les 5 - 7,3 korting berekenen + §4.3 meer dan 100 %

basis 
kader
instructie § 7,3
zelfstandig werken
blz 144 of meedoen
zelfstandig werken blz 88 ev
instructie meer dan 100%
werken
werken
1 / 33
next
Slide 1: Slide
WiskundeMiddelbare schoolvmbo t, mavoLeerjaar 2

This lesson contains 33 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

basis 
kader
instructie § 7,3
zelfstandig werken
blz 144 of meedoen
zelfstandig werken blz 88 ev
instructie meer dan 100%
werken
werken

Slide 1 - Slide

basis 
Doel
ik kan bij een korting een nieuwe prijs berekenen

Slide 2 - Slide

Slide 3 - Slide

Slide 4 - Slide

op een trui vAN 39 EURO krijg je 19% korting
%
100

Slide 5 - Slide

op een trui vAN 39 EURO krijg je 19% korting
39
%
100

Slide 6 - Slide

op een trui vAN 39 EURO krijg je 19% korting
39
%
100
1

Slide 7 - Slide

op een trui vAN 39 EURO krijg je 19% korting
39
%
100
1
19
:100
X19

Slide 8 - Slide

op een trui vAN 39 EURO krijg je 19% korting
39
7,41
%
100
1
19
:100
X19

Slide 9 - Slide

op een trui vAN 39 EURO krijg je 19% korting
39
7,41
%
100
1
19
:100
X19
de trui kost   39 - 7,41 = 31,59

Slide 10 - Slide

Slide 11 - Slide

basis oefenen
opdrachten werkboekje §7,3

Slide 12 - Slide

§4.3 meer dan 100 %
ik kan rekenen met aantallen boven de 100%.

ik kan de prijs inclusief btw berekenen.

Slide 13 - Slide

nieuwe prijs na een korting
op een fiets van 395 euro krijg je 15% korting
1. hoeveel moet je betalen? 
100-15=85%

395
335,75
%
100
1
85

Slide 14 - Slide

ik kan een nieuwe prijs na een korting berekenen.
ja makkie
ja, ik weet wat ik moet doen
Ja, wel goed nadenken
nee

Slide 15 - Poll

meer dan 100%
prijsstijging 
dingen worden duurder


Slide 16 - Slide

treinkaartje word 5% duurder
dus je betaalt 105%


Slide 17 - Slide

treinkaartje word 5% duurder
treinkaartje kostte 15 euro wat wordt de nieuwe prijs?


dus je betaalt 105%


kosten
15
procent
100

Slide 18 - Slide

treinkaartje word 5% duurder
treinkaartje kostte 15 euro wat wordt de nieuwe prijs?

dus je betaalt 105%


kosten
15
0,15
procent
100
1

Slide 19 - Slide

treinkaartje word 5% duurder
treinkaartje kostte 15 euro wat wordt de nieuwe prijs?

dus je betaalt 105%


kosten
15
0,15
15,75
procent
100
1
105

Slide 20 - Slide

Rekenen met procentuele stijging
Het minimumjeugdloon voor 15-jarige is in vier jaar met 4,3% gestegen.
In januari 2014 was het minimumjeugdloon per maand 458,55 euro.
Hoeveel is het minimumjeugdloon in januari 2018?

Nieuwe minimumjeugdloon:
100% + 4,3% = 104,3%
loon
%
100
1
104,3

Slide 21 - Slide

Rekenen met procentuele stijging
Het minimumjeugdloon voor 15-jarige is in vier jaar met 4,3% gestegen.
In januari 2014 was het minimumjeugdloon per maand 458,55 euro.
Hoeveel is het minimumjeugdloon in januari 2018?

Nieuwe minimumjeugdloon:
100% + 4,3% = 104,3%
loon
458,55
478,27
%
100
1
104,3

Slide 22 - Slide

BTW
ik kan een prijs berekenen incl. btw

Slide 23 - Slide

BTW
BTW betekent Belasting Toegevoegde Waarde
Vaak is de BTW 21%.

De prijs zonder BTW  noem je "exclusief BTW". 
Exclusief BTW -> 100 % 

De prijs met BTW noem je "inclusief BTW".
Inclusief BTW -> 121 %

Slide 24 - Slide

BTW
Een scooter kost €2643 exclusief 21% btw.
Hoeveel kost de scooter met btw?

%
100
1
121
De btw komt altijd bovenop de volledige prijs. 
Het is dus altijd 100% + btw

Slide 25 - Slide

BTW
Een scooter kost €2643 exclusief 21% btw.
Hoeveel kost de scooter met btw?

%
100
1
121
2643
26,43
3198
De btw komt altijd bovenop de volledige prijs. 
Het is dus altijd 100% + btw

Slide 26 - Slide

BTW
Een broek kost €35 exclusief 21% btw.
Hoeveel kost de broek met btw?

%
100
De btw komt altijd bovenop de volledige prijs. 
Het is dus altijd 100% + btw

Slide 27 - Slide

BTW
Een broek kost €35 exclusief 21% btw.
Hoeveel kost de broek met btw?

%
100
1
121
35
0,35
42,35
De btw komt altijd bovenop de volledige prijs. 
Het is dus altijd 100% + btw

Slide 28 - Slide

zelf
%
100
kosten
Een zak oliebollen kost 8 euro exclusief btw.
Hoeveel kost deze zak inclusief btw?

Slide 29 - Slide

lever een foto in van de opdracht

Slide 30 - Open question

%
100
1
121
kosten
8
0,08
9,68
Een zak oliebollen kost 8 euro exclusief btw.
Hoeveel kost deze zak inclusief btw?

Slide 31 - Slide

maken §4.3 meer dan 100% blz 142
wie: individueel 
doel: ik kan een prijs inclusief BTW berekenen.
hoe: in stilte/fluisteren
hulp: docent loopt rondes 
hoe lang: zie timer 
klaar: ander huiswerk 

timer
1:00

Slide 32 - Slide

aan de slag
wie: kader
wat: §4 meer dan 100 blz 144
hoe: in stilte (oortjes na toestemming)
hulp: docent loopt rondes 
hoe lang: einde les
klaar: ander huiswerk 

Wie: Basis 
wat: korting berekenen hoofdstuk 6
hoe: in stilte (oortjes na toestemming)
hulp: docent loopt rondes 
hoe lang: einde les
klaar: ander huiswerk

Slide 33 - Slide