2: zelfstandig naamwoord en lidwoord

Persoonsvorm en zinsdelen
Ik kan lidwoorden en zelfstandige naamwoorden herkennen in een zin
lidwoorden en zelfstandige naamworden
Nederlands
Paragraaf 2: maken opdr. 2, 3, 4 en 6
Klaar? Maak opdr. 7
Hebben we de doelen behaald?
Afmaken opdrachten
1 / 10
next
Slide 1: Slide
NederlandsVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 1

This lesson contains 10 slides, with text slides.

Items in this lesson

Persoonsvorm en zinsdelen
Ik kan lidwoorden en zelfstandige naamwoorden herkennen in een zin
lidwoorden en zelfstandige naamworden
Nederlands
Paragraaf 2: maken opdr. 2, 3, 4 en 6
Klaar? Maak opdr. 7
Hebben we de doelen behaald?
Afmaken opdrachten

Slide 1 - Slide

Persoonsvormen en zinsdelen
Ik kan lidwoorden en zelfstandige naamwoorden herkennen in een zin
lidwoorden en zelfstandige naamwoorden
paragraaf 2 opdr. 2
opdracht bepreken
opdr. 3,4,5,6
Snappen jullie het
opdr 7

Slide 2 - Slide

Lesdoelen

Ik kan lidwoorden en zelfstandige naamwoorden herkennen in een zin

Slide 3 - Slide

Scan de code en maak de oefening

Slide 4 - Slide

Lidwoord
Staat vóór een zelfstandig naamwoord.

De, het, een

Bepaald: de, het
Onbepaald: een

Slide 5 - Slide

Zelfstandig naamwoord
Alle:
Mensen, dieren, dingen, planten, gevoel, begrippen, namen

Voorbeelden:
Laptop, tafel, boos, eik, Pietje, eekhoorn, 

Slide 6 - Slide

Vragen?

Slide 7 - Slide

Aan het werk
Cursus 5
Paragraaf 2
Grammatica makkelijk? --> Maak Leerroute C

Rest klas: 
Maken opdr. 2, 3, 4 en 6
Klaar? Maak opdr. 7

Slide 8 - Slide

Evaluatie lesdoelen

Ik kan lidwoorden en zelfstandige naamwoorden herkennen in een zin

Slide 9 - Slide

Huiswerk


Afmaken opdrachten

Slide 10 - Slide