ID aspecten

Interaction Design Aspecten
1 / 23
next
Slide 1: Slide
Applicatie- en mediaontwikkelaarMBOStudiejaar 1

This lesson contains 23 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

Interaction Design Aspecten

Slide 1 - Slide

Vorige keer:
Brainstormen.

Slide 2 - Slide

Wat gaan we doen?
Verder met de ideeën
Interaction Design aspecten:
  • Usability
  • User Experience
  • Gamification
Kiezen van 1 concept 
Uitwerken van concept


Slide 3 - Slide

Leerdoelen:
Na deze les:
Ken je de Interaction Design aspecten
Pas je de methode van Usability toe op het concept 
Pas je de methode van User Experience toe op het concept 
Pas je de methode van Gamification toe op het concept 
Werk je het gekozen concept uit


Slide 4 - Slide

Verder met de ideeën(SCRUMGroep)
Zorg dat alle concepten zijn beschreven op de blaadjes van vorige keer.

Iedere groep krijgt 10 minuten om de ideeën opnieuw te bekijken en verder uit te werken.

Slide 5 - Slide

Feedback op ideeën(SCRUMGroep)
Wissel de idee templates uit per scrumgroepen.
Lees in de scrumgroep wat de ideeën zijn van de andere groep.
Schrijf op het blad feedback/ aanvullende ideeën over de concepten. (5min)


Verzamel de blaadjes
Bespreek wat jullie kunnen gebruiken van de feedback/ ideeën van het andere scrumgroep. (5min)



Slide 6 - Slide

Usability
Usability is de gebruiksvriendelijkheid.
Het zorgt ervoor dat de gebruiker kan doen wat hij wil doen. En dat alles goed verloopt.



Slide 7 - Slide

Usability methode
Om te controleren en testen of het interactieve product gebruiksvriendelijk is gebruiken we een methode:
De 5 E’s van Usability:


Effective (doel bereiken)
Efficiency (middelen om doel te bereiken)
Engaging (innemend/ aantrekkelijk)
Error tolerant
Easy to learn



Slide 8 - Slide

5 E's
Effective (Doel bereiken):  Product is nuttig en helpt gebruikers hun doelen te bereiken
 - Bijvoorbeeld: Alleen tekst die nuttige informatie geeft
Efficiency (Middelen): Zonder tijd, energie of kosten te verspillen. De snelheid waarmee het doel bereikt wordt. 
- Bijvoorbeeld: Een goede navigatie structuur 
Engaging (Aantrekkelijk): Product heeft een prettige interface om te gebruiken. 
 - Bijvoorbeeld: Een duidelijke taal
Error tolerant (voorkomen en herstellen van fouten): Hoe goed het product fouten voorkomt en gebruikers helpt bij het herstellen van fouten. 
 - Bijvoorbeeld: Zorg ervoor dat acties gemakkelijk ongedaan gemaakt kunnen worden.
Easy to learn (makkelijk te leren / gebruiken): Laat gebruikers niet nadenken. Als je een product voor het eerst gebruikt, moet het gemakkelijk genoeg zijn om erachter te komen hoe het werkt. 
 - Bijvoorbeeld: Behulpzame instructies waar nodig.





Slide 9 - Slide

User Experience
User experience is de gebruikerservaring.
Het roept een gevoel op bij de bezoeker. Het is de manier waarop 
een gebruiker een product of dienst beleeft.
Om te controleren en testen of het interactieve product voldoet aan een 
goede gebruikerservaring, gebruik je de UX pyramid van Stephen P. Anderson.

  • Useful
  • Reliable
  • Usable
  • Convenient
  • Pleasurable
  • Meaningfull

De elementen zijn met elkaar verbonden. Als 1 van de elementen niet goed is ingericht, gaat dat ten koste van de totaalbeleving van de gebruiker. 



Slide 10 - Slide

User Experience Methode
Useful: Functionaliteit. 
Het product werkt zoals het bedoeld is.
Reliable: Betrouwbaarheid.
De info van het product moet altijd beschikbaar en betrouwbaar zijn.
Usable: Bruikbaarheid.
Het product of de applicatie wordt gebruikt zonder dat er problemen ontstaan.
Convenient: Handig.
Past de applicatie bij mijn leven en werkt het zoals verwacht?
Pleasurable: Aangenaam.
De applicatie is leuk om te gebruiken. De gebruiker wilt zijn ervaring het delen.
Meaningfull: Zinvol
Heeft het een persoonlijke of maatschappelijke betekenis?
Het is een ervaring en heeft invloed.




Slide 11 - Slide

Opdracht
Jullie krijgen een aantal zinnen met uitspraken. 
Geef aan of het hier gaat om:  
User Experience of Usability?

Slide 12 - Slide


Het is gemakkelijk om de verschillende functionaliteiten van het spel te begrijpen.
A
Usability
B
User Experience

Slide 13 - Quiz


Ik wil deze ervaring graag herhalen.
A
Usability
B
User Experience

Slide 14 - Quiz


Het is gemakkelijk om mijn positie in de spelranglijst te zien (je kunt altijd weten of je wint of verliest).
A
Usability
B
User Experience

Slide 15 - Quiz


Ik vind de doelstellingen, regels en verhaal van het spel erg leuk.
A
Usability
B
User Experience

Slide 16 - Quiz


Het gebruik van dit spel heeft mijn motivatie en interesse voor de cursus vergroot.
A
Usability
B
User Experience

Slide 17 - Quiz


De elementen van de interface zijn gemakkelijk te herkennen en geven de functionaliteit die ze uitvieren weer. (knoppen, afbeeldingen, enz.).
A
Usability
B
User Experience

Slide 18 - Quiz


Deze uitkomst van de quiz kan ik delen met andere.
A
Usability
B
User Experience

Slide 19 - Quiz

Gamification
Gamification is het toevoegen van spelelementen aan een niet-spel situatie om gedrag positief te beïnvloeden.
Bijvoorbeeld: bij het aanleren van de tafels krijgen leerlingen stickers voor de tafels die ze kennen.

Door spelelementen toe te voegen wordt de intrinsieke motivatie voor bepaald gedrag gestimuleerd. (Intrinsiek: gedrag wordt beïnvloed doordat de gebruiker iets zelf wil.)

https://www.youtube.com/watch?v=kAmFPI3pXsQ&feature=youtu.be



Slide 20 - Slide

Gamification
Stap 1: Bepaal het doel.
Stap 2: Wat is de beloning (wat krijgt de speler ervoor).
Stap 3: Geef intrinsiek motivatie

Om te motiveren let je op een aantal punten:
Competent: Iedereen wil het gevoel hebben dat hij/zij iets kan.
Autonomie: De behoefte om de controle over eigen taken/ leven te hebben.
Relatie: Verbondenheid: Het verlangen naar interactie, verbinding en de behoeften om voor anderen te zorgen.




Slide 21 - Slide

Concept kiezen
Bekijk alle 3 de ideeën.

Kun je ideeën samenvoegen of ideeën combineren. 
Kom 1 concept. 

Kies het leukste/beste concept dat het probleem kan oplossen. 
Beschrijf voor dit concept hoe jullie Usability, User Experience en Gamification gaan toepassen. (in template)



Slide 22 - Slide

Vragen? 

Slide 23 - Slide