9 Je leesprofiel verkennen (1A)

9  Je leesprofiel verkennen p. 65
1 / 36
next
Slide 1: Slide
NederlandsSecundair onderwijs

This lesson contains 36 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

Items in this lesson

9  Je leesprofiel verkennen p. 65

Slide 1 - Slide

Slide 2 - Video

Opdracht 1 - p. 65

Slide 3 - Slide

Slide 4 - Slide


Wat is fictie ?

Slide 5 - Open question


Wat is non - fictie ?

Slide 6 - Open question

Slide 7 - Slide

Slide 8 - Slide

Slide 9 - Slide

Slide 10 - Slide


Bekijk de cover.
Is dit fictie of non-fictie?
A
fictie
B
non-fictie

Slide 11 - Quiz


Bekijk de cover.
Is dit fictie of non-fictie?
A
fictie
B
non-fictie

Slide 12 - Quiz


Bekijk de cover.
Is dit fictie of non-fictie?
A
fictie
B
non-fictie

Slide 13 - Quiz


Bekijk de cover.
Is dit fictie of non-fictie?
A
fictie
B
non-fictie

Slide 14 - Quiz


Bekijk de cover.
Is dit fictie of non-fictie?
A
fictie
B
non-fictie

Slide 15 - Quiz


Bekijk de cover.
Is dit fictie of non-fictie?
A
fictie
B
non-fictie

Slide 16 - Quiz


Bekijk de cover.
Is dit fictie of non-fictie?
A
fictie
B
non-fictie

Slide 17 - Quiz


Bekijk de cover.
Is dit fictie of non-fictie?
A
fictie
B
non-fictie

Slide 18 - Quiz


Bekijk de cover.
Is dit fictie of non-fictie?
A
fictie
B
non-fictie

Slide 19 - Quiz

Opdracht 6 - p. 77

Slide 20 - Slide

Opdracht 7 - p. 78
Vervolledig je leesprofiel.

Slide 21 - Slide

Slide 22 - Slide

Felix

Slide 23 - Mind map

Dylan

Slide 24 - Mind map

Winnie

Slide 25 - Mind map

Astrid

Slide 26 - Mind map

Hersenbreker!


Wat neem je mee
in de Westfalia?

Slide 27 - Slide

Hersenbreker!


  1. Is er iets wat je dagelijks gebruikt?
  2. Wat zou je echt niet kunnen missen?

Slide 28 - Slide

Wat betekent 
het figuurlijk taalgebruik 
uit het boek?

Slide 29 - Slide

Wat betekent 
het figuurlijk taalgebruik 
uit het boek?

Slide 30 - Slide

Wat betekent 
het figuurlijk taalgebruik 
uit het boek?

Slide 31 - Slide

Wat betekent 
het figuurlijk taalgebruik 
uit het boek?

Slide 32 - Slide

Wat betekent 
het figuurlijk taalgebruik 
uit het boek?

Slide 33 - Slide

Wat betekent 
het figuurlijk taalgebruik 
uit het boek?

Slide 34 - Slide

Wat betekent 
het figuurlijk taalgebruik 
uit het boek?

Slide 35 - Slide

Beoordeel dit boek.
Hoe graag heb jij dit boek gelezen?
ūüėíūüôĀūüėźūüôāūüėÉ

Slide 36 - Poll