Les 2 - Week 10 - De Aarde en ik Duurzaamheid en bronnen kritiek

De Aarde en IK!
1 / 43
next
Slide 1: Slide
WereldcampusMiddelbare schoolvmbo b, kLeerjaar 1,2

This lesson contains 43 slides, with interactive quizzes, text slides and 4 videos.

time-iconLesson duration is: 70 min

Items in this lesson

De Aarde en IK!

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

De Aarde en Ik: Duurzaamheid & Bronnenkritiek 
Module 2  10 Les 2

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Overzicht Periode 1 les 10
  • Thema: Duurzaamheid en Bronnenkritiek
  • Benodigde lesmaterialen: Laptop + oplader Werkboekje LessonUp Quizlet - Blooket
Week 1
Week 2
Week 3
Week 4
Week 5
Week 6
Week 7
Week 8
Week 9
Week 10 
Week 11
Introductie les
Kennisles 9
Kennisles 10
Kennisles 11
Kennisles 12
Kennisles 13
Kennisles 14
Kennisles 15
Kennisles 16
Eindopdracht
Eindopdracht

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

              Startklaar



  • Op je plek / in je groep zitten 
  • Telefoon in het Zakkie / In je tas UITGESCHAKELD !
  • Jas over de stoel, oortjes in de tas, tas op de grond
  • Schoolspullen op tafel: Boek, Chromebook, JdW-map, etui 
  • INLOGGEN IN  LESSONUP
timer
3:00

Slide 4 - Slide

1. Startklaar
Bij de start van iedere les verwelkomt de docent de leerlingen bij de ingang van de deur, noemt leerlingen bij naam, maakt oogcontact en besteedt aandacht aan hun welbevinden. De docent geeft het goede voorbeeld en spreekt hoge verwachtingen uit voor het verloop van de les door succescriteria op gewenst gedrag, schooltaal en effectief leren te benoemen. De leerlingen zijn startklaar: ingelogd in LessonUp, telefoons opgeborgen in het Zakkie, en JdW-map op tafel.
Wat weet je al van het onderwerp Klimaatverandering?

Slide 5 - Mind map

This item has no instructions

Wat weet je van duurzaamheid ?

Slide 6 - Mind map

This item has no instructions

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

De 17 (SDG'S )Wereld doelen !!





Een duurzame wereld in 2030
timer
6:00

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Slide 10 - Video

This item has no instructions

Wat zijn SDG's?
A
Strategische Denk Groep
B
Standaard Duurzaamheidsrichtlijnen
C
Sociaal Democratische Groep
D
Duurzame Ontwikkelingsdoelen van de VN

Slide 11 - Quiz

This item has no instructions

Hoeveel SDG's zijn er?
A
20 doelstellingen
B
17 doelstellingen
C
10 doelstellingen
D
15 doelstellingen

Slide 12 - Quiz

This item has no instructions

Waar zijn de SDG's op gericht?
A
Wereldwijde duurzame ontwikkeling
B
Militaire samenwerking
C
Technologische innovatie
D
Economische groei alleen

Slide 13 - Quiz

This item has no instructions

  Kijk moment actualiteiten
- Bekijk het filmpje 
- Beantwoord de vragen in je werkboekje over de actualiteiten.

Wat zijn NGO's ? Noem zo'n NGO
Een NGO (niet-gouvernementele organisatie) is een organisatie zonder winstoogmerk die onafhankelijk van de overheid opereert en zich inzet voor een maatschappelijk of ideëel doel, zoals milieubescherming, ontwikkelingswerk of mensenrechten.
timer
1:19

Slide 14 - Slide

1. Startklaar
Bij de start van iedere les verwelkomt de docent de leerlingen bij de ingang van de deur, noemt leerlingen bij naam, maakt oogcontact en besteedt aandacht aan hun welbevinden. De docent geeft het goede voorbeeld en spreekt hoge verwachtingen uit voor het verloop van de les door succescriteria op gewenst gedrag, schooltaal en effectief leren te benoemen. De leerlingen zijn startklaar: ingelogd in LessonUp, telefoons opgeborgen in het Zakkie, en JdW-map op tafel.
Checklist:
  • Bepaal welke voorkennis relevant is voor de nieuwe lesstof.
  • Ontwerp een terugblik-opdracht die deze voorkennis activeert.
  • Overweeg of en hoe thuistalen ingezet kunnen worden om voorkennis te activeren.
Wat is 
Klimaat verandering 

Slide 15 - Mind map

2. Voorkennis activeren
De docent activeert relevante voorkennis aan de hand van een terugblik-opdracht, waarbij eventueel een beroep op de thuistalen wordt gedaan. Op deze manier biedt de docent een kapstok om nieuwe stof te verbinden aan de eerder geleerde stof en richting te geven aan het verdere verloop van de les. Tegelijkertijd worden hiermee misconcepties van leerlingen zichtbaar gemaakt, waar de docent vervolgens gericht op in kan spelen. 

Slide 16 - Video

This item has no instructions

           Begrippen
           uit deze les
1. Wetenschappelijk rapport
2. NGO (bijv. Greenpeace)
3. Media
4. Misinformatie
5. 2030 Agenda
6. Duurzame Ontwikkeling
7. Klimaatverandering
8. Ecologische voetafdruk
9. Recycling
10. Internationale samenwerking

Slide 17 - Slide

8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende periode. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag en blikt vooruit aan de hand van de JdW-planner.

Slide 18 - Video

This item has no instructions

Lesdoelen (in leerlingtaal)
Aan het eind van de les kan ik:

1. Uitleggen wat de 2030 Agenda en de vijf kernprincipes zijn.
2. Tien begrippen uitleggen die met duurzaamheid te maken hebben.
3. Met internet informatie opzoeken en daaruit onderzoeksvragen beantwoorden.
4. Me voorbereiden op een toets door een quiz te maken.
5. Kritisch omgaan met informatie en het verschil zien tussen betrouwbare en onbetrouwbare bronnen.
6. Samenwerken aan een poster/pitch over een kernprincipe.

Slide 19 - Slide

This item has no instructions

Begrippenopdracht – 10 begrippen (10 min)
Leerlingen zoeken online naar de betekenis van:
1. Wetenschappelijk rapport
2. NGO (bijv. Greenpeace)
3. Media
4. Misinformatie
5. 2030 Agenda
6. Duurzame Ontwikkeling
7. Klimaatverandering
8. Ecologische voetafdruk
9. Recycling
10. Internationale samenwerking

timer
15:00

Slide 20 - Slide

This item has no instructions

Slide 21 - Video

This item has no instructions

Voorbeeld antwoorden:
• Wetenschappelijk rapport → publicatie gebaseerd op onderzoek (bijv. IPCC).
• NGO → niet-gouvernementele organisatie, zoals Greenpeace of WWF.
• Media → kranten, tv, internet die nieuws verspreiden.
• Misinformatie → verkeerde of misleidende informatie.
• 2030 Agenda → VN-plan met 17 doelen.
• Duurzame Ontwikkeling → leven zonder toekomstige generaties te benadelen.
• Klimaatverandering → opwarming aarde door CO₂-uitstoot.
• Ecologische voetafdruk → persoonlijke impact op milieu.
• Recycling → afval opnieuw gebruiken.

Slide 22 - Slide

This item has no instructions

Onderzoeksvragen – 10 vragen (15 min)
Leerlingen zoeken online antwoorden.
1. Wat is het doel van de 2030 Agenda? 
2. Wanneer werd de 2030 Agenda opgesteld? 
3. Hoeveel SDG’s zijn er?
4. Noem een voorbeeld van People.
5. Noem een voorbeeld van Planet.
6. Noem een voorbeeld van Prosperity. 
7. Noem een voorbeeld van Peace.
8. Noem een voorbeeld van Partnership. 
9. Welke rol speelt het IPCC? 
10. Waarom is kritisch denken bij media belangrijk? 

timer
15:00

Slide 23 - Slide

This item has no instructions

Voorbeeld antwoorden
1. Wat is het doel van de 2030 Agenda? → Wereld eerlijker en duurzamer maken.
2. Wanneer werd de 2030 Agenda opgesteld? → 2015.
3. Hoeveel SDG’s zijn er? → 17.
4. Noem een voorbeeld van People. → Onderwijs voor iedereen.
5. Noem een voorbeeld van Planet. → Beschermen van bossen.
6. Noem een voorbeeld van Prosperity. → Eerlijke handel.
7. Noem een voorbeeld van Peace. → Mensenrechten beschermen.
8. Noem een voorbeeld van Partnership. → Landen werken samen tegen klimaatverandering.
9. Welke rol speelt het IPCC? → Publiceert wetenschappelijke rapporten over klimaat.
10. Waarom is kritisch denken bij media belangrijk? → Niet alle info is betrouwbaar

Slide 24 - Slide

This item has no instructions

Wat is een NGO?
A
Een commerciële onderneming
B
Een organisatie voor sociale verandering
C
Een niet-gouvernementele organisatie
D
Een overheidsinstantie

Slide 25 - Quiz

This item has no instructions

Slide 26 - Slide

This item has no instructions

Wat heb je deze les geleerd ?

Slide 27 - Mind map

This item has no instructions

           Leerdoelen
  1. T1
  2. T2
  3. I


Checklist:
  • Het leerdoel is in leerlingentaal geformuleerd.
  • Het leerdoel is volgens de RTTI-methodiek geformuleerd.
  • Het leerdoel geeft een omschrijving van de context (inhoud).
  • Er wordt een werkwoord gebruikt in het leerdoel (gedrag).
  • De condities worden weergeven in het leerdoel (voorwaarden).
  • Er zijn succescriteria gekoppeld aan het leerdoel (norm).

Slide 28 - Slide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.      
Voorkennis

Slide 29 - Slide

4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.
Nieuwe stof

Slide 30 - Slide

4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.
Nieuwe stof

Slide 31 - Slide

4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.
       Voorbeelden
Checklist:
  • Dual Coding (woord en beeld combineren)
  • Concrete voorbeelden
  • Herkenbare voorbeelden gerelateerd aan de leefwereld van de leerlingen

Slide 32 - Slide

5. Concrete en herkenbare voorbeelden
De docent maakt gebruik van praktische en concrete voorbeelden die voor leerlingen herkenbaar zijn in hun eigen leefwereld om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent doet hierbij een beroep op dual coding. Door het visuele en het verbale te combineren vergroot de docent de kans dat lesstof beter bij de leerlingen blijft beklijven. 
Nieuwe stof
Checklist:
  • Interactieve uitleg (responsief): wisbordjes, LessonUp check-vragen, Cornell-methode.
  • Een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren.
  • Meertaligheid functioneel inzetten.
  • Iedereen bij de les betrekken.

Slide 33 - Slide

4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.

Controle vragen
A
a.
B
b.
C
c.
D
d.

Slide 34 - Quiz

7. Formatief handelen
De docent geeft de leerlingen gedurende de les gerichte feedback, feedup en feedforward op de op de inhoud van het werk, de leerstrategie, het gedrag en op zelfsturing. De docent bevraagt willekeurig leerlingen met open vragen. De docent stimuleert kwaliteitsbesef onder leerlingen door bijvoorbeeld leerlingen elkaars werk te laten vergelijken of uitgewerkte voorbeelden te gebruiken, gevolgd door geïnformeerde vervolgstappen.

Controle vragen

Slide 35 - Open question

7. Formatief handelen
De docent geeft de leerlingen gedurende de les gerichte feedback, feedup en feedforward op de op de inhoud van het werk, de leerstrategie, het gedrag en op zelfsturing. De docent bevraagt willekeurig leerlingen met open vragen. De docent stimuleert kwaliteitsbesef onder leerlingen door bijvoorbeeld leerlingen elkaars werk te laten vergelijken of uitgewerkte voorbeelden te gebruiken, gevolgd door geïnformeerde vervolgstappen.
Samen aan de slag
Checklist:
  • Expliciete instructie voor toepassingsopdracht: wat, hoe, hoe lang, klaar?
  • Afwisseling in oefentypes (herkneden van de lesstof)
  • Eerst voordoen, daarna begeleidt inoefenen, vervolgens zelfstanding en weer samen (ik--wij-jij/jullie-wij)
  • Het leren zichtbaar maken (zelftesten, gespreid leren, schema’s maken, en samenvatten volgens de Cornell-methode )
  • Differentiëren waar nodig: heterogeen en flexibel.

Slide 36 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. De docent start met modelleren en laat leerlingen vervolgens actief inoefenen. Volgens het 'ik-wij-jullie/jij-wij' principe wordt de ondersteuning geleidelijk afgebouwd. Er wordt gevarieerd in oefentypes en het leerproces wordt zichtbaar gemaakt, bijvoorbeeld met hardop denken opdrachten. Effectieve leerstrategieën zoals zelftesten, gespreid leren, schema’s maken, en samenvatten volgens de Cornell-methode worden expliciet aangeleerd. Dit herkneden van de lesstof helpt bij het bewerken van het lange termijn geheugen.
Zelf aan de slag
Checklist:
  • Expliciete instructie voor toepassingsopdracht: wat, hoe, hoe lang, klaar?
  • Afwisseling in oefentypes (herkneden van de lesstof)
  • Eerst voordoen, daarna begeleidt inoefenen, vervolgens zelfstanding en weer samen (ik--wij-jij/jullie-wij)
  • Het leren zichtbaar maken (zelftesten, gespreid leren, schema’s maken, en samenvatten volgens de Cornell-methode )
  • Differentiëren waar nodig: heterogeen en flexibel.

Slide 37 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. De docent start met modelleren en laat leerlingen vervolgens actief inoefenen. Volgens het 'ik-wij-jullie/jij-wij' principe wordt de ondersteuning geleidelijk afgebouwd. Er wordt gevarieerd in oefentypes en het leerproces wordt zichtbaar gemaakt, bijvoorbeeld met hardop denken opdrachten. Effectieve leerstrategieën zoals zelftesten, gespreid leren, schema’s maken, en samenvatten volgens de Cornell-methode worden expliciet aangeleerd. Dit herkneden van de lesstof helpt bij het bewerken van het lange termijn geheugen.

Controle vragen
A
a.
B
b.
C
c.
D
d.

Slide 38 - Quiz

7. Formatief handelen
De docent geeft de leerlingen gedurende de les gerichte feedback, feedup en feedforward op de op de inhoud van het werk, de leerstrategie, het gedrag en op zelfsturing. De docent bevraagt willekeurig leerlingen met open vragen. De docent stimuleert kwaliteitsbesef onder leerlingen door bijvoorbeeld leerlingen elkaars werk te laten vergelijken of uitgewerkte voorbeelden te gebruiken, gevolgd door geïnformeerde vervolgstappen.

Controle vragen

Slide 39 - Open question

7. Formatief handelen
De docent geeft de leerlingen gedurende de les gerichte feedback, feedup en feedforward op de op de inhoud van het werk, de leerstrategie, het gedrag en op zelfsturing. De docent bevraagt willekeurig leerlingen met open vragen. De docent stimuleert kwaliteitsbesef onder leerlingen door bijvoorbeeld leerlingen elkaars werk te laten vergelijken of uitgewerkte voorbeelden te gebruiken, gevolgd door geïnformeerde vervolgstappen.
Terugkijken 
op de leerdoelen
  1. T1
  2. T2
  3. I


Checklist:
  • Zijn de leerdoelen behaald?
  • Les in context plaatsen van de periode 
  • Het leren en het gedrag samen evalueren
  • Vooruitblikken adhv JdW-planner  

Slide 40 - Slide

8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende periode. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag en blikt vooruit aan de hand van de JdW-planner.


Exit ticket

Slide 41 - Open question

8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende periode. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag en blikt vooruit aan de hand van de JdW-planner.

Afsluiting
Ruimte voor een afsluitend woord.

Slide 42 - Slide

This item has no instructions

Afsluiting
Ruimte voor een afsluitend woord.

Slide 43 - Slide

This item has no instructions