3.3 Hoe is het geregeld

Welkom 2C
H3.3 Hoe is het geregeld? 
Log in op LessonUp! 


1 / 33
next
Slide 1: Slide
EconomieMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 2

This lesson contains 33 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Welkom 2C
H3.3 Hoe is het geregeld? 
Log in op LessonUp! 


Slide 1 - Slide

Wat gaan we vandaag doen?
  • Leerdoelen
  • Terugblik § 3.2 Wie is de baas?
  • Uitleg § 3.3 Hoe is het geregeld?
  • Zelf aan de slag! 

Slide 2 - Slide

Leerdoelen 3.3 Hoe is het geregeld 
Aan het eind van de les weet je..
-voor wie een cao geldt en wat erin geregeld is.
-hoe je met de gegeven informatie het nettoloon berekent.
-hoe in de wet het minimumloon geregeld is.
-wat in de Arbowet geregeld wordt.
-wat voor regels er in de Arbeidstijdenwet staan.
-hoe je loon kunt berekenen

Slide 3 - Slide

Slide 4 - Slide

Wat is een vacature?
A
Iemand die een baan zoekt
B
Iemand die een baan heeft
C
Een baan waar iemand aan het werk is
D
Een baan waarvoor iemand wordt gezocht

Slide 5 - Quiz

Waarom is een goede arbeidsverdeling belangrijk voor een bedrijf?
A
Dan kan het bedrijf makkelijker personeel vinden
B
Dan heeft het personeel meer verschillende werk
C
Dan kan het personeel beter en sneller hun werk doen

Slide 6 - Quiz

Afwashulp
A
Geschoold
B
Ongeschoold

Slide 7 - Quiz

Hoeveel uur moet je minstens per week werken als je een voltijd baan hebt?
A
15
B
20
C
10
D
36

Slide 8 - Quiz

Sven en Anna werken allebei bij PostBL. Sven als pakketbezorger en Anna als secretaresse. Wie van hen doet geschoold werk?
A
Sven
B
Anna

Slide 9 - Quiz

Kris werkt bij de McDonalds achter de kassa.
A
Werkgever
B
Werknemer

Slide 10 - Quiz

Tijdens een proefperiode kan je als werknemer elk moment stoppen.
A
Waar
B
Niet waar

Slide 11 - Quiz

Wat staat er in je arbeidsvoorwaarden?
A
Wat je loon is
B
Hoeveel uur je per week werkt
C
Hoeveel vakantiedagen je hebt
D
A, B en C

Slide 12 - Quiz

Waar staat de afkorting zzp-er voor?
A
Zalig zandkoekje prakken
B
Zonder zelfstandig personeel
C
Zelfstandige zonder personeel

Slide 13 - Quiz

Wat voor baan heb je als je alleen werkt op de momenten dat een bedrijf je nodig heeft?
A
Deeltijdbaan
B
Vaste baan
C
Flexibele baan
D
Tijdelijke baan

Slide 14 - Quiz

Leerdoelen 3.3 Hoe is het geregeld 
Aan het eind van de les weet je..
-voor wie een cao geldt en wat erin geregeld is.
-hoe je met de gegeven informatie het nettoloon berekent.
-hoe in de wet het minimumloon geregeld is.
-wat in de Arbowet geregeld wordt.
-wat voor regels er in de Arbeidstijdenwet staan.
-hoe je loon kunt berekenen

Slide 15 - Slide

CAO

  • Collectieve arbeidsovereenkomst. 
  • Hierin staan de gezamenlijke afspraken over de arbeidsvoorwaarden van een bedrijfstak

Slide 16 - Slide

CAO staat voor.....
A
Chocolade aardbei onderzoek
B
Collectieve arbeidsovereenkomst
C
Collectieve arbeidsonderzoek

Slide 17 - Quiz

Brutoloon

  • Het loon dat je met je werkgever hebt afgesproken en waarop nog niets is ingehouden.
  • Bijvoorbeeld dat je per maand een bedrag van € 1.950,=

Slide 18 - Slide

Brutoloon
  • Het loon dat je met je werkgever hebt afgesproken en waarop nog niets is ingehouden.
  • Bijvoorbeeld:             € 1.950,=
Inhoudingen:
  • De werkgever moet een deel van het brutoloon betalen aan de overheid. 
  • De overheid gebruikt dit geld bijvoorbeeld weer voor de aanleg van wegen en uitkeringen aan werklozen.
  • Bijvoorbeeld: € 230,=

Slide 19 - Slide

Nettoloon
  • Het loon dat je ontvangt en waar de inhoudingen al van afgehaald zijn.
  • Formule:                                                                  Bruto loon - inhoudingen = Nettoloon
  • Bijvoorbeeld € 1.950 - € 230,= = € 1.720,=
  • Dit is het bedrag dat je op je bankrekening krijgt.

Slide 20 - Slide

Brutoloon: 3450
Nettoloon: 2674.
Wat zijn nu de inhoudingen?
A
6.124
B
-776
C
776
D
weet ik niet

Slide 21 - Quiz

Je brutoloon is 1700.
De inhoudingen zijn 200.
Wat is je nettoloon?
A
1.900
B
1.500
C
-1.500

Slide 22 - Quiz

Wat moet je minimaal verdienen?
  • Je recht op het wettelijk minimumloon. 
  • Dat is het brutoloon dat een werknemer van 21 jaar en ouder minstens moet verdienen.

Slide 23 - Slide

Minimum jeugdloon

  • Ben je tussen de 15 en 21 jaar bent, geldt het minimumjeugdloon. 
  • Bij elke leeftijd is dat een percentage van het minimumloon. Hoe jonger, hoe lager het minimumjeugdloon is.

Slide 24 - Slide

Slide 25 - Slide

Het minimumjeugdloon geldt vanaf...jaar
A
14
B
15
C
20
D
21

Slide 26 - Quiz

Het minimumloon geldt vanaf...jaar
A
15
B
16
C
20
D
21

Slide 27 - Quiz

Wetten die jou beschermen
  • Het is belangrijk dat je goed en veilig kunt werken.
  • Daarom zijn er wetten die jou als werknemer beschermen.
  • In de Arbowet (arbeidsomstandighedenwet) staan regels voor veilige en gezonde arbeidsomstandigheden. 

Slide 28 - Slide

Wat zou er in de Arbowet kunnen staan over eisen op school?
Er zijn meerdere antwoorden mogelijk.
A
Voldoende ventilatie in de klas
B
Er moet voor docenten en leerlingen voldoende pauzes zijn
C
De nooduitgangen van de school duidelijk aanwezig zijn
D
Docenten moeten buiten pauze houden

Slide 29 - Quiz

Werken en rusten
  • Vroeger werkten jongeren soms wel 14 uur per dag. 
  • Omdat te lang achterelkaar werken niet goed is, beschermt de overheid werknemers ook tegen te lange werktijden.

Slide 30 - Slide

Arbeidstijdenwet
  • In de Arbeidstijdenwet staan regels voor werk- en rusttijden. 
  • Ook staat daarin hoeveel rust iemand minimaal nodig heeft. 
  • Voor jongeren gelden speciale regels.     1.  niet werken tussen 23.00 - 06:00 uur   2. en recht op een half uur pauze bij een werktijd langer dan 4,5 uur.

Slide 31 - Slide

Aan de slag! 
Maken: H3.3 

Check voor H3.1 en H3.2

Slide 32 - Slide

Leerdoelen 3.3 Hoe is het geregeld 
Aan het eind van de les weet je..
-voor wie een cao geldt en wat erin geregeld is.
-hoe je met de gegeven informatie het nettoloon berekent.
-hoe in de wet het minimumloon geregeld is.
-wat in de Arbowet geregeld wordt.
-wat voor regels er in de Arbeidstijdenwet staan.
-hoe je loon kunt berekenen

Slide 33 - Slide