GDV Deel 1 2026

Keuzevak 2: lesbrief 1
1 / 33
next
Slide 1: Slide
Dienstverlening en ProductenMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 4

This lesson contains 33 slides, with interactive quizzes and text slides.

Report this lesson

Items in this lesson

Keuzevak 2: lesbrief 1

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Startopdracht in stilte:✍️ 
Lees de eindtermen (dus alles wat je moet weten aan het einde van dit keuzevak) in stilte.

Onderstreep de moeilijke woorden en zoek deze op in het woordenboek.

Succes!

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Leerdoelen KV Geüniformeerde Dienstverlening

Aan het einde van de les kun je:
- vier beroepsgroepen binnen veiligheid herkennen;
- een taak van een beroep noemen;
- het verschil tussen een publieke en private ruimte uitleggen;
- bij een voorbeeld zeggen of iemand preventief of repressief handelt.

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Werkwijze
  • Ik start met de instructie van KV Geuniformeerde Dienstverlening.
  • De leerlingen die het KV Milieu Hergebruik en Duurzaamheid volgen starten met hun opdrachten in lesbrief 1 (in stilte).
  • Vervolgens volgt de instructie KV Milieu Hergebruik en D. waarbij de leerlingen van het keuzevak Geuniformeerde Dienstverlening stil werken. 

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Welke beroepen herken je op de foto? Schrijf er twee op. Welke taak denk je dat zij hebben?

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

4 beroepsgroepen
  1. defensie
  2. politie
  3. de particuliere beveiliging
  4. het (stads)toezicht (bijv. handhavers) 

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

🟦 A. Vaardigheden in de veiligheidsbranche
• goed kijken en luisteren
• rustig blijven
• duidelijk praten
• samenwerken
• snel maar veilig beslissen
• eerste hulp kunnen verlenen

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

🟦 B. Beroepshouding
• professioneel gedrag
• regels volgen
• respect tonen
• betrouwbaar zijn
• geen geweld gebruiken
• privacy respecteren

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

🟦 C. Omgaan met emoties
• mensen kunnen kalmeren
• luisteren
• serieus blijven
• geen ruzie maken
• begrip tonen
• hulp inschakelen als het nodig is

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Politie: hoofdtaken
  • de openbare orde handhaven  - zorgen dat het rustig blijft op straat
  • hulpverlening - mensen helpen
  • strafbare feiten opsporen - misdrijven oplossen

👤 Wie is verantwoordelijk?
Bij rust en hulp in de stad:           👉 de burgemeester
De burgemeester luistert naar: 👉 de gemeenteraad
De gemeenteraad is:                      👉 het bestuur van de gemeente

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

Openbaar ministerie (OM)
Als de politie een misdrijf onderzoekt, doet zij dat:
👉 onder leiding van de officier van justitie.

De officier van justitie werkt bij:
👉 het Openbaar Ministerie (OM).

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

Buitengewoon opsporingsambtenaren
Een politieambtenaar is bevoegd tot opsporing van alle strafbare feiten -> algemeen opsporingsambtenaren


Een buitengewoon opsporingsambtenaar (afgekort: boa) heeft bepaalde opsporingsbevoegdheden en is specialist in een bepaald vakgebied en heeft alleen binnen dat vakgebied opsporingsbevoegdheid (bijv. parkeercontroleur of een boswachter
Je herkent ze aan een duimpje op hun uniform.

Slide 12 - Slide

This item has no instructions

De brandweer
In Nederland zijn ongeveer 27.000 brandweermensen.
• De meesten zijn vrijwilliger.
• Brandweerposten werken samen in regio’s.
• Helpen bij grote rampen 
• De brandweer krijgt meldingen via de alarmcentrale.
• Daar komen ook automatische brandmeldingen van bedrijven binnen.

Slide 13 - Slide

This item has no instructions

Ambulancedienst
In Nederland rijden ongeveer 650 ambulances.
• Ze maken samen bijna 1 miljoen ritten per jaar.

• In de ambulance werken:
– een ambulanceverpleegkundige
– een chauffeur met EHBO-diploma en speciale opleiding

• Ze dragen dezelfde kleding.

Slide 14 - Slide

This item has no instructions

De krijgsmacht
Het leger heet ook de krijgsmacht. Sinds 1997 is het een beroepsleger.

Er zijn vier onderdelen:
1️⃣ Landmacht
2️⃣ Luchtmacht
3️⃣ Marine
4️⃣ Marechaussee


Slide 15 - Slide

This item has no instructions

De krijgsmacht: taken
1️⃣ ons land en NAVO-landen verdedigen

2️⃣ helpen vrede te bewaren in andere landen

3️⃣ helpen bij rampen en grote evenementen
(zoals overstromingen, aardbevingen en aanslagen)

Slide 16 - Slide

This item has no instructions

De AIVD
De AIVD is de geheime dienst van Nederland.

Ze doen onderzoek in binnen- en buitenland om op tijd gevaar te ontdekken dat Nederland kan bedreigen.

Slide 17 - Slide

This item has no instructions

NCTV


Terrorisme is moeilijk te voorkomen. Daarom blijft er altijd een risico.

De Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) zorgt ervoor dat de kans op aanslagen in Nederland zo klein mogelijk wordt.

NCTV = probeert aanslagen in Nederland te voorkomen.

Slide 18 - Slide

This item has no instructions

Publieke / private ruimten
Openbare ruimten = plekken voor iedereen (publieke ruimten)
Bijvoorbeeld: straat, plein, park, station.

Private ruimten = niet voor iedereen.
Bijvoorbeeld: bedrijven, winkels, magazijnen en terreinen met hek.

👉 Openbaar = publiek = voor iedereen
👉 Privaat = particulier = niet voor iedereen

Slide 19 - Slide

This item has no instructions

Private veiligheidszorg
Private veiligheidszorg: Er zijn 5 soorten particuliere beveiligingsorganisaties:

1️⃣ beveiligingsbedrijven
2️⃣ particuliere alarmcentrales
3️⃣ geld- en waardetransportbedrijven
4️⃣ bedrijfsbeveiligingsdiensten
5️⃣ overige beveiliging, zoals: evenementbeveiliging- persoonsbeveiliging

📌 Belangrijk om te onthouden:
Deze organisaties werken niet voor de overheid.
Ze willen winst maken.
Ze hebben een vergunning nodig.
Medewerkers worden gescreend (gecontroleerd).

Slide 20 - Slide

This item has no instructions

Je bent beveiliger in een winkelcentrum.
Op camerabeelden zie je 3 jongeren die steeds bij dezelfde winkel blijven hangen.
Wat doe je?


A
Zelf de politie bellen
B
Zelf erop af
C
Extra observeren
D
Winkel waarschuwen

Slide 21 - Quiz

This item has no instructions

Samen oefenen
Een beveiliger ziet dat de nooduitgang van een winkel is geblokkeerd.
1. Wat neemt de beveiliger waar?
2. Waarom kan dit een probleem worden?
3. Wat kan hij doen om een probleem te voorkomen?

Schrijf eerst zelf een antwoord op vraag 1. Bespreek daarna de andere vragen met je buur.

Slide 22 - Slide

Preventief
Preventief of repressief?
Preventief = vóórkomen
Repressief = reageren

Slide 23 - Slide

This item has no instructions

🔴 1. Inbraakpreventie
Feiten

• meeste inbraken overdag
• vaak aan de achterkant
• soms via de eerste verdieping
• ze willen vooral geld, sieraden en telefoons

Slide 24 - Slide

This item has no instructions

🔴 1. Inbraakpreventie
Zo voorkom je inbraak
• deuren en ramen op slot
• lamp met sensor
• spullen uit zicht
• geen sleutels in het slot
• geen sleutel verstoppen
• struiken weg
• licht aan met timer
• buren vragen op te letten
👉 Bij verdacht: bel 112

Slide 25 - Slide

This item has no instructions

Wat betekent preventief handelen?
A
achteraf reageren
B
politie bellen
C
problemen voorkomen
D
iemand aanhouden

Slide 26 - Quiz

This item has no instructions

Wie geeft leiding aan de politie bij het opsporen van misdrijven?
A
burgemeester
B
gemeenteraad
C
officier van justitie
D
NCTV

Slide 27 - Quiz

This item has no instructions

Welke plek is een publieke ruimte?
A
magazijn
B
winkel na sluiting
C
straat
D
privéterrein

Slide 28 - Quiz

This item has no instructions

Welke organisatie probeert aanslagen in Nederland te voorkomen?
A
OM
B
AIVD
C
BOA
D
NCTV

Slide 29 - Quiz

This item has no instructions

Welke hoort bij private veiligheidszorg?
A
politie
B
particuliere alarmcentrale
C
brandweer
D
aivd

Slide 30 - Quiz

This item has no instructions

Welke taak hoort bij de politie?
A
inbraakpreventie geven
B
openbare orde handhaven
C
branden blussen
D
personen beveiligen

Slide 31 - Quiz

This item has no instructions

 Theorie opdrachten lesbrief 1
GDV
1
2-3-4-5
2
2-3-4
3
2-3-4
4
2-3-4
5
2-3-4-5-6-7-8
Lees de tekstbronnen!! 

Slide 32 - Slide

This item has no instructions

✍️Exitticket
  1. Wat heb je vandaag afgemaakt?
  2. Welk begrip kun je nu uitleggen?
  3. Wat wil je de volgende les vragen of afmaken?

Slide 33 - Slide

Antwoord: fase 2 – koopbehoefte onderzoeken.