Thema 4 - Basisstof 4

Welkom bij biologie
timer
2:30
Benodigdheden:
  • Log met je naam en wachtwoord in, in Lessonup
  • Open de les Thema 4 - Basisstof 4
  • Open in online methode  thema 4, basisstof 4.4
1 / 24
next
Slide 1: Slide
BiologieMiddelbare schoolvmbo b, kLeerjaar 1

This lesson contains 24 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

Welkom bij biologie
timer
2:30
Benodigdheden:
  • Log met je naam en wachtwoord in, in Lessonup
  • Open de les Thema 4 - Basisstof 4
  • Open in online methode  thema 4, basisstof 4.4

Slide 1 - Slide


Check in?
A
B
C

Slide 2 - Quiz

Leerdoel:
  • Ik kan uitleggen hoe spieren werken


Programma:

  • Theorie basisstof 4: Spieren
  • Verwerking
  • Herhalen basisstof 3

Slide 3 - Slide

Spieren door heel je lichaam:
om botten te bewegen
- in de organen, zoals huidspiertjes en spiertjes in de darmwand



Pezen
Pezen: 
- spier zit met pezen aan het bot vast. Pezen zijn de witte delen aan het einde van elke spier
- de aanhechtingsplaats is de plek waar de pees aan het bot vastzit 
- een pees kan niet samentrekken


Een pees voelen:
- Voel met je vingers van de linkerhand aan de binnenkant van je elleboog
- Buig nu je je rechterarm
Spieren
Spieren:
Een spier kan zich samentrekken, dan wordt de spier korter en dikker. De spier trekt dan de botten waar de spier aan vastzit naar elkaar toe. Zo onstaat beweging. 
Armbuig - en streksspier
Een spier kan maar één beweging maken, om twee botten te bewegen heb je daarom wtee spieren nodig. De spieren maken een tegenovergestelde beweging.

Bijvoorbeeld bij je arm;
Je hebt een armbuigspiier, hierdoor kan je je onderarm omhoog bewegen. 
De armstrekspier zorrgt ervoor dat je je onderarm ook weer terug naar beneden kan brengen.
Armbuigspier
Armbuigspier (biceps): 
Als deze zich samentrekt, wordt hij korter en dikker. De onderarm wordt dan omhoog getrokken. 
Armstrekspier
Armstrekspier (triceps): 
Als deze zich samentrekt wordt hij korter en dikker. De onderarm wordt dan gestrekt. 
Theorie basisstof 4
This video is no longer available
Welke video was dit?
4.1

Slide 4 - Slide

Wat gebeurt er met de dikte van een spier als de spier zich samentrekt?

Slide 5 - Open question

In de afbeelding wordt de arm gebogen.
Welke spier is dan samengetrokken?
Afbeelding
A
Armbuigspier
B
Armstrekspier
C
Beide

Slide 6 - Quiz

Als je een spier ontspant, wordt de spier....
A
korter en dikker
B
langer en dunner
C
korter en dunner
D
langer en dikker

Slide 7 - Quiz


Als deze spieren aanspannen
A
gaat de pols buigen
B
gaat de pols strekken
C
gebeurt er niets in de pols
D
gaat de pols draaien

Slide 8 - Quiz

Hier zie je de binnenkamt van een gebogen been. Wat is wat? 
A
B
C
D
gewricht
bot
spier
pees

Slide 9 - Drag question

Verwerking
Maak op biologie online (4.4) opdracht 1 t/m 7

Klaar:
Leren met video's 


Alles af?

  • Basisstof 4.1:      1 t/m 7
  • Basisstof 4.2:     2-3-6
  • Bassisstof 4.3:   1-3-4-5

Slide 10 - Slide


4.4
Opdracht 1
Buig nu zelf je rechterarm. Voel met de vingers van je linkerhand aan de binnenkant van je elleboog. Je kunt nu een pees voelen.
 

Buig nu je been. Voel aan de onderkant van je knie of je pezen kunt voelen.
Hoeveel pezen kun je voelen aan de onderkant van je knie

Slide 11 - Open question

4.4
Opdracht 2

Sleep de woorden naar de goede plek
1 Alle spieren van het lichaam samen noem je het

 
2 Spieren en gewrichten zorgen samen voor
 
3 Spieren zitten aan botten vast met
 


spierstelsel
beweging
pezen

Slide 12 - Drag question


4.4
Opdracht 3
Welke spier in afbeelding 6 is de strekspier en welke spier is de buigspier?

Slide 13 - Open question


4.4
Opdracht 5
In afbeelding 7 zie je een onderbeen
.
Is spier S een buigspier of een strekspier? Leg je antwoord ui

Slide 14 - Open question

Het hart is een spier
A
Ja
B
Nee

Slide 15 - Quiz

Terugblik 
ledematen= armen en benen
Romp
Bekkengordel
Bekkengordel/ het bekken:
heupbeenderen en het heiligbeen
Schoudergordel:
schouderbladen en sleutelbeenderen
Schedel
botten in het hoofd, dit noemen we ook schedelbeenderen
Wervelkolom
hierdoor wordt je hoofd gedragen loopt door tot het staartbeen
Borstkas
De borstwervels, de ribben en het borstbeen.
Je borstkas beschermt belangrijke organen zoals het hart en de longen.
Functies van het skelet
  • Stevigheid:
    zonder skelet zak je in elkaar
  • Beweging:
    beenderen zijn met elkaar verbonden zodat je kan bewegen
  • Bescherming:
    Je skelet beschermt organen. Je borstkas beschermt de longen en het hart. De schedelbeenderen beschermen de hersenen
  • Vorm:
    Het skelet geeft vorm aan je lichaam
4.1 Het skelet
Beweging
Kraakbeen:
-zorgt ervoor dat de botten niet over elkaar heen schuiven
-ook op plaatsen die stevig en soepel moeten zijn, zoals je neus en je oorschelp
Botten en beenderen
Botten worden ook beenderen genoemd.
Botten bestaan uit twee stoffen: kalkstof en lijmstof. 

Kalk zorgt voor de stevigheid van bord (net als een schoolbord krijtje).
Lijmstof zorgt voor de buigzaamheid van het bot.

Baby's en kleine kinderen hebben meer lijmstof dan kalkstof, daarom zijn ze zo flexibel. Als je ouder wordt, verandert deze samenstelling; ouderen hebben meer kalkstof dan lijmstof. Hierdoor breken zij sneller een bot dan kinderen.
4.2 Botten
Gewrichten
Opbouw van het skelet door beenverbindingen (bekijk de video)

Een gewricht is een verbinding tussen twee botten. Door een gewricht kunnen de botten gemakkelijk bewegen
4.3 Gewrichten

Slide 16 - Slide

Wat is de functie van gewrichtbanden?
A
soepel bewegen van het gewricht
B
houdt de 2 botten bij elkaar
C
zorgt voor extra stevigheid van het gewricht

Slide 17 - Quiz

Een gewricht wordt gevormd door twee botten. Welk onderdeel zit niet in een gewricht:
A
Kraakbeen
B
gewrichtssmeer
C
gewrichtskapsel
D
pezen

Slide 18 - Quiz

Wat is de functie van een gewricht?
A
Voor de stevigheid
B
Beweging mogelijk maken
C
Aanhechting van de spieren

Slide 19 - Quiz

Sleep de namen van de onderdelen van het gewricht uit de rechter kolom naar het juiste nummer in de linker kolom.
kraakbeenlaagje
gewrichtssmeer
gewrichtskapsel
gewrichtsband
gewrichtskogel
gewrichtskom

Slide 20 - Drag question

Wat is de functie van gewrichtbanden?
A
soepel bewegen van het gewricht
B
houdt de 2 botten bij elkaar
C
zorgt voor extra stevigheid van het gewricht

Slide 21 - Quiz

Een gewricht wordt gevormd door twee botten. Welk onderdeel zit niet in een gewricht:
A
Kraakbeen
B
gewrichtssmeer
C
gewrichtskapsel
D
pezen

Slide 22 - Quiz

Wat is de functie van een gewricht?
A
Voor de stevigheid
B
Beweging mogelijk maken
C
Aanhechting van de spieren

Slide 23 - Quiz

Speel in tweetallen.
Draai het rad en beantwoord de vraag. 
De ander controleert de vraag. Weten jullie allebei de vraag niet, zoek dit dan op.

Heb je het goed, dan verdien je een fiche.
Wie als eerste alle fiches heeft verdiend, wint het spel. 



Slide 24 - Slide