Arbeidscontract

Les 1: Arbeidscontract
Arbeidscontract = afspraak voor werk op papier
1 / 14
next
Slide 1: Slide
BurgerschapISK

This lesson contains 14 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

Les 1: Arbeidscontract
Arbeidscontract = afspraak voor werk op papier

Slide 1 - Slide

Wat staat er in je contract

  • Je functie (beroep)
  • Werktijden 
  • Loon/ salaris
  • Je vrije dagen/ vakantie
  • Ziekmelden
PROEFTIJD:
Tijd waarin jij of de werkgever het arbeidscontract kan opzeggen, zonder opzegtermijn.

Slide 2 - Slide

  • Opdracht: Wat staat er in je contract
  • Opdracht 2 blz. 78

Slide 3 - Slide

Les 2: Vaste en tijdelijke contract
Vaste contract = contract voor onbepaalde tijd (zonder einddatum in contract)
Tijdelijke contract = contract voor bepaalde tijd (met einddatum in contract)

Slide 4 - Slide

Werkgever
Werknemer
Werkgever & Werknemer
Arbeidscontract

Slide 5 - Slide

In het contract van Pim staat dat hij bij de Jumbo werkt tot 23 maart 2023.
Pim heeft een...
A
Vaste baan
B
Tijdelijke baan

Slide 6 - Quiz

Ahmed werkt al twee jaar in een supermarkt. Zijn baas zegt: “Je mag hier blijven werken. Je krijgt nu een vast contract". Wat betekent dit voor Ahmed?
A
Ahmed werkt maar één week.
B
Ahmed heeft een vaste baan
C
Ahmed moet stoppen met werken.
D
Ahmed hoeft nooit meer te werken.

Slide 7 - Quiz

Zwart werken en wit werken
  • Zwart werken = zonder contract werken.

  • Wit werken = met contract werken

Slide 8 - Slide

Bruto en netto salaris
  • Bruto salaris is al het geld dat je verdient vóór belasting.

  • Netto salaris is het geld dat je echt op je bank krijgt. Belasting is al betaald. 

Voorbeeld:
Bruto salaris: 2.000 euro - belasting = Netto salaris: 1.700 euro
Dus netto is minder dan bruto.

Slide 9 - Slide

Het minimumloon
  • Het minimumloon is het laagste loon dat je mag krijgen als je werkt.
  • Werkgevers mogen niet minder betalen dan het minimumloon.



Slide 10 - Slide

Mag je meer dan het minimumloon verdienen?
A
JA
B
NEE

Slide 11 - Quiz

verschillen bruto netto?

Slide 12 - Slide


“Netto” is ALTIJD minder dan “Bruto”
A
Waar
B
Niet waar

Slide 13 - Quiz

Loon wat op mijn rekening komt
Koffiegeld
Het geld dat je verdient vóórdat er belasting afgaat.









Slide 14 - Drag question