2. Kern (3–5 body paragraphs)
Structuur van een sterke alinea: PETER-model
P – Point: claim over A + B
E – Evidence: voorbeeld uit Werk A
T – Technique: literaire keuze (bijv. focalisatie, paralellisme, metaforen)
E – Effect: waarom werkt dit? interpretatie
R – Relate: link terug naar de vraag + vergelijkend element