This lesson contains 24 slides, with interactive quizzes and text slides.
Lesson duration is: 45 min
Report this lesson
Items in this lesson
H1 Stoffen en materialen
Les 8 Dichtheid
NOVA 3H H1.1 Materiaal- en stofeigenschappen
Slide 1 - Slide
pen + tafels leeg! boek + schrift + laptop in je tas
Slide 2 - Slide
Deze les:
- dichtheid van vloeistoffen : practicum (pen + tafels leeg)
- uitleg dichtheid : aantekeningen (schrift)
- leerdoelencheck : laptop
- huiswerk : laptop
Slide 3 - Slide
Leerdoelen:
Aan het eind van deze les:
kun je uitleggen wat de dichtheid van een stof is
kun je met behulp van de dichtheid uitleggen welke stoffen blijven drijven en welke zinken
kun je uitleggen waarom massa en volume geen stofeigenschappen zijn en dichtheid wel
Slide 4 - Slide
Practicum Vloeistofstapel
Inleiding
De dichtheid van een vloeistof geeft aan hoe groot de massa is per volume-eenheid. Elke vloeistofstof heeft zijn eigen dichtheid, dichtheid is dus een stofeigenschap.
Onderzoeksvraag
Welke vloeistofstof heeft de laagste en welke de hoogste dichtheid?
Veiligheid en milieu
Draag een labjas.
Slide 5 - Slide
Practicum vloeistofstapel
Trek een labjas aan
Zet tafels in practicumopstelling
Voer het practicum in duo's uit (materiaal per 4 lln)
Beantwoord de vragen
Lever practicum materialen in
Hang labjas op
timer
15:00
Klaar?
Leg je schrift en rekenmachine klaar
Slide 6 - Slide
Nabespreken
Glycerol heeft een lagere/hogere dichtheid dan water. Dat betekent dat een liter glycerol minder/meer weegt dan een liter water.
Een liter olijfolie weegt minder/meer dan een liter van een van de andere drie vloeistoffen. Olijfolie heeft dus de laagste/hoogste dichtheid.
Zonnebloemolie heeft een hogere dichtheid dan …………..…. maar een lagere dichtheid dan ……………………..
Slide 7 - Slide
Pak je boek + schrift uit je tas
timer
1:00
Slide 8 - Slide
Noteer & Leer
Een (vloei)stof met een lage dichtheid drijft op een (vloei)stof met een hogere dichtheid
hoge dichtheid
lage dichtheid
vloeistof 1
vloeistof 2
vloeistof 3
vloeistof 4
Slide 9 - Slide
Wat klopt er niet aan deze uitspraak?
Kurk is lichter dan water, dus kurk drijft op water
Slide 10 - Slide
Zo zeg je het goed:
Kurk heeft een lagere dichtheid dan water, dus kurk drijft op water
("lichter dan" zegt iets over massa, niet over dichtheid!!)
noteer en leer
Slide 11 - Slide
massa
van iedere stof kun
je een hoeveelheid
afmeten met een massa van 1 kg
ONTHOUD:
--> massa is geen stofeigenschap
Slide 12 - Slide
volume
van iedere stof kun je een hoeveelheid afmeten met een volume van 1 cm3
ONTHOUD:
--> volume is geenstofeigenschap
Slide 13 - Slide
van iedere stof
--> kun je de massa en het volume bepalen
--> met massa en volume kun je de dichtheid berekenen
ONTHOUD:
--> dichtheid is een stofeigenschap
glycerol
1,26 g
water
slaolie
olijfolie
1,00 g
0,96 g
0,92 g
Slide 14 - Slide
Dichtheid is de massa (in g) van 1 cm3 stof
Dit is een stofeigenschap
Slide 15 - Slide
Eenheid van dichtheid
De eenheid van dichtheid is g/cm3 of g cm-3
Dit spreek je uit als gramper kubieke centimeter.
Voorbeeld:
Aluminium heeft een dichtheid van 2,70 g/cm3
= 2,70 g cm-3= 2,70 gram per kubieke centimeter.
NOTEER EN LEER:
Slide 16 - Slide
Ga naar blz 195 in je boek
Zoek de dichtheid op van alcohol en benzine.
Teken in je schrift een reageerbuis
die voor de helft is gevuld met alcohol
en voor de helft met benzine.
Welke vloeistof zit waar?
timer
2:30
Slide 17 - Slide
Leg met het deeltjesmodel uit waarom de dichtheid van een gas lager is dan van een vaste stof
Schrijf je antwoord op zoals je dat op een toets zou doen!
(oefen in formuleren)
timer
2:00
DENKEN
timer
1:00
DELEN
UITWISSELEN
Slide 18 - Slide
Pak je laptop uit je tas
Huiswerk nakijken:
H1.3 opgave 8, 10, 11d en 13
online > open je online leermiddelen
in je schrift > Magister studiewijzer uitwerkingen
timer
2:30
Slide 19 - Slide
Wat heb je geleerd vandaag?
leerdoelencheck in LessonUp
Slide 20 - Slide
<span style="color: rgb(255, 255, 255); font-weight: bold">wel een stofeigenschap</span>