Hoofdstuk 1 26/27

Mens en Activiteit
Welkom!
Jassen in je kluis en leg je boek, pennen evt schrift op tafel (tassen bij de kapstok).

Ga lekker zitten volgens 
de plattegrond


1 / 49
next
Slide 1: Slide
Zorg en WelzijnMiddelbare schoolvmbo k, gLeerjaar 3

This lesson contains 49 slides, with text slides and 3 videos.

time-iconLesson duration is: 150 min
Report this lesson

Items in this lesson

Mens en Activiteit
Welkom!
Jassen in je kluis en leg je boek, pennen evt schrift op tafel (tassen bij de kapstok).

Ga lekker zitten volgens 
de plattegrond


Slide 1 - Slide

Wat gaan we doen vandaag?

Kennismaken
PTA en hoe gaat dit jaar eruit zien? 
Boek activeren 
Start hoofdstuk 1 
Schoolfoto: K3A: 13:00, K3B 11:10, K3C 11:20 --> Plan:.........


Slide 2 - Slide

Kennismaken: 
Jouw handafdruk 

Zie werkkaart, trek je hand over op een papier.
Duim = waar ben je goed in?
Wijsvinger = Waar ga je naar toe?
Middelvinger = Waar heb je een hekel aan?
Ringvinger = Waar ben je trouw aan?
(Wat vind jij belangrijk of hou je van?)
Pink = Waar ben je klein in? (wat vind je nog lastig
of wil je graag aan werken)
timer
20:00

Slide 3 - Slide

Slide 4 - Slide

Waar gaat deze module over?
Waarom is het handig om te weten hoe je een activiteit moet organiseren?

Voor wie kan je activiteiten organiseren?

Waar moet je rekening mee houden?


Slide 5 - Slide




Bij Mact 2 toetsen.
beide toetsen bestaan uit theorievragen en een praktijk opdracht. 

Slide 6 - Slide

Naast theorie ook praktijk

Sociaal-Wijkteam (2x)
De kinderboeken week op basisschool het Eiland (1x)

Slide 7 - Slide



Hoe werkt de methode?

Slide 8 - Slide

Boek activeren
Ga naar Google Chrome en dan naar www.uitgeversgroep.nl/login 



Slide 9 - Slide

Inloggen op de Uitgeversgroep
1.  Boek : voorkomen van ongevallen en EHBO
Gebruikersnaam = inloggen op leerlingnummer@vozaanstad.nl

Wachtwoord = je voornaam met Hoofdletter en je geboortejaar: Els1963!
www.uitgeversgroep.nl

2. Naam voorop je boek en erin met je klas.



Slide 10 - Slide

Doelstellingen
Aan het einde van dit hoofdstuk weet je meer over:

  •  Welke soorten activiteiten er zijn;
  •  Welke organisaties activiteiten aanbieden;
  •  Wat voor soort activiteiten deze organisaties aanbieden;
  •  Activiteiten met een thema;
  •  Voor welke doelgroepen de organisaties activiteiten aanbieden.

Slide 11 - Slide

KENNISMAKEN MET ACTIVITEITEN EN ORGANISATIES
 
blz. 19 opdracht 1.01
Welke soorten activiteiten kennen jullie?


Welke organisaties binnen zorg en welzijn kennen jullie?


timer
1:00

Slide 12 - Slide

Soorten activiteiten

1. Belevingsgerichte activiteiten
Activiteiten waarbij gevoel, zintuigen en beleving centraal staan. 

2. Sportieve activiteiten 
Bij sportieve activiteiten denk je al snel aan voetbal of een HITT-training. Maar binnen zorg en welzijn gaat het om iedere vorm van beweging. 

3. Recreatieve activiteiten 
Recreatie betekent: ontspanning of vrijetijdsbesteding. Met deze activiteiten wil je bereiken dat mensen een plezierige tijd hebben. 


Slide 13 - Slide

Soorten activiteiten
4. Sociale activiteiten 
Dit zijn activiteiten waarbij mensen contact kunnen maken met elkaar. Het doel van deze activiteiten is het bevorderen van sociale contacten.
5. Zelfzorgactiveiten
Hierbij leer je zelfstandiger worden en voor jezelf zorgen in het dagelijks leven. 
6. Arbeidsgerichte activiteiten. 
Deze activiteiten bereiden mensen voor op werk of dagbesteding. 
7. Educatieve activiteiten 
Dit zijn activiteiten waarbij je iets leert. 
8. Voorlichtingsactiviteiten
Wanneer je informatie geeft over een bepaald thema tijdens een activiteit. 

Slide 14 - Slide

SOORTEN ACTIVITEITEN
Er zijn vier soorten activiteiten:
Recreatieve activiteiten
Educatieve activiteiten
Sportieve activiteiten
Sociale activiteiten

Kies de juiste foto bij
de soort activiteit.


Slide 15 - Slide

Opdracht 1.02 blz.20
Lees eerst de vragen door

Slide 16 - Slide

Welk soort activiteit is dit?

Slide 17 - Slide

Mens en Activiteit
Welkom!
Jassen in je kluis en leg je boek, pennen evt schrift op tafel (tassen bij de kapstok).

Ga lekker zitten volgens 
de plattegrond


Slide 18 - Slide

Vorige les gehad over soorten activiteiten


1. Belevingsgerichte activiteiten
2. Sportieve activiteiten 
3. Recreatieve activiteiten 
4. Sociale activiteiten 
5. Zelfzorgactiveiten
6. Arbeidsgerichte activiteiten. 
7. Educatieve activiteiten 
8. Voorlichtingsactiviteiten


Slide 19 - Slide

Noteer op een blaadje welke activiteiten je in de volgende video ziet:


Benoem bij ieder soort activiteit een voorbeeld
Sportief 
Sociaal
Educatief 
Recreatief

Slide 20 - Slide

Slide 21 - Video

Welke activiteiten heb je in het filmpje gezien?

Benoem bij ieder soort activiteit een voorbeeld
Sportief 
Sociaal
Educatief 
Recreatief

Slide 22 - Slide

Thema activiteiten
Dit zijn activiteiten die gaan over een onderwerp waarmee deelnemers in een bepaalde periode ervaring in op doen.
Hieronder zie je drie thema’s staan. Welke activiteiten kun jij
 daarbij bedenken? Bedenk in je tafelgroepje per thema drie soorten activiteiten.
Zomer                  Herfst                  Winter 


timer
1:00

Slide 23 - Slide

Opdracht 1.08 blz.24
Lees eerst de vragen door.

Slide 24 - Slide

Voorlichtingsactiviteiten
Bij deze activiteiten wordt informatie gegeven over een onderwerp.

Bekijk de informatie video over burn-out klachten onder millenniums:
Noteer minimaal 4 punten die jij hebt onthouden uit deze informatie.

Slide 25 - Slide

Slide 26 - Video

Opdracht 1.09 blz. 24
Lees eerst de vragen door

Slide 27 - Slide

Maak de vragen van H1 t/m 1.09 blz 25

Klaar: Aftekenen bij docent en starten met 
deelopdracht 1.01 blz 192

Iedereen klaar: Nabespreken
Niet binnen de tijd klaar = huiswerk

Slide 28 - Slide

Groeps- of individuele activiteit

Groepsactiviteit = met meerdere

Individuele activiteit = alleen

Soms kan het ook beide zijn.

Slide 29 - Slide

Homogene of Heterogene
Homogene groepen = mensen met dezelfde eigenschappen, interesses, leeftijden of hetzelfde geslacht.

Heterogene groepen = mensen met verschillende eigenschappen, interesses, leeftijden of verschillend geslacht.

Slide 30 - Slide

Verticaal of Horizontaal
Verticale groep = groepen met deelnemers van verschillende leeftijden

Horizontale groep = zijn groepen waar deelnemers even oud zijn.

Slide 31 - Slide

Verticaal of Horizontaal?
Homogene of Heterogene?

Slide 32 - Slide

Organisaties binnen de zorg en welzijn


Welke ken je al?

Slide 33 - Slide

Kinderopvang
Kinderopvang is een verzamelterm voor verschillende mogelijkheden om kinderen op te vangen als de kinderen niet naar school gaan of hun ouders niet thuis zijn.



Slide 34 - Slide

Opdracht 1.12 blz. 29
Lees eerst de vragen door.

Slide 35 - Slide

Er zijn verschillende vormen van kinderopvang
1. Kinderdagverblijf, deze biedt opvang voor kinderen van nul tot vier jaar.

2. Peuterspeelzaal, deze is bedoeld voor kinderen tussen de twee en vier jaar.

3. Buitenschoolse opvang(BSO), deze biedt opvang aan kinderen van 4 t/m 12 jaar die naar school gaan. Kinderen kunnen voor ze ‘s morgens naar school gaan, in de middagpauze en na school naar de BSO.
 



Slide 36 - Slide

Een buurthuis en wijkcentrum
Een buurthuis of wijkcentrum is een activiteitencentrum van en voor bewoners in de buurt.

Slide 37 - Slide

Jongeren/tienercentrum
Een jongeren/tienercentrum is een instelling waar jongeren, meestal schoolgaande jeugd, terecht kunnen om zich te ontspannen of om informatie te verkrijgen over thema’s of onderwerpen die aansluiten bij hun leefwereld.

Slide 38 - Slide

(Crisis)opvangcentra
Soms raken mensen zo in de problemen dat zij tijdelijk of voor altijd geen woonruimte meer hebben. Er zijn verschillende soorten opvang: 

  • Crisisopvang: hier kunnen alle mensen terecht die heel erg in de problemen zitten. Dit is een tijdelijke oplossing.
  • Vrouwenopvang: Er bestaat voor vrouwen en eventueel kinderen, speciale opvang waar geen mannen worden toegelaten.
  • Asielzoekerscentra (AZC): deze zijn bestemd voor mensen die gevlucht zijn uit hun land. Ze wachten in een asielzoekerscentrum hun procedure af. 
  • Dak- en thuislozenopvang: is bestemd voor mensen die geen huis of kamer hebben en die niet thuis kunnen wonen. 

Slide 39 - Slide

Opdracht 1.17 blz.33
Lees eerst de vragen door.

Slide 40 - Slide

Opdracht 1.18 blz. 34

Slide 41 - Slide

Dagbesteding, 24-uurs zorg 
Dagbesteding bestaat uit activiteiten om overdag de tijd zinnig te besteden.
Dagbesteding :
  • bestaat uit activiteiten om overdag de tijd zinnig te besteden. 
  • Voor mensen die door een handicap, een beperking, een ziekte of ouderdom (nog) niet kunnen werken of naar school gaan.

24-uurszorg:

  • Verpleeghuis
  • Zorgcentrum

.
Woonzorgcentrum (aanleunwoningen):
In een woonzorgcentrum woont iemand zelfstandig en huurt hulp/zorg in. Bijvoorbeeld een schoonmaker of een verpleegkundige. Voordeel van deze manier van wonen is dat je daar ook met je partner kunt wonen.








Slide 42 - Slide

Gehandicaptenzorg

In de gehandicaptenzorg worden mensen met een beperking begeleid en verzorgd.
Dit kan een lichamelijke, geestelijke
of zintuiglijke beperking zijn.

Op de volgende dia’s zie je foto’s van verschillende beperkingen.
Weet jij om welke beperking het gaat?










Slide 43 - Slide

Slide 44 - Slide

Slide 45 - Slide

Opdracht 1.21 blz.38
Lees eerst de vragen door.

Slide 46 - Slide

Maak hoofdstuk 1 af
t/m opdracht 1.22 blz 41.

Klaar = aftekenen bij docent en nakijken.
Daarna verder met deelopdracht 1.01

Niet binnen de tijd klaar, dan is het huiswerk.


Slide 47 - Slide

Het is inmiddels een mooie traditie: aan het einde van
het jaar maken cliënten en medewerkers van HVO-Querido
samen een kerstlied en video. Dit jaar is dat de samenwerking
van Het Ritme van de Stad. HVO-Querido is een organisatie
die zich bezighoudt met het o.a organiseren van crisis opvang, opvang voor dak en thuislozen.

Slide 48 - Slide

Slide 49 - Video