De student kan de verschillende typen bindweefselcellen benoemen en hun functies beschrijven.
De student kan de verschillende bindweefselvezels (collagene, elastische en reticulaire vezels) benoemen en hun structuur en functie uitleggen.
De student kan de verschillende soorten bindweefsel onderscheiden (dicht, vast en losmazig) en hun bouw en functie met elkaar vergelijken.
De student kan de algemene functies van bindweefsel (zoals stevigheid, bescherming, transport, opslag en herstel) uitleggen.