H12 Kracht en Beweging

Kracht en Beweging
Hoofdstuk 12
1 / 43
next
Slide 1: Slide
Natuurkunde / ScheikundeMiddelbare schoolvmbo bLeerjaar 4

This lesson contains 43 slides, with text slides.

time-iconLesson duration is: 50 min
Report this lesson

Items in this lesson

Kracht en Beweging
Hoofdstuk 12

Slide 1 - Slide

Krachten op voertuigen
§1

Slide 2 - Slide

Leerdoelen 4 Basis

Slide 3 - Slide

Voorstuwende en tegenwerkende krachten
  • Voortstuwende krachten werken mee.
  • Dit wordt ook de aandrijfkracht genoemt.
  • Tegenwerkende krachten werken tegen.
  • Wrijvingkrachten
  • Luchtwrijving
  • Rolwrijving

Slide 4 - Slide

Tegenwerkende krachten verminderen
  • Een gestroomlijnde vorm.
  • Goede wegen.
  • Banden hard oppompen.

Slide 5 - Slide

Nettokracht
  • Alle krachten samen zijn de nettokracht of resultante. (Fres)

Slide 6 - Slide

Nessim duwt tegen een auto aan. De zwaartekracht is 30N. De normaalkracht is 30N. De spierkracht van Dylano is 50N. De wrijvingskracht is 20N. In welke richting beweegt de auto en met welke resulterende kracht?
Gegevens
  •  
  •  
  •  
Gevraagd
  •  
Oplossing
Conclusie:

Slide 7 - Slide

Leerdoelen check 4B

Slide 8 - Slide

Lezen en maken met potlood
Introductie:
Blz: 154 t/m 155
Opdracht: 1 t/m 5

H12 paragraaf 1:
Blz: 156 t/m 166
Opdracht: 1 t/m 15

HUISWERK!!!!

Slide 9 - Slide

Snelheid
§2

Slide 10 - Slide

Leerdoelen 4 Basis

Slide 11 - Slide

Afstand en tijd
  • Een auto rijd die uur lang met een snelheid van 80 kilometer per uur.
  • Als een voertuig met een constante snelheid beweegd noemen we dit een eenparige beweging.
  • Met deze gegevens kun je de afgelegde weg of afstand berekenen.
  • Afgelegde weg = snelheid x tijd
  • Tijd = Afgelegde weg : snelheid

Slide 12 - Slide

Rayan rijdt op zijn fatbike 30 minuten naar school. Hij rijdt 40 kilometer per uur. Hoelang is de afstand tussen Rayan's huis en zijn school?
Gegevens
  •  
  •  
  •  
Gevraagd
  •  
Oplossing
Conclusie:

Slide 13 - Slide

De gemiddelde snelheid
  • Als je van snelheid veranderd kun je die niet zomaar berekenen.
  • We rekenen dan met een gemiddelde snelheid.
  • Gemiddelde snelheid = afgelegde weg : tijd

  • LET OP! Meter per seconde of kilometer per uur!

Slide 14 - Slide

Tijd omrekenen

Slide 15 - Slide

Leerdoelen check 4B

Slide 16 - Slide

Lezen en maken met potlood
H16 paragraaf 2:
Blz: 167 t/m 177
Opdracht: 1 t/m 16

HUISWERK!!!!

Slide 17 - Slide

Soorten bewegingen
§3

Slide 18 - Slide

Leerdoelen 4 Basis

Slide 19 - Slide

Afstand-tijddiagram
  • Een auto rijdt met een constante snelheid van 75 km/h.
  • Je kunt hier een afstand-tijddiagram van maken.

Slide 20 - Slide

Afstand-tijddiagram

Slide 21 - Slide

Afstand-tijddiagram vergelijken

Slide 22 - Slide

Snelheid-tijddiagram
  • Een snelheid-tijddiagram laat het verband tussen snelheid en tijd zien.

Slide 23 - Slide

Leerdoelen check 4B

Slide 24 - Slide

Lezen en maken met potlood
H16 paragraaf 3:
Blz: 179 t/m 192
Opdracht: 1 t/m 16

HUISWERK!!!!

Slide 25 - Slide

Stopafstand
§4

Slide 26 - Slide

Leerdoelen 4 Basis

Slide 27 - Slide

Remweg
  • De remweg is de afstand die een voertuig nodig heeft om stil te staan.
  • De remweg is afhankelijk van de snelheid en de massa.
  • Ook met versleten remmen is de remweg groter.

Slide 28 - Slide

Banden en de weg
  • Goede banden hebben een diep profiel.
  • Dat zorgt voor een goede wrijvingskracht.
  • Minimaal 1,6mm diep.
  • Winterbanden hebben een dieper profiel.
  • Beter tegen regen en ijs.

Slide 29 - Slide

Reactietijd
  • De reactietijd is de tijd tussen het moment dat je iets ziet en je reageert.
  1. Ze letten niet op
  2. Ze zijn moe
  3. Ze zijn onder onvloed
  4. Ze zijn ouder

Slide 30 - Slide

Reactie-afstand
  • De reactie-afstand is de afstand die afgelegd wordt tijdens de reactie tijd.
  • Reactie-afstand = snelheid x reactietijd
  • Rijd je met een snelheid van 7/ms en duurt het een seconde voordat je reageert heb je 7 meter afgelegd.

Slide 31 - Slide

Stopafstand
  • De stopafstand kun je berekenen door de reactie-afstand en de remweg bij elkaar op te tellen.
  • Stopafstand = reactie-afstand + remweg

Slide 32 - Slide

Leerdoelen check 4B

Slide 33 - Slide

Lezen en maken met potlood
H16 paragraaf 4:
Blz: 194 t/m 208
Opdracht: 1 t/m 19

HUISWERK!!!!

Slide 34 - Slide

Veiligheid in het verkeer
§5

Slide 35 - Slide

Leerdoelen 4 Basis

Slide 36 - Slide

Veilig op de weg
  • Des te sneller je rijdt des  te langer je remweg
  • Je kiest je snelheid op basis van:
  1. Het soort weg
  2. Het overig verkeer
  3. Het weer

Slide 37 - Slide

Bijzondere omstandigheden
  • Er kunnen omstandigheden zijn waardoor de stopafstand langer wordt:
  1. Zwaarbeladen voertuig
  2. Slechte banden
  3. Een wegdek van klinkers
  4. Vermoeidheid
  5. Onder invloed

Slide 38 - Slide

Kooiconstructie en kreukelzone
  • Een botsing zorgt voor een grote kracht op de inzittenden.
  • Autofabrikanten proberen de kracht zo veel mogelijk af te laten nemen.
  • Het middenste van de auto wordt zo stevig mogelijk gemaakt kooiconstructie.
  • De voor en achterkant worden gemakkelijk in elkaar gedrukt kreukelzone.

Slide 39 - Slide

Veiligheidsgordels en airbags
  • De kracht moet ook gelijkmatig over het lichaam verdeeld worden.
  • Veiligheidsgordels.
  • Airbags.
  • Auto's → Hoofdsteun

Slide 40 - Slide

Veiligheidshelm
  • Scooter of motor moet met veiligheidshelm.
  • De harde buitenkant verdeeld de kracht over het hele hoofd.
  • De zachte binnenkant zorgt ervoor dat je minder snel afgeremd wordt.

Slide 41 - Slide

Leerdoelen check 4B

Slide 42 - Slide

Lezen en maken met potlood
H16 paragraaf 5:
Blz: 210 t/m 219
Opdracht: 1 t/m 23

HUISWERK!!!!

Slide 43 - Slide