Herhaling en opgaven 3.1 en 3.2

Herhaling en opgaven 3.1 en 3.2
1 / 21
next
Slide 1: Slide
EconomieMiddelbare schoolhavoLeerjaar 3

This lesson contains 21 slides, with interactive quiz and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Herhaling en opgaven 3.1 en 3.2

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Hey!
Goed dat je er bent!
Pak jouw spullen alvast:
  • Pen en papier
  • Boek pagina 66
  • Rekenmachine
timer
3:00

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Leerdoel
Aan het einde van de les weet je:
  • hoe je de vraaglijn en de aanbodlijn moet tekenen
  • wanneer er sprake is van vraag overschot en aanbodoverschot
  • hoe de prijselasticiteit te berekenen

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Formule van de Vraagfunctie
   Qv = -aP + b
Qv = gevraagde hoeveelheid (Quantity vraag)
P = de prijs (Prijs van het Product)
a = hoe verandert de vraag op een verandering van de prijs
b = dit deel is niet afhankelijk van de prijs (bijvoorbeeld: wat de prijs ook is, brood koop je altijd)

Slide 4 - Slide

This item has no instructions



  • Qv = -aP + b
  • Qv = -0,2P + 75
  • Qv = -0,2*325 + 75
  • Qv = -65 + 75
  • Qv = 10
  • dus 10 kopers bij € 325,-
b. Als de prijs stijgt daalt de vraag



  • Qv = -aP + b
  • Qv = -0,2P + 75
  • Qv = -0,2*250 + 75
  • Qv = -50 + 75
  • Qv = 25
  • dus 10 kopers bij € 325,-
    Er is een negatief verband tussen pris en vraag

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Hoe teken je de vraaglijn?

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

a. Teken de vraaglijn van de vergelijking Qv = -400P + 2.000
b. Teken ook de vraaglijn van de vergelijking Qv = -400P + 1.000




Stap 1  P = 0
Stap 2 Qv = 0
Stap 3 Teken grafiek

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

12 a De gevraagde hoeveelheid bij p = 0 (is Stap 1)
  qv = –2 × 0 + 900 = 900
Dus bij een Prijs van 0 is de hoeveelheid 900
  De prijs als qv = 0 (is Stap 2)
  0 = –2 × p + 900; 2p = 900; p = 900 ÷ 2 = 450
Dus bij een hoeveelheid van 0 is de prijs 450




Slide 8 - Slide

This item has no instructions

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

In de formule geeft de -b het bedrag aan dat  de aanbieder wil terugverdienen. 
Voorbeeld:
Qa = 0,5p - 2.000
Dat betekent het volgende:
Bij 1 product (2*0,5) wil de producent 4.000 verdienen (2* 2.000)

Qa=apb

Slide 11 - Slide

Reken dit maar uit bij opgave 17 c
===>
Fout
in 
Boek!!!

Slide 12 - Slide

This item has no instructions

Aanbodfactoren
  • Prijs : zorgt voor een verschuiving OP de aanbodlijn

  • Kosten van arbeid of grondstoffen
  • Verbeterde technologie
    Zorgen voor verschuiving VAN de aanbodlijn

Slide 13 - Slide

This item has no instructions

Vraaglijn
Aanbodlijn

Slide 14 - Slide

This item has no instructions

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

Slide 16 - Slide

This item has no instructions

Slide 17 - Slide

This item has no instructions

Formule Prijselasticiteit
Verandering van de vraag in procenten
________________________________________
Verandering van de prijs in procenten
ONOX100

Slide 18 - Slide

This item has no instructions

% verandering van de prijs = (150 – 200) ÷ 200 × 100% = –25%
  % verandering van de vraag = (55 – 35) ÷ 35 × 100% = 57%
  De prijselasticiteit van de vraag = +57% ÷ –25% = –2,3

ONOX100

Slide 19 - Slide

This item has no instructions

Prijselasticiteit van de Vraag
De reactie van de vraag op een prijsverandering
  • Elastisch => gevraagde hoeveelheid verandert sterk op prijsverandering! (< -1)
  • Inelastisch => gevraagde hoeveelheid verandert zwak op prijsverandering! (tussen 0 en -1)
  • Volkomen Inelastisch bij waarde 0

Slide 20 - Slide

This item has no instructions

Eindvraag?

Slide 21 - Open question

This item has no instructions