Verdachten en Strafbare Feiten

Verdachten en Strafbare Feiten
1 / 27
next
Slide 1: Slide

This lesson contains 27 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

Verdachten en Strafbare Feiten

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Leerdoelen
Aan het einde van deze les kun je uitleggen wat een verdachte is en wat een strafbaar feit is

Slide 2 - Slide

Introduceer de leerdoelen van de les en leg uit wat de studenten aan het einde van de les zullen hebben geleerd.
Wat weet jij al over verdachten en strafbare feiten?

Slide 3 - Mind map

This item has no instructions

Wat is een verdachte?
Een verdachte is iemand waarvan wordt vermoed dat hij of zij een strafbaar feit heeft gepleegd.

Slide 4 - Slide

Leg uit wat een verdachte is en geef voorbeelden van situaties waarin iemand als verdachte kan worden beschouwd.
Wie bepaalt of iemand een verdachte is?
De politie en het Openbaar Ministerie (OM) bepalen of iemand als verdachte wordt beschouwd.

Slide 5 - Slide

Leg uit wie bepaalt of iemand als verdachte wordt beschouwd en hoe dit proces verloopt.
Wat is een strafbaar feit?
Een strafbaar feit is een handeling die wettelijk verboden is en waar een straf op staat.

Slide 6 - Slide

Leg uit wat een strafbaar feit is en geef voorbeelden van verschillende soorten strafbare feiten.
Wie bepaalt welke handelingen strafbaar zijn?
De wetgever bepaalt welke handelingen strafbaar zijn.

Slide 7 - Slide

Leg uit wie bepaalt welke handelingen strafbaar zijn en hoe dit proces verloopt.
Wat is het verschil tussen een verdachte en een dader?
Een verdachte is iemand waarvan wordt vermoed dat hij of zij een strafbaar feit heeft gepleegd. Een dader is iemand waarvan bewezen is dat hij of zij een strafbaar feit heeft gepleegd.

Slide 8 - Slide

Leg het verschil uit tussen een verdachte en een dader en geef voorbeelden van situaties waarin iemand als dader kan worden beschouwd.
Wat is het verschil tussen een overtreding en een misdrijf?
Een overtreding is een licht strafbaar feit, zoals te hard rijden. Een misdrijf is een ernstiger strafbaar feit, zoals diefstal of moord.

Slide 9 - Slide

Leg het verschil uit tussen een overtreding en een misdrijf en geef voorbeelden van verschillende soorten overtredingen en misdrijven.
Wat is het strafrecht?
Het strafrecht is het geheel van regels en wetten die bepalen welke handelingen strafbaar zijn en welke straffen daarop staan.

Slide 10 - Slide

Leg uit wat het strafrecht is en hoe het werkt.
Wat is het doel van straffen?
Het doel van straffen is om de dader te laten boeten voor zijn of haar strafbare feit, de samenleving te beschermen en de dader te rehabiliteren.

Slide 11 - Slide

Leg uit wat het doel van straffen is en waarom het belangrijk is.
Wat zijn de verschillende soorten straffen?
Er zijn verschillende soorten straffen, zoals gevangenisstraf, taakstraf, geldboete en voorwaardelijke straf.

Slide 12 - Slide

Leg uit wat de verschillende soorten straffen zijn en geef voorbeelden van situaties waarin deze straffen kunnen worden opgelegd.
Wat is een rechtszaak?
Een rechtszaak is een juridisch proces waarin een verdachte wordt berecht door een rechter.

Slide 13 - Slide

Leg uit wat een rechtszaak is en hoe het proces verloopt.
Welke partijen zijn betrokken bij een rechtszaak?
Bij een rechtszaak zijn de verdachte, de officier van justitie (namens het OM) en de rechter betrokken.

Slide 14 - Slide

Leg uit welke partijen betrokken zijn bij een rechtszaak en wat hun rol is.
Wat is een strafblad?
Een strafblad is een officieel document waarop alle strafbare feiten staan vermeld die iemand heeft gepleegd en welke straffen daarop zijn opgelegd.

Slide 15 - Slide

Leg uit wat een strafblad is en waarom het belangrijk is.
Hoe lang blijft een strafblad geldig?
Een strafblad blijft in principe voor altijd geldig, tenzij de persoon in kwestie een verzoek indient om het te laten verwijderen.

Slide 16 - Slide

Leg uit hoe lang een strafblad geldig is en onder welke omstandigheden het kan worden verwijderd.
Wat zijn de gevolgen van een strafblad?
Een strafblad kan negatieve gevolgen hebben voor bijvoorbeeld een sollicitatieprocedure of het aanvragen van een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG).

Slide 17 - Slide

Leg uit wat de gevolgen kunnen zijn van een strafblad en waarom het belangrijk is om hier rekening mee te houden.
Wat zijn je rechten als verdachte?
Als verdachte heb je onder andere het recht om te zwijgen, een advocaat te raadplegen en in beroep te gaan tegen een straf.

Slide 18 - Slide

Leg uit wat de rechten zijn van een verdachte en waarom het belangrijk is dat deze rechten worden gerespecteerd.
Wat zijn je plichten als verdachte?
Als verdachte heb je onder andere de plicht om mee te werken aan het onderzoek en de waarheid te vertellen.

Slide 19 - Slide

Leg uit wat de plichten zijn van een verdachte en waarom het belangrijk is dat deze plichten worden nageleefd.
Wat zijn de taken van de politie?
De politie heeft als taak om de openbare orde te handhaven, strafbare feiten op te sporen en verdachten aan te houden.

Slide 20 - Slide

Leg uit wat de taken zijn van de politie en waarom deze taken belangrijk zijn.
Wat is het verschil tussen de politie en het Openbaar Ministerie?
De politie heeft als taak om strafbare feiten op te sporen en verdachten aan te houden. Het Openbaar Ministerie (OM) heeft als taak om te beslissen of een verdachte wordt vervolgd en welke straf er wordt geëist.

Slide 21 - Slide

Leg het verschil uit tussen de politie en het Openbaar Ministerie en hoe deze instanties samenwerken.
Hoe wordt bepaald welke straf wordt opgelegd?
De rechter bepaalt welke straf wordt opgelegd, op basis van de ernst van het strafbare feit en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte.

Slide 22 - Slide

Leg uit hoe de hoogte van een straf wordt bepaald en waarom dit proces belangrijk is.
Wat is recidive?
Recidive betekent dat iemand opnieuw een strafbaar feit pleegt na een eerdere veroordeling.

Slide 23 - Slide

Leg uit wat recidive is en waarom het belangrijk is om hier rekening mee te houden bij het bepalen van een straf.
Samenvatting
We hebben geleerd wat een verdachte is, wat een strafbaar feit is, wat het verschil is tussen een overtreding en een misdrijf, wat het doel van straffen is, wat een rechtszaak is, wat een strafblad is en welke rechten en plichten een verdachte heeft.

Slide 24 - Slide

Vat de belangrijkste punten van de les samen en zorg ervoor dat de studenten de belangrijkste concepten begrijpen.
Schrijf 3 dingen op die je deze les hebt geleerd.

Slide 25 - Open question

De leerlingen voeren hier drie dingen in die ze in deze les hebben geleerd. Hiermee geven ze aan wat hun eigen leerrendement van deze les is.
Schrijf 2 dingen op waarover je meer wilt weten.

Slide 26 - Open question

De leerlingen voeren hier twee dingen in waarover ze meer zouden willen weten. Hiermee vergroot je niet alleen betrokkenheid, maar geef je hen ook meer eigenaarschap.
Stel 1 vraag over iets dat je nog niet zo goed hebt begrepen.

Slide 27 - Open question

De leerlingen geven hier (in vraagvorm) aan met welk onderdeel van de stof ze nog moeite. Voor de docent biedt dit niet alleen inzicht in de mate waarin de stof de leerlingen begrijpen/beheersen, maar ook een goed startpunt voor een volgende les.