Ondersteunende informatie 1 - bewegingsvormen lesweek 1.5 en 1.6

Didactiek - bewegingsvormen
Didactiek
bewegingsvormen
1 / 19
next
Slide 1: Slide
BewegingsonderwijsMBOStudiejaar 1

This lesson contains 19 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min
Report this lesson

Items in this lesson

Didactiek - bewegingsvormen
Didactiek
bewegingsvormen

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Bewegingsvormen
Bewegingsvormen zijn alle sport- en bewegingsactiviteiten die de sportleider laat uitvoeren door de SB-deelnemers om de doelstellingen te bereiken.

Verschillende termen: oefenstof, oefenvormen, trainingsvormen, leerstof, repertoire, leervoorstel en sport- en bewegingsactiviteiten.

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Functies bewegingsvormen


- bewegingsvormen gericht op ontspanning en recreatie
- bewegingsvormen gericht op maatschappelijke activering 
- bewegingsvormen gericht op ontwikkeling sporttechniek en sporttactiek
- bewegingsvormen gericht op stimulering van bewegingsvaardigheden 
- Bewegingsvormen gericht op het bevorderen van de gezondheid, een gezonde(re) leefstijl.

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Link met did. model
Op basis van welke twee pijlers 
Op basis van de beginsituatie en de doelstelling maak je een keuze voor bewegings-vormen in je les/training.

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Teken het didactisch model en
upload het hier:

Slide 5 - Open question

This item has no instructions

Didactische eisen
Bewegingsvormen sluiten aan op beginsituatie.

Bewegingsvormen dragen bij aan het realiseren van de doelstelling.

Bewegingsvormen zijn gebaseerd op de evaluatie van voorgaande lessen.

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Eisen gesteld aan bewegingsvormen
- veilig zijn
- betekenisvol zijn
- voldoende belevingswaarde en afwisseling hebben
- optimale intensiteit mogelijk maken
- differentiatie mogelijk maken
- methodisch goed opgebouwd zijn

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Leg uit wat de
arbeidscurve is:

Slide 8 - Open question

Bij het streven naar een zo intensief mogelijke les moet je in de gaten houden dat er een goede verhouding is tussen arbeid en rust. Dit wordt de arbeidscurve genoemd.
Leg uit wat
inhoudelijke differentiatie is:

Slide 9 - Open question

Inhoudelijke differentiatie heet dan ook wel differentiëren op leervoorstelniveau. Dit betekent dat SB-deelnemers een verschillende opdracht krijgen. De één oefent balanceren op een omgekeerde bank, de ander op een evenwichtsbalk.

Wat is organisatorische differentiatie?

Slide 10 - Open question

bewegingsvormen gericht op ontspanning en recreatie
bewegingsvormen gericht op maatschappelijke activering
bewegingsvormen gericht op ontwikkeling sporttechniek en sporttactiek
bewegingsvormen gericht op stimulering van bewegingsvaardigheden
Bewegingsvormen gericht op gezondheid, gezonde(re) leefstijl.
Het BHU-model
Een veelgekozen manier om inhoudelijk te differentiëren is het zogenaamde BHU-model.

- Basisvorm
- Herhalingsvorm
- Uitbreidingsvorm

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

Het BHU-model
Voorbeeld koprol:

basisvorm: rol voorwaarts van stand tot stand
herhalingsvorm: rol voorwaarts van hurkzit tot hurkzit
uitbreidingsvorm: zweefrol





Slide 12 - Slide

This item has no instructions

Geef zelf een voorbeeld van het BHU-model met de handstand:

Slide 13 - Open question

Basisvorm:  handstand tegen de muur
Herhalingsvorm: handstand met hulp
Uitbreidingsvorm: handstand doorrollen
Methodiek
De laatste eis aan bewegingsvormen heeft te maken met de methodische opbouw. 

Algemene methodiek, bestaat uit:  algemene methodische principes, methoden (deelmethode en totaalmethode), leergang
en methodisch-didactische hulpmiddelen

Vakspecifieke methodiek: Verschilt per sport


Methodisch-didactische hulpmiddelen
 









Slide 14 - Slide

This item has no instructions

Algemene methodische principes
- Bewegingsvormen sluiten aan bij bekende en beheerste bewegingsvormen.
- Bewegingsvormen zijn geleidelijk oplopend in moeilijkheidsgraad (van makkelijk naar moeilijk).
- Bewegingsvormen kennen een opbouw van enkelvoudig naar samengesteld (complex).
- Bewegingsvormen nemen in moeilijkheid toe op basis van veranderingen op arrangementsniveau (organisatieniveau) en/of op leervoorstelniveau.

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

Methoden: deelmethode

Bij de deelmethode deel je een beweging op in een aantal kleine stukjes. Deze deelbewegingen oefenen de deelnemers als aparte bewegingsvormen. Als de deelnemers de deeltjes min of meer beheersen, vindt het samenvoegen plaats.

Vaak gebruikt  bij turnen of atletiek

Slide 16 - Slide

This item has no instructions

Methoden: totaalmethode

Lesgevers die voor de totaalmethode kiezen gaan ervan uit dat je een vaardigheid zo veel mogelijk in zijn geheel en niet in aparte delen moet oefenen. Deze bied je eerst in een vereenvoudigde vorm aan. Het tempo van uitvoeren is meestal laag.


Slide 17 - Slide

This item has no instructions

Leergang

Een leergang is de stapsgewijze, gefaseerde methodische opbouw van een aantal specifieke bewegingsvormen om tot een bepaald einddoel (beheersen van een vaardigheid, zoals de schoolslag) te komen.

Slide 18 - Slide

This item has no instructions

Methodisch-didactische hulpmiddelen

Bij veel bewegingsvormen gebruik je hulpmiddelen om het aanleren van de vaardigheid te vergemakkelijken.

Voorbeelden hiervan zijn video-opnamen, een afbeelding en het gebruik van pylonen om loopwegen aan te geven.

Slide 19 - Slide

This item has no instructions