Helium, neon, argon, krypton en xenon in gasontladingsbuizen (foto: Alchemist-hp, CC BY-SA 2.0 de)
EXAMENSTOF SCHEIKUNDE · MATERIE · ATOOMBOUW
Quiz
Terugblik: Atoombouw en periodiek systeem
Helium, neon, argon, krypton en xenon in gasontladingsbuizen (foto: Alchemist-hp, CC BY-SA 2.0 de)
EXAMENSTOF SCHEIKUNDE · MATERIE · ATOOMBOUW
Quiz
Terugblik: Atoombouw en periodiek systeem
Les 3 van 3. Leerlingen beantwoorden individueel; bespreek na elke paar vragen kort de antwoorden. Image credit: Alchemist-hp / Wikimedia Commons, CC BY-SA 2.0 de
Welk deeltje in een atoom heeft de kleinste massa?
Proton
Neutron
Alle deeltjes even zwaar
Elektron
Het elektron is ongeveer 1800 keer lichter dan een proton. Fout: denken dat alle deeltjes in het atoom even zwaar zijn.
Welk deeltje in een atoom heeft geen lading?
Proton
Elektron
Kern
Neutron
Het neutron is neutraal. De kern als geheel is positief door de protonen.
Vul in
Het atoomnummer is gelijk aan het aantal protonen en bepaalt de plaats van het element in de tabel.
Atoomnummer = aantal protonen = plaats in het periodiek systeem.
Hoe is de atomaire massa-eenheid (u) vastgelegd?
De massa van een ¹H-atoom
1/12 van de massa van een ¹²C-atoom
1/12 van de massa van een ¹²C-kern
De massa van een elektron
Syllabus M1.3: 1 u is 1/12 van de massa van een koolstof-12-atoom (ongeveer 1,66·10⁻²⁷ kg). Een ¹H-atoom weegt bijna, maar niet precies, 1 u; een elektron weegt ongeveer 1/1800 u. De kern is fout omdat de definitie het hele atoom neemt.
Welk atoom heeft de elektronenconfiguratie 2,8,6?
Zuurstof
Argon
Zwavel
Silicium
2 + 8 + 6 = 16 elektronen, dus atoomnummer 16: zwavel (periode 3, groep 16). Zuurstof heeft 2,6 (zelfde groep, één schil minder), argon 2,8,8, silicium 2,8,4.
Welk ion heeft dezelfde elektronenconfiguratie als neon (2,8)?
Na⁺
K⁺
Cl⁻
Li⁺
Na⁺: 11 protonen, 10 elektronen, dus 2,8 zoals neon. K⁺ en Cl⁻ hebben 18 elektronen (2,8,8, zoals argon), Li⁺ heeft 2 elektronen (zoals helium).
Zet op volgorde van weinig naar veel elektronen.
H⁺ heeft 0 elektronen, He heeft 2, O²⁻ heeft 10 en Cl⁻ heeft 18.
Welke twee elementen horen allebei bij de halogenen?
Zuurstof en zwavel
Chloor en jood
Natrium en kalium
Helium en neon
Halogenen staan in groep 17. Zuurstof en zwavel staan in groep 16, natrium en kalium zijn alkalimetalen, helium en neon zijn edelgassen.
Hoe verandert de reactiviteit met water van lithium naar kalium?
Hij neemt af
Hij blijft gelijk
Hij neemt eerst af en dan toe
Hij neemt toe
Bij de alkalimetalen reageren de metalen lager in de groep heviger met water. Aflopen geldt voor de halogenen.
Welke formule klopt met de covalenties van fosfor en waterstof?
PH₃
PH₂
PH₄
P₃H
Fosfor staat in groep 15: covalentie 3, waterstof 1, dus PH₃.
Waarin verschillen ³⁵Cl en ³⁷Cl?
Het zijn isotopen van chloor. ³⁷Cl heeft 2 neutronen meer dan ³⁵Cl (20 tegen 18); aantal protonen (17) en elektronen is gelijk.
Welk element is een niet-metaal?
Kalium
Magnesium
Fosfor
IJzer
Fosfor staat rechtsboven in het periodiek systeem. Kalium, magnesium en ijzer zijn metalen.
Hoe zeker voel je je over dit onderwerp?
Heel zeker
Redelijk zeker
Niet zo zeker
Helemaal niet zeker
Gebruik de uitslag om te bepalen of je een onderdeel herhaalt.
EXAMENSTOF SCHEIKUNDE · MATERIE · ATOOMBOUW
Goed gedaan!
Je kunt nu atomen en ionen tellen, de elektronenconfiguratie geven en het periodiek systeem gebruiken.
This item has no instructions