Par. 4.2 Hoe kijk je tegen anderen aan?

HOOFDSTUK 4: PLURIFORME SAMENLEVING
1 / 33
next
Slide 1: Slide
MaatschappijleerMiddelbare schoolmavoLeerjaar 3

This lesson contains 33 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

HOOFDSTUK 4: PLURIFORME SAMENLEVING

Slide 1 - Slide

Planning
16/03: Verkiezing
22/03: Par. 4.1  Leven tussen verschillende culturen
23/03: Par. 4.1 Leven tussen verschillende culturen
29/03: Par. 4.2 Hoe kijk je tegen anderen aan?
30/03: Par. 4.2 Hoe kijk je tegen anderen aan?
05/04: Tweede Paasdag
06/04: Par. 4.3 Migratie naar Nederland
12/04 Par. 4.3 Migratie naar Nederland





Slide 2 - Slide

Programma
1. Uitleg par. 4.2
2. Afsluiten

Slide 3 - Slide

Leerdoel (week)
Aan het eind van de les kun je herkennen en uitleggen wat vooroordelen en stereotypen zijn en op welke manier ze tot discriminatie kunnen leiden.

Slide 4 - Slide

Lees de intro (blz. 62). Wat wil Johnny de Mol met zijn programma's bereiken? Gebruik in je antwoord het begrip "beeldvorming"?
timer
4:00

Slide 5 - Open question


Etiketten plakken



Als je iemand voor het eerst ziet,  heb je vaak meteen een oordeel.
Dit komt door je eigen normen en waarden.

Slide 6 - Slide

Leg uit wat wordt bedoeld met "etiketten plakken".

Slide 7 - Open question

Beeldvorming
Je opvatting van de wereld.

Slide 8 - Slide

Beeldvorming: 
Het ontstaan van een beeld in je hoofd.

Slide 9 - Slide


Vooroordeel


Mensen in "hokjes stoppen". 
Een oordeel over iemand of iets, zonder dat je de feiten of persoon kent.

Slide 10 - Slide

Voorbeelden
  • "Die Turk uit de 3e."

  • "Die boer met dat Twente-sjaaltje."

  • "Van haar kun je makkelijk winnen, want meisjes kunnen niet voetballen"

Slide 11 - Slide


Stereotypen



Een vooroordeel over een hele groep, 
niet op één persoon

Slide 12 - Slide

Voorbeelden
  • "Marokkanen zijn criminelen."

  • "Surinamers zijn lui."

  • "Homo's zijn verwijfd."

  • "Blondjes zijn dom."

  • "...en Belgen ook!"

Slide 13 - Slide

Feit, vooroordeel of stereotype?

Slide 14 - Slide

Nederlanders zijn gierig.
A
Feit
B
Vooroordeel
C
Stereotype

Slide 15 - Quiz

Jongeren geven nu meer geld uit aan kleding dan vroeger.
A
Feit
B
Vooroordeeld
C
Stereotype

Slide 16 - Quiz

Kees is een vreetzaak, want hij is niet voor niets zo dik!
A
Feit
B
Vooroordeeld
C
Stereotype

Slide 17 - Quiz

Sonja is zielig, want ze zit in een rolstoel.
A
Feit
B
Vooroordeeld
C
Stereotype

Slide 18 - Quiz

Op het vwo zitten alleen maar nerds.
A
Feit
B
Vooroordeeld
C
Stereotype

Slide 19 - Quiz

Ongelijke behandeling





Mensen worden om de verschillende redenen gediscrimineerd...

Slide 20 - Slide

Redenen (1)
  • Culturele achtergrond
         - racisme: discriminatie op grond van iemands huidskleur
  • Uiterlijk


Slide 21 - Slide

Slide 22 - Slide

Ben je verbaasd over de uitspraken van de kinderen?
A
Ja
B
Een beetje
C
Niet heel erg
D
Nee

Slide 23 - Quiz

Kun je uitleggen waarom je wel of niet verbaasd bent?

Slide 24 - Open question

Redenen (2)
  • Sekse (man of vrouw) of seksuele geaardheid (homo's)
  • seksisme: discriminatie op grond van iemands sekse
  • Leeftijd (te jong of juist te oud)
  • geloof

Slide 25 - Slide

Tolerantie en respect






Tolerantie heeft veel te maken met respect. Door tolerant te zijn, laat je zien dat je mensen die anders zijn respecteert.

Slide 26 - Slide

Tolerantie en respect

Slide 27 - Slide

Vind jij jezelf tolerant? Leg je antwoord uit met twee argumenten.

Slide 28 - Open question

Kijkopdracht: leg uit dat tolerantie ervoor kan zorgen dat je minder vooroordelen hebt.

Slide 29 - Slide

Leg uit dat tolerantie ervoor kan zorgen dat je minder vooroordelen hebt.

Slide 30 - Open question

Schrijf 3 dingen op die je deze les hebt geleerd.

Slide 31 - Open question

Stel 1 vraag over iets dat je deze les nog niet zo goed hebt begrepen.

Slide 32 - Open question

Leerdoel (week)
Aan het eind van de les kun je herkennen en uitleggen wat vooroordelen en stereotypen zijn en op welke manier ze tot discriminatie kunnen leiden.

Slide 33 - Slide