkaar leert wat en welke diëten er zijn. 
Samen deel je de informatie en samen lever je de opdracht in. 



Slide 25 - Slide

A.   En(-)
Op  de site van het Voedingscentrum vind je een groot aantal energiebeperkte diëten. 
Zoek zoveel mogelijk uit over deze diëten, Raadpleeg ook het boek en verder op internet, b.v. Hartstichting, Nierstichting, Maagdarmleverstichting

Vergelijk 3 van deze diëten, 
Wat houdt elk dieet in?  
Welke voedingsmiddelen mag je niet meer of juist wel?
Bij welke aandoening(en) zijn deze diëten geschikt?

Welke (betrouwbare) informatiebronnen heb je gebruikt
 

Slide 26 - Slide

B.    Chol(-) 
Cholesterol beperkt, 
Zoek over dit dieet  zoveel mogelijk informatie op op de site van het Voedingscentrum, uit boek en verder op  internet  B.v. de site van de Hartstichting, Nierstichting, Maagdarmleverstichting

Wat houdt dit  dieet  in?
Welke voedingsmiddelen mag je niet meer of juist wel.
Bij welke aandoening(en) is dit dieet geschikt?


Welke (betrouwbare) informatiebronnen heb je gebruikt? Etc.

Slide 27 - Slide

C.     Linol(+)
Linolzuur verrijkt
 Zoek over dit dieet zoveel mogelijk informatie op op de site van het Voedingscentrum, uit boek en verder op internet B.v. de site van de Hartstichting, Nierstichting, Maagdarmleverstichting

Wat houdt dit dieet in?
Welke voedingsmiddelen mag je niet meer of juist wel.
Bij welke aandoening(en) is dit dieet geschikt?

Welke (betrouwbare) informatiebronnen heb je gebruikt? Etc.



Slide 28 - Slide

D. Vezel(+)
Vezel verrijkt dieet
Zoek over dit dieet zoveel mogelijk informatie op op de site van het Voedingscentrum, uit boek en verder op internet, b.v. Hartstichting, Nierstichting, Maagdarmleverstichting.

Wat houdt dit dieet in?
Welke voedingsmiddelen mag je niet meer of juist wel.
Bij welke aandoening(en) is dit dieet geschikt?
Welke (betrouwbare) informatiebronnen heb je gebruikt? Etc.



Slide 29 - Slide

E.     E(-)
Eiwit beperkt
Zoek over dit dieet zoveel mogelijk informatie op op de site van het Voedingscentrum, uit boek en verder op internet, b.v. op de site van de Hartstichting, Nierstichting, Maagdarmleverstichting 

Wat houdt dit dieet in?
Welke voedingsmiddelen mag je niet meer of juist wel.
Bij welke aandoening(en) is dit dieet geschikt?

Welke (betrouwbare) informatiebronnen heb je gebruikt? Etc.



Slide 30 - Slide

Wat worden de groepjes?
En wie doet wat? 

De opdrachten staat  in Teams, zodat je het gemakkelijker kunt teruglezen en uitwerken, 

Slide 31 - Slide

Succes!!

Slide 32 - Slide