2 politieke bindingen 2.1 Politieke instituties / 2.2 Representatie en representativiteit

Hoofdstuk 2 Politieke bindingen

1 / 23
next
Slide 1: Slide
MaatschappijwetenschappenMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

This lesson contains 23 slides, with interactive quizzes, text slides and 2 videos.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Hoofdstuk 2 Politieke bindingen

Slide 1 - Slide

Type bindingen
Verschillende type bindingen:
  1. Economische bindingen
  2. Affectieve bindingen
  3. Cognitieve bindingen
  4. Politieke bindingen

Slide 2 - Slide

Tot welke politieke partij voel jij je verbonden?

Slide 3 - Open question

Politieke instituties
Een complex van min of meer geformaliseerde waarden en regels die het gedrag van mensen en hun onderlinge relaties rond politieke machtsuitoefening en politieke besluitvorming regelen.

Slide 4 - Slide

Politieke instituties

  • Grondwet
  • Kiesstelsel
  • Coalitievorming
  • Poldermodel
  • Parlementaire democratie
  • Prinsjesdag
  • Koningschap

Slide 5 - Slide

Effecten politieke instituties
Politieke instituties zijn de spelregels van de samenleving.

Twee effecten:
1. Beperking individuele handelingsvrijheid
     >> De wet bepaalt wat we wel en niet mogen
2. Coördineren ons gedrag
     >> Hierdoor kunnen we met elkaar samenleven

Slide 6 - Slide

Wat is het verschil tussen een institutie en een instelling?

Slide 7 - Open question

De vier kenmerken van een staat
  • Bij een staat is sprake van een interne soevereine macht die:
1. regeert over een groep mensen;
2. binnen een bepaald grondgebied;
3. en daarbij het geweldsmonopolie en belastingmonopolie bezit.

Externe soevereiniteit
4.Externe soevereiniteit betekent dat het staatsgezag niet ondergeschikt is aan het gezag van andere staten.





Slide 8 - Slide

Begrippen op een rij
Staat = Een land met een soeverein bestuur en een hiërarchische politieke organisatie die gezag uitoefent over een bevolking binnen een afgebakend gebied.

Rechtsstaat = Een staat waarin de 'spelregels' tussen de staat en de burgers zijn vastgelegd in de grondwet.

Overheid = Soevereine macht, die uitgeoefend wordt door een staatshoofd en ministers met behulp van een ambtenarenapparaat.

Slide 9 - Slide

Instituties die de pijlers van het politieke systeem in Nederland vormen

- rechtsstaat
-Grondwet
- onafhankelijke rechtelijke macht

Slide 10 - Slide

Politieke organisatie
Organisaties zijn verbanden tussen mensen die een gemeenschappelijk doel samen nastreven.

>> PvdA, VVD, CDA
>> GreenPeace, WNF

Slide 11 - Slide

Politieke instituties

Slide 12 - Mind map

Functies politieke partijen
- rekrutering en selectie (het rekruteren en voordragen van kandidaten voor
politieke functies; 
- articulatie (het op de politiek agenda plaatsen van maatschappelijke eisen en
wensen);
- participatie (het interesseren van staatsburgers voor deelname aan politieke
besluitvormingsprocessen);
- aggregatie (het tegen elkaar afwegen en bij elkaar brengen van wensen, eisen
en belangen);
- communicatie (als intermediair tussen over overheid en burger; tussen kiezers
en gekozenen).

Slide 13 - Slide

Slide 14 - Slide

Slide 15 - Slide

Machten
1e macht = Wetgevende macht

2e macht = Uitvoerende macht

3e macht = Rechtsprekende macht

4e macht = Ambtenarij

5e macht = Media & Pressiegroepen

Slide 16 - Slide

Specifieke kaders van de media
Voorbeelden van specifieke kaders en regels van de media:
  • Snelheid van het nieuws
  • Framing
  • Personalisering
  • Hypes
  • Kracht van herhaling
  • Burger in beeld

Slide 17 - Slide

Slide 18 - Video

Binding
2.2 Representatie en representativiteit

Slide 19 - Slide

Kernconcepten
Representatie = De vertegenwoordiging van een groep door één of enkele betrokkenen die namens de groep spreken.

Representativiteit = De mate waarin de besluiten, standpunten of achtergrondkenmerken van vertegenwoordigers overeenkomen met die van de groep die ze vertegenwoordigen.

Slide 20 - Slide

Slide 21 - Video

Slide 22 - Slide

Luistert de politiek?

Slide 23 - Slide