hst 3 paragraaf 4 "indampen en destilleren"

hst 3.4 "indampen en destilleren"
1 / 29
next
Slide 1: Slide
ScheikundeMiddelbare schoolvmbo g, t, mavoLeerjaar 3

This lesson contains 29 slides, with interactive quizzes, text slides and 2 videos.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

hst 3.4 "indampen en destilleren"

Slide 1 - Slide

Leerdoelen
3.4.1 Je kunt uitleggen waarom je kiest voor indampen of destilleren.
3.4.2 Je kunt bij indampen en destilleren benoemen uit welke stof het residu en het destillaat bestaan.
3.4.3 Je kunt de onderdelen van een destillatieopstelling benoemen.

Slide 2 - Slide

Vandaag
Huiswerk controle
Filmpje van Miranda onstenk
uitleg wat indampen en destilleren is
2 filmpjes
quizvragen

Slide 3 - Slide

Slide 4 - Video

Slide 5 - Slide

Slide 6 - Slide

Slide 7 - Slide

Slide 8 - Slide

Slide 9 - Slide

Slide 10 - Slide

Slide 11 - Slide

Slide 12 - Slide

Slide 13 - Video

Indampen is een scheidingsmethode.
A
Niet waar
B
Waar

Slide 14 - Quiz

Hoe haal je suiker uit suikerwater?
A
indampen
B
extraheren
C
filtreren

Slide 15 - Quiz

Hoe haal je suiker uit suikerwater?
A
indampen
B
extraheren
C
filtreren

Slide 16 - Quiz

Bij welke 2 scheidingsmethoden maak je gebruik van verschillende kookpunten?
A
destilleren & adsorberen
B
indampen & filtreren
C
destilleren & indampen
D
filtreren & bezinken

Slide 17 - Quiz

Je kunt een oplossing scheiden met indampen. Wat is het residu bij indampen?
A
Oplosmiddel
B
Opgeloste stof

Slide 18 - Quiz

Één van de manieren om een suspensie te scheiden is?
A
destilleren
B
indampen
C
filtreren
D
afschenken

Slide 19 - Quiz

Met welke scheidingsmethode kun je drinkwater winnen uit zeewater?
A
adsorberen
B
destilleren
C
extraheren
D
indampen

Slide 20 - Quiz

Welke scheidingsmethoden kies je wanneer je zout wilt winnen uit zeewater?
A
Indampen
B
Filtreren
C
Bezinken
D
Destilleren

Slide 21 - Quiz

Om een oplossing te scheiden moet je..
A
indampen
B
zeven
C
filtreren
D
?

Slide 22 - Quiz

Destilleren heeft veel overeenkomsten met indampen, maar er is ook een belangrijk verschil.
Wat is het verschil tussen destilleren en indampen?
A
Bij destilleren vang je de vloeistof die verdampt is weer op.
B
Bij indampen vang je de vloeistof die verdampt is weer op.
C
Destilleren gebeurt bij een hogere temperatuur.
D
Bij indampen kookt de vloeistof bij een lagere temperatuur.

Slide 23 - Quiz

Reactie of scheiding?
A
reactie
B
scheiding
C
ontleding
D
indampen

Slide 24 - Quiz

Bij welke 2 scheidingsmethoden maak je gebruik van verschillende kookpunten?
A
destilleren & adsorberen
B
indampen & filtreren
C
destilleren & indampen
D
filtreren & bezinken

Slide 25 - Quiz

Indampen van suikerwater is
A
ontleden.
B
scheiden.
C
geen van beide.

Slide 26 - Quiz

Je kunt een oplossing scheiden met indampen. Wat is het residu bij indampen?
A
Oplosmiddel
B
Opgeloste stof

Slide 27 - Quiz

Op welk verschil berust indampen?
A
Deeltjesgrootte
B
Aanhechtingsvermogen
C
Oplosbaarheid
D
Kookpunt

Slide 28 - Quiz

Water verdampt en ruw zout blijft over bij
A
Indampen
B
Destilleren
C
Bezinken
D
Extraheren

Slide 29 - Quiz