PESTEN of PLAGEN?
PESTEN of PLAGEN?
Lesdoel
De student kan het verschil tussen pesten en plagen benoemen met een voorbeeld
De student kan de verschillende vormen van pestgedrag benoemen
De student kan minimaal 3 gevolgen van pestgedrag benoemen
De studenten kan minimaal 3 rollen bij pestgedrag benoemen
PESTEN
Heb jij wel eens gepest?
Ja vaak
Ja soms
Nee alleen plagen
Nee nooit
Wanneer vind jij een grapje te ver gaan?
Soorten van pesten
Verbaal pesten: schelden, naroepen, imiteren, belachelijk maken of uitlachen; bedreigen: iemand tot iets dwingen, chanteren of intimideren;
Fysiek pesten: spugen, schoppen, slaan of knijpen;
Materieel pesten: spullen stukmaken, afpakken of verstoppen;
Relationeel pesten: iemand buitensluiten, over iemand roddelen of geruchten verspreiden;
Digitaal pesten / cyberpesten: belastend materiaal (foto’s, filmpjes, roddels) via het internet/social media verspreiden; iemand via social media lastig vallen.
6 rollen bij pesten
Het slachtoffer wordt gepest
De pester pest iemand
De assistent begint zelf niet, maar doet mee met de pester.
De versterker pest zelf niet, maar moedigt de Pesters aan
De verdediger helpt het slachtoffer
De buitenstaander bemoeit zich er niet mee
Opdracht
Jullie krijgen zo een afbeelding te zien.
Ga in tweetallen benoemen wie welke rol heeft en waaraan je dat ziet.
Je hebt 1 min.
m
s
Pesten stoppen
De klas wordt in groepjes verdeeld.
Elk groepje krijgt een rol toegewezen.
Overleg met je groepje wat je vanuit je rol kan doen om pesten te stoppen.
Wat is plagen?
Plagen
Plagen heeft een speels karakter.
Bij plagen blijft er waardering voor elkaar bestaan.
Plagen is voor alle partijen grappig.
Wat is het verschil tussen pesten en plagen?
Creatieve opdracht
Affiche: maak in groepjes een affiche tegen pesten.
Rap: maak in groepjes een rap over pesten.
Maak een rebus over pesten
Einde les