De kalender: maanden, dagen en tijden
De kalender: maanden, dagen en tijden
Wat weet je al over de kalender?
Lesdoel
Aan het einde van de les kun je maanden, dagen van de week en tijden op de kalender benoemen en gebruiken.
De maanden van het jaar
Er zijn 12 maanden in het jaar. Voorbeelden: januari, februari, maart.
De dagen van de week
Er zijn 7 dagen: maandag, dinsdag, woensdag, donderdag, vrijdag, zaterdag, zondag.
Tijden op de kalender
Hoe noteer je een afspraak?
Schrijf de dag, datum, tijd en de activiteit op. Bijvoorbeeld: dinsdag 15 juli, 10:00 uur sporten met Henk.
10:00 sporten met Henk
Wat moet je noteren voor een afspraak?
datum
activiteit
dag
tijd
Hoe schrijf je de tijd op?
10:00 uur
10:00am
14:30 uur
Welke datum is goed geschreven?
dinsdag 15 juli
15 juli dinsdag
Hoe noteer je een afspraak correct?
15 juli, dinsdag 10:00 uur
dinsdag 15 juli, 10:00 uur sporten met Henk
Reflectie
Wat heb je vandaag geleerd over de kalender? Kun je een afspraak maken met de juiste datum en tijd?