Welkom terug in de les
Les 27 /51 - 1 september 2026
Welkom terug in de les
Les 27 /51 - 1 september 2026
Wat gaan we doen vandaag?
Inchecken - vakantieverhalen
Planning + huiswerk tot december
Thema 16 - herhalen
Thema 17- taak 1
Grammatica - 2.26
Boekpresentatie
Competent in taal
Huiswerk 3 september
Uitsmijter
Lesdoelen
je praat over je vakantie in de verleden tijd
je weet het verschil tussen perfectum en imperfectum
je schrijft een tekst over een probleem
je oefent met werkwoorden uit 2 delen
je praat over jouw kwaliteiten
je geeft / luistert naar een boekverslag
je luistert naar een Nederlands liedje
je hebt zin in de volgende les(sen)
Vertel over je vakantie
In tweetallen:
Waar was je?
Wat heb je gedaan?
Met wie?
Wanneer/hoe lang ben je gegaan?
Hoe was het weer?
Wat was het leukste?
Gebruik imperfectum of perfectum.
In de klas:
Vertel over zijn/haar vakantie.
Perfectum of imperfectum?
Bij een actie die voorbij is:
Ik heb elke dag gefietst.
Ik ben naar België geweest.
Regel:
hebben/zijn + ge+ik-vorm+d/t
Imperfectum
Perfectum
Bij een situatie, gewoonte of verhaal:
Het was erg warm, wel 35 graden.
In de middag hielden we siësta.
We logeerden in een hotel.
Regel:
ik-vorm+de(n) of te(n)
Hoe heb je Nederlands geoefend in de vakantie?
Ik heb veel Nederlands gesproken (met collega's, vrienden, familie, klanten, etc.)
Ik heb Nederlands gesproken met de computer.
Ik heb veel Nederlands gelezen.
Ik heb veel Nederlands geluisterd (muziek, radio, televisie)
Ik heb veel huiswerk gemaakt.
Ik heb weinig Nederlands geoefend.
Checklist
Link
Heb je opdrachten van thema 11-16 gemaakt?
Heb je alle grammaticaoefeningen gedaan?
Heb je alle testen van thema 11-16 gemaakt?
Competent in taal
Ben je ingelogd Competent in taal?
Heb je de e-learning (1 en 2) gemaakt?
Heb je de eindopdracht ingeleverd?
Padlet
Heb je praktijkopdrachten (1 en 2) gemaakt?
Heb je een Nederlands boek gelezen?
Planning en huiswerk
Nog 24 lessen:
Link: thema 17-20 (1 taak per les) + alle toetsen en grammatica
Competent in Taal: e-learning + eindopdracht van 4 competenties
Slim Lezen en Slim Schrijven = examenteksten oefenen
Luisteroefeningen
Oefeningen met Spreken en Gesprekvoeren
Zie planning in padlet:
Op 10 september en 1 oktober geen les.
Laatsten lessen op 1 en 3 december
Thema 16 - herhalen
Werkwoorden uit twee delen:
oplossen/uitnodigen/vastmaken/ weglopen/aanmelden/afzeggen/...
We willen graag afrekenen:
Hij rekent contant af.
Jij hebt contant afgerekend.
De cursisten moeten goed opletten.
Zij let altijd goed op.
Ik heb even niet opgelet.
Wat heb je geleerd?
Grammatica
Hulp vragen of hulp aanbieden/geven:
Kunt u mij helpen? Kan je mij helpen?
Wat kan ik voor u/jou doen?
Een probleem of ongeluk beschrijven en oplossen
Mijn fietsband is lek. Mag ik jouw fiets lenen?
Mijn arm is gebroken. Ik moet rust houden.
De afvalcontainer is niet opgehaald. Wanneer kunt u langskomen?
Oefening probleem beschrijven
Bekijk het filmpje en schrijf op:
wat is het probleem?
hoe komt het?
hoe kan het probleem opgelost worden?
Noem 3 voorbeelden.
Maak in tweetallen een kort verhaaltje.
Wil je alles goed opschrijven?
Ja, ik opschrijf alles goed.
Ja, ik heb alles goed opgeschreven.
Ja, ik schrijf alles goed op.
Ja, ik heb alles goed opschrijven.
Wil je dat morgen meenemen?
Ja, ik neem het morgen mee.
Ja, ik meeneem het morgen.
Ja, morgen neem ik het mee.
Ja, morgen ik neem het mee.
Maak een zin met afspreken in perfectum
Thema 17 - Ik zoek werk
Wat ga je leren?
praten over kwaliteiten
reageren op een vacature
hulp vragen aan je netwerk
een vacature lezen en een sollicitatieformulier invullen
Wat weten jullie al?
ervaring met solliciteren?
een sollicitatiegesprek voeren of formulier invullen?
een cv / een Linkedin-profiel maken?
Thema 17 - Over werk zoeken en solliciteren
Doel taak 1: praten over kwaliteiten
Samen luisteren naar de tekst en lees mee (p. 297)
Moeilijke woorden?
Verschil tussen kwaliteiten en ervaring
Maak opdracht 2, 3 en 4 (werk samen)
Moeilijke woorden?
Maak opdracht 5, 6, 7
Waar ben jij goed in? Noem drie kwaliteiten.
Boekverslag
Vragen bij het boek
Wat is de titel van het boek? Wie is de schrijver?
Wie is de hoofdpersoon? Wat maakt hij/zij mee?
Wat heb je geleerd van dit boek?
Welk cijfer geef je dit boek?
Wat vind je goed? Waarom?
Wat vind je niet goed? Waarom niet?
Voor wie is dit een leuk boek? Waarom?
Wie wil volgende keer presenteren? Alana en Olena
Competent in Taal - voorbeeld
Tops
leuke situatie
inversie
Tips
hele gesprek afmaken
werkwoord vergeten
Huiswerk 3 september
Thema 17 taak 1-7 afmaken
Grammatica: 2.26
Als je het nog niet hebt gedaan:
bijwerken tot en met thema 16 (inclusief test)
Competent in taal - eindopdracht
boekverslag maken
Wat hebben we gedaan vandaag?
Inchecken - vakantieverhalen
Planning + huiswerk tot december
Thema 16 - herhalen
Thema 17- taak 1
Grammatica - 2.26
Boekpresentatie (volgende keer)
Competent in taal (volgende keer)
Huiswerk 3 september
Uitsmijter
Wat heb je geleerd?
je praat over je vakantie in de verleden tijd
je weet het verschil tussen perfectum en imperfectum
je schrijft een tekst over een probleem
je oefent met werkwoorden uit 2 delen
je praat over jouw kwaliteiten
je luistert naar een Nederlands liedje
je hebt zin in de volgende les(sen)