les 2 verhoudingen.pptx



medisch rekenen

 verpleegkundig rekenen

Verhoudingen

1 / 22
next
Slide 1: Slide
New lesson editorRekenenMBOStudiejaar 1,4

This lesson contains 22 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson



medisch rekenen

 verpleegkundig rekenen

Verhoudingen

Periode planning

Les 1 – introductie (maten en gewichten)

Les 2 – berekenen van verhoudingen

Les 3 – berekenen van concentratie

Les 4 – berekenen van verdunningen

Les 5 – berekenen van medicijnen toedienen

Les 6 – berekenen van infusen

Les 7 – berekenen van zuurstofcilinders

Les 8 – oefentoets

"Les 9" – Toets!



Medisch rekenen


  1. Schrijf het metrieke stelsel op voordat je de toets maakt

  2. Noteer per onderwerp van medisch rekenen in een apart document de belangrijkste tips

  3. Noteer PER REGEL TEKST de meest belangrijke info. Dit zorgt voor structuur. Hoe voorkom je, dat je de weg kwijt raakt in al die ‘verhaaltjes sommen’?

  4. Pak niet eerst je rekenmachine, maar maak een minisamenvatting op papier

  5. Leer de basiszaken en formules per onderwerp uit je hoofd

  6. Oefen veel verpleegkundig rekenen oefeningen

  7. Gebruik de verhoudingstabel

  8. Verschil van de punt en de komma op je rekenmachine

  9. Zorg voor RUST

  10. Let goed op wat er gevraagd wordt





hulpmiddel

  • Reader in Teams


  • In de lessen krijgen jullie uitleg.

  • Andere helft gaan jullie zelf oefenen en loop ik rond voor vragen.


Wat weten jullie nog van vorige week?

volume

Gewicht



Verdunningen.

  • Hierbij bedoelen we het verdunnen van vloeistoffen voor desinfectie.


  • Verhoudingen worden altijd zo klein mogelijk uitgedrukt.


  • Verhoudingen zijn altijd in ML!!


Zo klein mogelijk



2 : 10


5 : 15


21: 28



Zo klein mogelijk



2 : 10


5 : 15


21: 28

1 : 5


1 : 3


3 : 4



verdunningen

  • Denk terug aan de normale reken lessen, hoe zat het ook alweer met verhoudingen?


  • 1 :7
    1 ML desinfectiemiddel
    7 ML water


Algemene formule

Staat tot bij elkaar optellen. En dat getal delen door.


  • 3:5 pap maken. Je wil 800 gram pap. 

  • Hoeveel ml melk gooi je erbij ( 1 gram=1ml)



Algemene formule

Staat tot bij elkaar optellen. En dat getal delen door.


  • 3:5 pap maken. Je wil 800 gram pap. 

  • Hoeveel ml melk gooi je erbij ( 1 gram=1ml)

  • 3+5= 8

  • 800: 8= 100

  • 300 ml melk

  • 500 gram pap


Voorbeeld som

  • In de praktijk krijgen we meestal te maken met flessen waarop de verbruiksverdunning staat aangegeven. Bijvoorbeeld voor urinalen en po’s gebruiksverdunning 1: 49.


  • Wanneer je met 10 liter water een Lythodol verdunning moet maken. Hoe gaan we dit berekenen?

Pak je reader.


  1. Je moet 450 ml alcoholoplossing maken.
    De volumeverhouding tussen de alcohol en het water is 1 : 2.
    Hoeveel ml alcohol en hoeveel ml water voeg je bij elkaar? 

Oefenstof 

 

  1. Je moet 450 ml alcoholoplossing maken. De volumeverhouding tussen de alcohol en het water is 1 : 2. Hoeveel ml alcohol en hoeveel ml water voeg je bij elkaar? 

 

  1. Je moet 600 ml lysoloplossing maken. De volumeverhouding tussen de lysol en het water is 1 : 14. Hoeveel ml lysol en hoeveel ml water voeg je bij elkaar? 

 

Oefenstof 

 

  1. Je moet 450 ml alcoholoplossing maken. De volumeverhouding tussen de alcohol en het water is 1 : 2. Hoeveel ml alcohol en hoeveel ml water voeg je bij elkaar?

Antwoord:  Er zijn totaal 1 + 2 = 3 groepen met een gelijk volume.  

Het totaal moet 450 ml zijn. Per groep is dat dus 450 : 3 = 150 ml. 

Dat wil zeggen dat je 1 x 150 = 150 ml alcohol moet nemen  en 2 x 150 = 300 ml water 

  1. Je moet 600 ml lysoloplossing maken. De volumeverhouding tussen de lysol en het water is 1 : 14. Hoeveel ml lysol en hoeveel ml water voeg je bij elkaar? 

 Antwoord:   Er zijn totaal 1 + 14 = 15 groepen met een gelijk volume.  

Het totaal moet 600 ml zijn. Per groep is dat dus 600 : 15 = 40 ml. 
Dat wil zeggen dat je 1 x 40 = 40 ml lysol moet nemen en 14 x 40 = 560 ml water

Oefenstof 

  1. Je moet 400 ml alcoholoplossing maken. De volumeverhouding tussen de alcohol en het water is 3 : 5. Hoeveel ml alcohol en hoeveel ml water voeg je bij elkaar? 

 

  1. Je moet 800 g pap maken. De verhouding van poeder en melk is 1 : 3. Hoeveel gram poeder heb je nodig en hoeveel ml melk voeg je toe, ervan uitgaande dat 1 ml melk 1 gram weegt? 

Oefenstof 

  1. Je moet 400 ml alcoholoplossing maken. De volumeverhouding tussen de alcohol en het water is 3 : 5. Hoeveel ml alcohol en hoeveel ml water voeg je bij elkaar? 

 

  1. Je moet 800 g pap maken. De verhouding van poeder en melk is 1 : 3. Hoeveel gram poeder heb je nodig en hoeveel ml melk voeg je toe, ervan uitgaande dat 1 ml melk 1 gram weegt? 

Oefenstof 

  1. Je moet 800 g pap maken. De verhouding van poeder en melk is 3 : 5. Hoeveel gram poeder en hoeveel ml melk voeg je bij elkaar, ervan uitgaande dat 1 ml melk 1 gram weegt? 

 

  1. Je moet 650 g pap maken. De verhouding van poeder en melk is 3 : 10. Hoeveel gram poeder en hoeveel ml melk moet je bij elkaar doen, ervan uitgaande dat 1 ml melk 1 gram weegt? 

 

Huiswerk:

  • Doe je hier, ben je klaar? Tot volgende week!