V5 Planten bs 1

Een plant is / heeft wel
Een plant is / heeft niet
autotroof
heterotroof
prokaryoot

eukaryoot

chlorofyl
mitochondriën
osmose
skelet
last van parasieten
producent
consument
reducent
turgor
mitose
meiose
biotische factor
abiotische factor
organen
eencellig

meercellig

vacuole
endosymbionten
1 / 21
next
Slide 1: Drag question
BiologieMiddelbare schoolvwoLeerjaar 5

This lesson contains 21 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

Een plant is / heeft wel
Een plant is / heeft niet
autotroof
heterotroof
prokaryoot

eukaryoot

chlorofyl
mitochondriën
osmose
skelet
last van parasieten
producent
consument
reducent
turgor
mitose
meiose
biotische factor
abiotische factor
organen
eencellig

meercellig

vacuole
endosymbionten

Slide 1 - Drag question

Een plantencel heeft deze onderdelen...

Slide 2 - Mind map

Slide 3 - Slide

 Leerdoel: Je kent de onderdelen van een plantencel met hun functie
Regelt alles wat er gebeurt in de cel
hierdoor is de cel stevig
Regelt welke stof de cel in en uit gaan
zorgt voor een stevige laag om de cel heen
Stroperige vloeistof, hierin liggen de celkern en de bladgroenkorrels
Geeft de plant zijn groene kleur en maken voedingsstoffen 
celmembraan
cytoplasma
Vacuole
celwand
bladgroenkorrels
celkern

Slide 4 - Drag question

Geef de netto reactievergelijking van de fotosynthese.

Slide 5 - Open question

Slide 6 - Slide

Welke stammen/afdelingen binnen het rijk van de planten ken je?

Slide 7 - Mind map

Slide 8 - Slide

Groei bij planten.
Wat heeft een plant allemaal nodig? Welke beperkende factoren voor groei ken jij? Het zijn er 6....

Slide 9 - Mind map

In algemene zin heeft een plant nodig om te groeien:
- CO2
- lichtenergie (fotonen)
- H2O
- bladgroenkorrels

En ook...!
- O2      (voor de dissimilatie!)
- mineralen (voor de voortgezette assimilatie)
- temperatuur (hebben enzymen nodig om stofwisseling mogelijk te maken)

Slide 10 - Slide

Sapstroom
  • Houtvaten (Xyleem) Anorganische sapstroom
    (water en mineralen)
    OMHOOG

  • Bastvaten (Floeem)
    Organische sapstroom
    (glucose en reservestoffen) OMLAAG

Slide 11 - Slide

Slide 12 - Slide

Slide 13 - Slide

Slide 14 - Slide

Doorsnede van een blad. Wat zijn 8 en 9?
A
8 = houtvat 9 = bastvat
B
8 = bastvat 9 = houtvat

Slide 15 - Quiz

Slide 16 - Slide

Groei bij planten
  • Groei bij planten treedt op door celdelingen en door celstrekking. 

  • Lengtegroei: aan de uiteinden van de stengels en de wortels -> meristeem in de hoofd- en zijknoppen aan de uiteinden verborgen
  • Diktegroei: is mogelijk door het in een kring gelegen meristeem, cambium genoemd, in de (zij)stengels.

Slide 17 - Slide

Slide 18 - Slide

Slide 19 - Slide

Slide 20 - Slide

Slide 21 - Slide