Organisatiestructuur en leiderschap

Organisatiestructuur en leiderschap

1 / 49
next
Slide 1: Slide
New lesson editorBedrijfseconomieMiddelbare schoolvwoLeerjaar 6

This lesson contains 49 slides, with interactive quizzes and text slides.

Report this lesson

Items in this lesson

Organisatiestructuur en leiderschap

Open met het idee dat groei niet alleen meer omzet betekent, maar ook meer afstemming, taakverdeling en leiding. Dat vormt de brug naar structuur, leiderschap en organisatietheorie.

Leerdoel

Ik kan uitleggen hoe organisatiestructuren, leiderschapsstijlen en organisatietheorieën samenhangen in een groeiende onderneming.

This item has no instructions

Bij kijken video, schrijf op:

Wat is het essentiële verschil tussen de manier waarop producten werden gemaakt in de industriële revolutie ten opzichte van de periode daarvoor ?

This item has no instructions

This item has no instructions

klassikaal:

Wat is het essentiële verschil tussen de manier waarop producten werden gemaakt in de industriële revolutie ten opzichte van de periode daarvoor ?

This item has no instructions

This item has no instructions

Welke woorden koppel jij aan een goed georganiseerde onderneming?

Gebruik de opbrengst als startpunt: verwacht woorden als structuur, leiding, afdelingen, communicatie, regels, samenwerking en verantwoordelijkheid. Verbind deze daarna aan de leerdoelen.

Groei vraagt om structuur

In een kleine onderneming zijn taken vaak informeel verdeeld.


Bij groei wordt het belangrijker om vast te leggen:

  • wie leiding geeft

  • wie verantwoording aflegt

  • welke afdelingen er zijn

  • hoe informatie door de organisatie loopt

Q: Hoe kun je dit zichtbaar maken voor de medewerkers in een organisatie?

Benadruk dat organisatiebeleid nodig is om overzicht, snelheid en controle te behouden. Laat leerlingen het verband zien tussen groei en formalisering.

Organogram opstellen

Een organogram is een

schematische weergave

van de organisatie.


Het laat zien:

  • functies en afdelingen

  • hiërarchische verhoudingen

  • wie aan wie rapporteert

Maak duidelijk dat een organogram functies toont, geen personen. Dat voorkomt verwarring tussen organisatiestructuur en personeelsbezetting.

Een organogram tekenen

Bij het tekenen bepaal je eerst:

  • de hoogste leiding

  • de afdelingen

  • de leidinggevenden per afdeling

  • de uitvoerende functies


Daarna verbind je de functies volgens de gezagslijnen.

Als voorbeeld kan de docent mondeling een eenvoudige onderneming nemen met directie, verkoop, productie en administratie.

Een organogram lezen

  1. Formuleer een mogelijk knelpunt tussen 2 afdelingen

  2. Welke extra informatie heb je nodig om dit te toetsen?

  3. Hoe zou je dit organigram kunnen vereenvoudigen waarmee je het knelpunt oplost?

Wijs op het verschil tussen hiërarchie en samenwerking: niet elke samenwerking staat met een lijn in het organogram.

Vul de kernbegrippen in

Een organogram is een schematische weergave van de organisatie. In een lijnorganisatie loopt het gezag rechtstreeks van boven naar beneden. Bij een lijn- en staforganisatie ondersteunen stafafdelingen de leiding met specialistisch advies.

organogram
lijnorganisatie
lijn- en staforganisatie
spanwijdte
spandiepte
productindeling
Human Relations

Alle drie begrippen zijn expliciet behandeld in deze subtopic. Let erop dat leerlingen lijn en staf niet verwarren met extra gezag.

This item has no instructions

Verschil tussen lijn en staf

Het kernverschil is de rol van ondersteuning.


  • Lijnorganisatie: alleen directe gezagslijnen

  • Lijn- en staforganisatie: gezagslijnen plus specialistisch advies


Naarmate een onderneming groeit, neemt de behoefte aan specialistische kennis vaak toe.

Veel leerlingen denken dat staf automatisch hoger in rang staat. Maak duidelijk dat staf vooral een ondersteunende functie heeft.

''Naarmate een onderneming groeit, moet zij altijd meer stafafdelingen toevoegen''. Noem 1 argument VOOR en 1 argument TEGEN

This item has no instructions

This item has no instructions

Vul de juiste begrippen in

De spanwijdte is het aantal medewerkers waaraan een leidinggevende direct leiding geeft. Het omspanningsvermogen is het aantal medewerkers waaraan die leidinggevende effectief leiding kan geven. De spandiepte zegt vervolgens iets over het aantal managementlagen in de organisatie.

spanwijdte
omspanningsvermogen
spandiepte
organogram
lijnorganisatie
doelgroepindeling
specialisatie

Controleer vooral of leerlingen breedte, vermogen en diepte functioneel van elkaar kunnen onderscheiden.

Horizontale taakverdeling

Bij horizontale taakverdeling worden werkzaamheden naast elkaar verdeeld over functies of afdelingen.


Veelvoorkomende vormen zijn:

  • functionele indeling

  • productindeling

  • geografische indeling

  • markt- of doelgroepindeling

De subtopic hier is het nut van verschillende indelingen. Gebruik de volgende slides om voor- en nadelen systematisch te contrasteren.

NovaBike ontwerpt en verkoopt elektrische fietsen. Het bedrijf groeit van 70 naar 420 medewerkers en verkoopt in Nederland, Duitsland en België. Er zijn drie productgroepen: stadsfietsen, e-bikes voor woon-werkverkeer en cargobikes. De directie wil sneller innoveren, maar merkt tegelijkertijd kwaliteitsproblemen, hogere kosten en trage besluitvorming.

NovaBike is nu functioneel georganiseerd: Inkoop, Productie, Marketing & Sales, Finance, HR en ICT. De directie overweegt een nieuwe structuur. Er zijn drie voorstellen:

  • A. Productindeling: stadsfietsen, woon-werk e-bikes en cargobikes krijgen eigen divisies.

  • B. Geografische indeling: Nederland, Duitsland en België krijgen eigen divisies.

  • C. Doelgroepindeling: consumenten, zakelijke leasemaatschappijen en gemeentelijke organisaties krijgen eigen divisies.

This item has no instructions

Opdracht 10 minuten

Adviseer de directie welk voorstel zij als eerste moet uitvoeren. Je advies bestaat uit:

  1. een keuze voor A, B of C;

  2. twee argumenten voor jouw keuze

  3. één nadeel van jouw keuze;

  4. waarom de twee andere indelingen op dit moment minder passend zijn;

  5. één voorwaarde om jouw structuur succesvol te laten functioneren.

Let op: er is geen standaardantwoord. De kwaliteit zit in de afweging.

This item has no instructions

Begin 2e les

Werkvorm: directie vergadering NovaBikes

This item has no instructions

NovaBike ontwerpt en verkoopt elektrische fietsen. Het bedrijf groeit van 70 naar 420 medewerkers en verkoopt in Nederland, Duitsland en België. Er zijn drie productgroepen: stadsfietsen, e-bikes voor woon-werkverkeer en cargobikes. De directie wil sneller innoveren, maar merkt tegelijkertijd kwaliteitsproblemen, hogere kosten en trage besluitvorming.

NovaBike is nu functioneel georganiseerd: Inkoop, Productie, Marketing & Sales, Finance, HR en ICT. De directie overweegt een nieuwe structuur. Er zijn drie voorstellen:

  • A. Productindeling: stadsfietsen, woon-werk e-bikes en cargobikes krijgen eigen divisies.

  • B. Geografische indeling: Nederland, Duitsland en België krijgen eigen divisies.

  • C. Doelgroepindeling: consumenten, zakelijke leasemaatschappijen en gemeentelijke organisaties krijgen eigen divisies.

This item has no instructions

Opdracht 10 minuten

Adviseer de directie welk voorstel zij als eerste moet uitvoeren. Je advies bestaat uit:

  1. een keuze voor A, B of C;

  2. twee argumenten voor jouw keuze

  3. één nadeel van jouw keuze;

  4. waarom de twee andere indelingen op dit moment minder passend zijn;

  5. één voorwaarde om jouw structuur succesvol te laten functioneren.

Let op: er is geen standaardantwoord. De kwaliteit zit in de afweging.

This item has no instructions

This item has no instructions

3e les

. Terugblik vorige lessen: voor-en nadelen van verschillende organisatievormen

. Procesgericht organiseren: versterk communicatie en samenwerking onafhankelijk van de organisatievorm

. Management stijlen

This item has no instructions

Functionele indeling

  • specialisatie per functie

  • efficiënte taakuitvoering

  • duidelijke vakkennis per afdeling

  • afdelingen kunnen langs elkaar heen werken

  • coördinatie tussen functies kost tijd

  • minder focus op product of klant

Nadelen

Voordelen

Verbind dit aan afdelingen als productie, marketing en administratie. Dat maakt de abstracte indeling concreet.

Product- en geografische indeling

Voordelen

  • beter inspelen op regionale verschillen

  • korte afstand tot de markt


Nadelen

  • lastiger centrale aansturing

  • kans op uiteenlopend beleid

Voordelen

  • veel aandacht per productgroep

  • snelle besluitvorming dicht bij het product


Nadelen

  • dubbel werk tussen productafdelingen

  • hogere kosten

Geografische indeling

Productindeling

Als er tijd is, noem dat internationale ondernemingen vaak geografische indeling gebruiken om beter aan te sluiten bij lokale markten.

Markt- of doelgroepindeling

Deze indeling richt de organisatie op klantgroepen of markten.


Voordelen

  • sterke klantgerichtheid

  • producten en service passen beter bij de doelgroep


Nadelen

  • overlap tussen afdelingen

  • afstemming tussen doelgroepen kan moeilijker zijn

Leg eventueel het verschil uit met productindeling: productindeling draait om wat je aanbiedt, doelgroepindeling om voor wie je het aanbiedt.

Procesgericht organiseren

In jullie NovaBike directie vergaderingen waren samenwerking en communicatie belangrijke voorwaarden voor succes

This item has no instructions

This item has no instructions

Processen: vastleggen wat je doet en hoe je dit doet (ISO-certificeringen)

Praktijkvoorbeeld automotive toeleverancier ''ways of working''

This item has no instructions

Organisatie-design: combinatie van 3 factoren

This item has no instructions

''There’s no substitute for regularly revisiting how to adapt structures, people, and processes to create the most effective organizational design.''

This item has no instructions

Zin en onzin over leiderschapsstijlen

Er is niet één leiderschapsstijl die altijd het best werkt.


De effectiviteit hangt af van:

  • de situatie

  • de aard van het werk

  • de medewerkers

  • de mate van zelfstandigheid

Corrigeer de simplificatie dat 'streng' of juist 'vriendelijk' altijd beter zou zijn. Dat bereidt voor op situationeel leiderschap.

This item has no instructions

This item has no instructions

Twee visies vergeleken

De twee algemene organisatietheorieën kijken anders naar goed organiseren.


  • Klassiek: de organisatie werkt goed door orde en structuur

  • Human Relations: de organisatie werkt goed als mensen zich betrokken en gemotiveerd voelen


In de praktijk komen beide invalshoeken vaak samen.

Benadruk dat moderne organisaties meestal niet puur één theorie volgen, maar elementen combineren.

Zelfstandig bestuderen en oefenen

. H4.2 Organisatie (werkboek V5)

. Cumulus opgaven & zelftest

. Formatieve opdrachten LWEO (teams)


This item has no instructions

Back-up slides

Slide tekst

This item has no instructions

This item has no instructions

McGregor: theorie Y

Theorie Y gaat uit van een positiever mensbeeld.


De leidinggevende veronderstelt dat medewerkers:

  • verantwoordelijkheid kunnen nemen

  • gemotiveerd kunnen zijn

  • zichzelf willen ontwikkelen


Daar past vaker ruimte voor inspraak en zelfstandigheid bij.

Laat zien dat theorie Y beter aansluit bij kenniswerk en professionele zelfstandigheid, zonder te zeggen dat het altijd de enige juiste benadering is.

Situationeel leiderschap

Bij situationeel leiderschap past een leidinggevende zijn stijl aan de situatie aan.


De keuze hangt vooral af van:

  • taakvolwassenheid

  • kennis en ervaring van medewerkers

  • mate van motivatie en zelfstandigheid

Gebruik consequent de term situationeel leiderschap. Leg uit dat het model uitgaat van afstemming tussen medewerker en stijl.

Vier leiderschapsstijlen

  • Instrueren: veel leiding, weinig ruimte

  • Overtuigen: veel leiding, met uitleg en motivatie

Meer sturend

  • Overleggen: samen beslissen, coachende rol

  • Delegeren: verantwoordelijkheid ligt sterk bij medewerker

Meer ondersteunend

Noem eventueel dat de vier stijlen samenhangen met de mate waarin medewerkers begeleiding nodig hebben.

Klassieke organisatietheorie

De klassieke organisatietheorie legt de nadruk op structuur, regels en efficiency.


Belangrijke kenmerken:

  • duidelijke taakverdeling

  • hiërarchie

  • controle

  • formele procedures

Plaats deze theorie historisch als passend bij grootschalige productie en behoefte aan orde en standaardisatie.

Human Relations

De Human Relations-benadering legt meer nadruk op de mens in de organisatie.


Belangrijke kenmerken:

  • aandacht voor motivatie

  • informele relaties

  • communicatie

  • groepsgedrag

Leg uit dat deze benadering ontstond als reactie op een te eenzijdige focus op regels en efficiency.

Vul de theorieën en stijlen in

Volgens McGregor gaat theorie X uit van meer controle en sturing. Theorie Y past juist beter bij verantwoordelijkheid en zelfstandigheid. In situationeel leiderschap kan een leidinggevende bij een onervaren medewerker eerst meer instrueren en later meer delegeren als de medewerker zelfstandiger wordt.

theorie X
Theorie Y
instrueren
delegeren
overleggen
klassiek
Human Relations
spanwijdte

Let op de redenering: X en Y gaan over mensbeelden; instrueren en delegeren horen bij de mate van benodigde begeleiding.

Begrippenlijst

organogram - schematische weergave van functies, afdelingen en gezagsverhoudingen in een organisatie

lijnorganisatie - organisatiestructuur waarin het gezag rechtstreeks van boven naar beneden loopt

lijn- en staforganisatie - lijnstructuur met aanvullende stafafdelingen die adviseren en ondersteunen

spanwijdte - aantal medewerkers waaraan een leidinggevende direct leiding geeft

omspanningsvermogen - aantal medewerkers waaraan een leidinggevende effectief leiding kan geven

spandiepte - aantal hiërarchische lagen in een organisatie

horizontale taakverdeling - verdeling van werkzaamheden over functies of afdelingen op hetzelfde niveau

This item has no instructions

Begrippenlijst

functionele indeling - taakverdeling op basis van soort werkzaamheden, zoals productie of marketing

productindeling - taakverdeling op basis van productgroepen

geografische indeling - taakverdeling op basis van regio of gebied

markt- of doelgroepindeling - taakverdeling op basis van klantgroep of marktsegment

theorie X - visie van McGregor waarin medewerkers vooral sturing en controle nodig zouden hebben

theorie Y - visie van McGregor waarin medewerkers verantwoordelijkheid en ontwikkeling aankunnen

situationeel leiderschap - leiderschap waarbij de stijl wordt aangepast aan de situatie en de medewerker

This item has no instructions

Begrippenlijst

instrueren - leiderschapsstijl met veel sturing en weinig ruimte voor eigen inbreng

overtuigen - leiderschapsstijl met veel sturing gecombineerd met uitleg en motivatie

overleggen - leiderschapsstijl waarbij leidinggevende en medewerker samen beslissingen bespreken

delegeren - leiderschapsstijl waarbij veel verantwoordelijkheid bij de medewerker ligt

klassieke organisatietheorie - benadering die structuur, hiërarchie en efficiency centraal stelt

Human Relations - benadering die motivatie, informele relaties en betrokkenheid centraal stelt

This item has no instructions