Oefenen

Oefenen

Vandaag:
  • Herhalen H2
  • Berekeningen oefenen
  • H2 / H3 oefenen
1 / 37
next
Slide 1: Slide
Natuurkunde / ScheikundeMiddelbare schoolmavoLeerjaar 2

This lesson contains 37 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 80 min

Items in this lesson

Oefenen

Vandaag:
  • Herhalen H2
  • Berekeningen oefenen
  • H2 / H3 oefenen

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

PW NaSk
  • Rekenmachine + pen
  • Leesboek voor na de toets


Slide 2 - Slide

This item has no instructions

PW NaSk
  • Rekenmachine + pen
  • Schrift met aantekeningen inleveren
  • Werkboek inleveren
  • Leesboek voor na de toets


Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Voor ruiken en proeven gelden speciale regels

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Mengsel
Zuivere stoffen

Slide 8 - Slide

Bak met knikkers/lego mee. Laat een leerling de stukken sorteren. 

Je bent nu bezig met scheiden.
mengsels
Oplossing
  • is helder 
  • kan een kleur hebben
  • bestaat uit oplosmiddel
  • en opgeloste stof
Suspensie
  • is troebel 
  • is wit of gekleurd
  • bestaat uit vloeistof
  • en vaste stof

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Extraheren
Extraheren: (letterlijk) eruit trekken
  • geur-, kleur- en smaakstoffen

Slide 10 - Slide

"proef" extraheren: thee maken in de klas. 

Denk om het stukje filtratie (theezakje) en het verschil tussen warm en koud water. 
Extraheren
- Bij extraheren maak je gebruik van de stofeigenschap: oplosbaarheid. 

- Sommige stoffen lossen wel op, en andere niet. 

- Extraheren wordt altijd gevolgd door filtreren

Slide 11 - Slide

"proef" extraheren: thee maken in de klas. 

Denk om het stukje filtratie (theezakje) en het verschil tussen warm en koud water. 

Slide 12 - Slide

This item has no instructions

massa
De massa (m) = een maat voor de hoeveelheid van een stof.
  • We kunnen de massa meten met een weegschaal.

De eenheid voor massa is kilogram (kg) of gram (g)....
  • De grootheid is dan de massa.


Slide 13 - Slide

This item has no instructions

volume
Volume (V) = Hoeveel ruimte een vloeistof of een voorwerp inneemt.
  • Het volume meet je in liter of milliliter. 

volume = lengte × breedte × hoogte

1 liter = 1 kubieke dm (dm3)
1 milliliter = 1 kubieke cm (cm3)

Slide 14 - Slide

This item has no instructions

Onderdompelmethode
Volume kun je bepalen met de onderdompelmethode

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

Dichtheid
Dichtheid = Het aantal gram van 1 cm³ van een stof.
Is wel een stofeigenschap.

                 

Slide 16 - Slide

This item has no instructions

massa = Volume x dichtheid
dichtheid = massa / Volume
Volume = massa / dichtheid

Slide 17 - Slide

This item has no instructions

Slide 18 - Slide

This item has no instructions

Drijven, Zinken en Zweven
Drijven: dichtheid is kleiner dan dichtheid van water 

Zinken: dichtheid is groter dan dichtheid van water 

Zweven: dichtheid is gelijk aan dichtheid van water 

Slide 19 - Slide

This item has no instructions

Slide 20 - Slide

This item has no instructions

Dichtheid

Slide 21 - Slide

This item has no instructions

Hoe moet je een rekensom uitrekenen bij Nask?


Gegevens:   dit staat altijd in de tekst.

Gevraagd:  wat moet er worden berekend?

Formule:   de formule die je nodig hebt om het te kunnen uitrekenen.

Uitwerking:  de berekeningen + eenheid

Slide 22 - Slide

This item has no instructions

Je hebt 4 cm³ van een stof en de massa is 11 gram.
Wat is de dichtheid van de stof?

Slide 23 - Open question

This item has no instructions

Oefenen
Wat is de dichtheid?

Slide 24 - Slide

This item has no instructions

Oefenen

Slide 25 - Slide

This item has no instructions

Formule
vermogen = spanning x stroomsterkte

Vermogen in Watt.
Spanning in Volt.
Stroomsterkte in Ampere.

Slide 26 - Slide

This item has no instructions

Het vermogen berekenen
Het vermogen van een apparaat hangt af van: (1) de spanning waarop het apparaat werkt, en (2) de stroomsterkte die door het apparaat loopt. 
Bereken het vermogen met de formule: 

vermogen = spanning x stroomsterkte 
(Watt = Volt x Spanning)
 
Als je de spanning invult in Volt en de stroomsterkte in Ampère, vind je het vermogen in watt (W).

Slide 27 - Slide

This item has no instructions

Voorbeeldopdracht 



gegevens: 
spanning = 12 V 
stroomsterkte = 220 mA 

gevraagd: 
vermogen = ? 


 
Op een website kun je ledlampen kopen voor decoratief gebruik. 
Controleer of het vermogen van de lamp in juist is berekend. 

Slide 28 - Slide

This item has no instructions

Voorbeeldopdracht 



gegevens: 
spanning = 12 V 
stroomsterkte = 220 mA = 0,22 A 

gevraagd: 
vermogen = ? 


 
Op een website kun je ledlampen kopen voor decoratief gebruik. 
Controleer of het vermogen van de lamp in juist is berekend. 

Slide 29 - Slide

This item has no instructions

Voorbeeldopdracht 



gegevens: 
spanning = 12 V 
stroomsterkte = 220 mA = 0,22 A 

gevraagd: 
vermogen = ? 

uitwerking: 
vermogen = spanning × stroomsterkte 
= 12 × 0,22  
= 2,64 W  
Dit klopt met de waarde die op de website vermeld staat.
 
Op een website kun je ledlampen kopen voor decoratief gebruik. 
Controleer of het vermogen van de lamp in juist is berekend. 

Slide 30 - Slide

This item has no instructions

Rekenen met de formule: p = m : V
De dichtheid van aluminium is 2,7 g/cm³. Hoeveel weegt een blokje van 5 cm³?
Gegevens:
Formule:
Berekening
Gevraagd:
Check:
m = 2,7 x 5
m =  ρ x V
 ρ = 2,7 g/cm³
m = 13,5 gram
V = 5 cm³
m in gram
V = m :  ρ
m =  ρ : V

Slide 31 - Drag question

This item has no instructions

Aan de slag: 
Maak van Hoofdstuk 2: Stoffen:
  1. Aantekeningen in schrift afmaken
  2. De opdrachten uit je boek (online)
  3. Test jezelf per paragraaf
  4. De opdrachten in de portal
  5. Oefen de berekeningen.

Klaar? Lezen uit je leesboek.

Slide 32 - Slide

This item has no instructions

Aan de slag: 
Ga in Nova Nask naar het kopje ''Boeken'''.
--> Zoek het boek 1 + 2 Vmbo KGT
  --> Maak de opdrachten op blz. 81 en 82
      --> Schrijf de gehele berekening in je schrift.

Klaar? 
- Lees blz. 91 t/m 93.
- Maak de diagnostische toets bij de Afsluiting.

Slide 33 - Slide

This item has no instructions

Maak zelf een rekenopdracht over dit onderwerp (alleen):
  1. Bedenk een klein verhaaltje bij de opdracht.
  2. Geef voor de som de Massa + Volume. 
  3. Gevraagd in de opdracht: de dichtheid.
  4. Schrijf de hele berekening op en reken het uit.

  5. Maak de opdracht van je buurman/buurvrouw. Schrijf weer de hele berekening op.

Slide 34 - Slide

This item has no instructions

Aan de slag: Afsluiting
Maak van Hoofdstuk 2: Stoffen:
Diagnostische toets (te vinden bij Afsluiting)

Maak van Hoofdstuk 3: Water
Diagnostische toets (te vinden bij Afsluiting)

Klaar?
  1. Aantekeningen in schrift 
  2. De opdrachten uit je boek

Slide 35 - Slide

This item has no instructions

Pauze
timer
5:00

Slide 36 - Slide

This item has no instructions

Slide 37 - Slide

This item has no instructions