chemie overal - 3v - §3.1 - macro- en microniveau

§3.1: Macro- en microniveau
Je leert:
  • wat stoffen zijn;
  • dat de meeste stoffen uit moleculen bestaan;
  • dat modellen en simulaties in de scheikunde een belangrijke rol spelen.
p. 72
1 / 13
next
Slide 1: Slide
ScheikundeMiddelbare schoolvwoLeerjaar 3

This lesson contains 13 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

§3.1: Macro- en microniveau
Je leert:
  • wat stoffen zijn;
  • dat de meeste stoffen uit moleculen bestaan;
  • dat modellen en simulaties in de scheikunde een belangrijke rol spelen.
p. 72

Slide 1 - Slide

Stoffen
  • Alles wat je waar kunt nemen (zintuigen)
  • Macroniveau

  • Ingezoomd op de kleinste deeltjes (niet meer waarnemen)
  • Microniveau

Slide 2 - Slide

Moleculen
  • Kleinste deeltjes zijn moleculen
  • Zuivere stof bestaat uit een soort deeltjes/moleculen
  1. water → watermoleculen
  2. koolstofdioxide → koolstofdioxidemoleculen

  • Eigenschappen van een stof vs. molecuul
  • Kookpunt hoort bij stof, een enkel molecuul heeft dat niet.

Slide 3 - Slide

Moleculen
  • Fasen op micro- en macroniveau 

  • Vast: trillen op hun plek
  • Vloeibaar: bewegen langs 
       elkaar
  • Gas: ver uit elkaar

Slide 4 - Slide

Modellen en simulaties
  • Modellen en simulaties kunnen handig zijn, maar...
  • Verdaaiing van de werkelijkheid
  • Vergroten of verkleinen
  • Visuele toevoegingen

Slide 5 - Slide

In 2 zinnen:
Wat is het verschil tussen macro- en microniveau?

Slide 6 - Open question

Macro- of microniveau?
De geur van eten.
A
Macroniveau
B
Microniveau

Slide 7 - Quiz

Macro- of microniveau?
De vorm van een molecuul.
A
Macroniveau
B
Microniveau

Slide 8 - Quiz

Macro- of microniveau?
De kleur van een tafel.
A
Macroniveau
B
Microniveau

Slide 9 - Quiz

Macro- of microniveau?
De moleculen in een gas zitten ver uit elkaar.
A
Macroniveau
B
Microniveau

Slide 10 - Quiz

Noem een voordeel en een nadeel van modellen en simulaties.

Slide 11 - Open question

Samenvatting
  • Alles wat je waar kunt nemen is macroniveau.
  • Het microniveau is het niveau van de kleinste deeltjes van de stof, de moleculen.
  • De meeste stoffen bestaan uit moleculen.
  • In een vaste stof zitten de moleculen dicht op elkaar gestapeld en trillen op hun plaats.
  • In een vloeistof bewegen de moleculen langs elkaar.
  • In een gas bewegen de moleculen ver uit elkaar.
  • Modellen en simulaties zijn vereenvoudigde weergaven van de werkelijkheid.

Slide 12 - Slide

(Huis)werk
  • Opgave 1 t/m 6

Slide 13 - Slide