Een bakkerskraam op de weekmarkt Heksenwiel
EXAMENSTOF · ONDERNEMEN · EIGEN BEDRIJF
Een eigen bedrijf starten
Examenstof bedrijfseconomie havo
Een bakkerskraam op de weekmarkt Heksenwiel
EXAMENSTOF · ONDERNEMEN · EIGEN BEDRIJF
Een eigen bedrijf starten
Examenstof bedrijfseconomie havo
Les 1 van 3: uitleg. Les 2 is de examentraining, les 3 de terugblik met quiz. Syllabus: B2 12.1, 12.2, 12.4. Image credit: G.Lanting / Wikimedia Commons, CC BY-SA 3.0
EXAMENSTOF · ONDERNEMEN · EIGEN BEDRIJF
Wat ga je kunnen?
Ik kan loondienst en zelfstandig ondernemen afwegen, de rol van de ondernemer bij het oprichten uitleggen en de oprichtingsverplichtingen van een eenmanszaak noemen.
This item has no instructions
Je wilt je eigen baas worden. Welke woorden komen bij je op?
Syllabus 12.1, 12.2 en 12.4: verwachte woorden zijn vrijheid, risico, geld lenen, klanten, idee, KvK, vergunning, eigen baas, werkgever, loon. Gebruik ze later in de les en laat zien welke woorden bij loondienst horen en welke bij zelfstandig ondernemen. Het ondernemingsplan en de rechtsvormen komen in andere onderwerpen aan bod.
Medewerkers van de Kamer van Koophandel in Haarlem
EXAMENSTOF · ONDERNEMEN · EIGEN BEDRIJF
In loondienst werken
Een arbeidsrelatie is de relatie tussen een werknemer en een werkgever.
De werknemer voert werk uit en krijgt daarvoor loon, meestal ook bij ziekte.
De werkgever draagt het ondernemersrisico en bepaalt grotendeels wat, wanneer en hoe er gewerkt wordt.
Een werknemer is verzekerd tegen werkloosheid (WW) en bouwt vaak pensioen op via de werkgever.
Syllabus 12.1: arbeidsrelatie. Het begrip wordt hier in eigen woorden omschreven. Voorbeeld bij de foto: werknemers op een kantoor die in dienst zijn van een organisatie. Veelgemaakte fout: denken dat een werknemer ook het ondernemersrisico loopt. Dat ligt bij de werkgever. Image credit: Fotopersbureau de Boer / Wikimedia Commons, CC0
Een winkelmedewerker achter de toonbank, Haarlem
EXAMENSTOF · ONDERNEMEN · EIGEN BEDRIJF
Zelfstandig ondernemen
Zelfstandig ondernemerschap betekent werken voor eigen rekening en risico, zonder werkgever.
Bij een eenmanszaak ben je de enige eigenaar: jij beslist en het resultaat (winst) is van jou.
Je loopt zelf risico: weinig klanten betekent weinig inkomen, en je bent privé aansprakelijk.
Loon bij ziekte, WW en pensioen moet je zelf regelen of verzekeren.
Syllabus 12.1: zelfstandig ondernemerschap, en de eenmanszaak als de vorm waarmee de syllabus start. In het examen heet het resultaat 'resultaat'; winst is een synoniem. Privé aansprakelijk: zie ook het onderwerp Rechtsvormen. Veelgemaakte fout: denken dat een zelfstandige 'gewoon een hoger loon' krijgt. Het inkomen is het resultaat en kan ook laag zijn. Image credit: Fotopersbureau de Boer / Wikimedia Commons, CC0
EXAMENSTOF · ONDERNEMEN · EIGEN BEDRIJF
Afwegen: baan of eigen bedrijf
Voordelen loondienst: vast loon, loondoorbetaling bij ziekte, werknemersverzekeringen en geen ondernemersrisico.
Nadelen loondienst: de werkgever bepaalt veel en je loon blijft gelijk, ook als het bedrijf een hoog resultaat haalt.
Voordelen zelfstandig: je bepaalt zelf wat en wanneer, en het resultaat is van jou, ook als het hoog uitvalt.
Nadelen zelfstandig: onzeker inkomen, privé aansprakelijk, geen loon bij ziekte en geen recht op WW.
Wat past, hangt af van wat je belangrijk vindt: zekerheid of vrijheid. Er is geen goed of fout.
Syllabus 12.1: voor- en nadelen beoordelen. Laat leerlingen een eigen afweging maken in plaats van een winnaar aan te wijzen. Verwachte fout: een voordeel en nadeel verwisselen, bijvoorbeeld 'zelf bepalen' als nadeel van loondienst zien. Bedragen en belastingvoordelen horen hier niet bij.
Wie betaalt in loondienst meestal het loon door als je ziek bent?
Niemand: je krijgt niets, net als een zelfstandige
De Kamer van Koophandel keert een uitkering uit
De werkgever betaalt het loon meestal door
De klanten van het bedrijf betalen het loon
Syllabus 12.1: voordeel van een arbeidsrelatie. Verwachte fout: denken dat ziekte altijd inkomen kost, zoals bij een zelfstandige.
Vul in
Een werknemer heeft een arbeidsrelatie met de werkgever. Een zelfstandig ondernemer neemt zelf het ondernemersrisico, bijvoorbeeld bij een eenmanszaak.
Syllabus 12.1. Verwachte fout: 'vergunning' invullen, dat is toestemming van de overheid voor een activiteit.
Een dameskapsalon aan huis in Den Haag
EXAMENSTOF · ONDERNEMEN · EIGEN BEDRIJF
Van idee naar bedrijf
Een bedrijf begint met een idee: wat kun je goed en welke behoefte zie je bij klanten?
Dat is het creatieve proces: bedenken, uitproberen en keuzes maken voordat het bedrijf bestaat.
Eerst onderzoek je of er klanten zijn; daarna kies je wat je aanbiedt en voor wie.
Daarna regel je de oprichting: de eenmanszaak, de inschrijving en eventuele vergunningen.
Syllabus 12.2: het creatieve proces voor de oprichting. De syllabus geeft geen vaste stappen; de volgorde idee, onderzoek, keuzes en oprichting is een eigen uitwerking om het proces te ordenen. Het opstellen van het ondernemingsplan (12.3) komt in een ander onderwerp. Veelgemaakte fout: denken dat oprichten alleen papierwerk is en dat het creatieve deel erbuiten valt. Image credit: P. van Tol / Wikimedia Commons, publiek domein
Een drukke weekmarkt in Haarlem
EXAMENSTOF · ONDERNEMEN · EIGEN BEDRIJF
De rol van de ondernemer
De ondernemer bedenkt het idee en neemt de belangrijke beslissingen zelf.
Je zorgt als ondernemer zelf voor geld, inkoop, klanten en de uitvoering van het werk.
De ondernemer neemt ook het risico: valt het tegen, dan zijn de gevolgen voor de ondernemer zelf.
Bij de rol horen creativiteit, doorzettingsvermogen en verantwoordelijkheid nemen.
Syllabus 12.2: de rol van de ondernemer. Een marktkoopman is een goed voorbeeld: dezelfde persoon kiest het aanbod, koopt in, staat achter de kraam en draagt het risico. De opsomming van eigenschappen is een eigen omschrijving, geen lijst uit de syllabus. Veelgemaakte fout: de ondernemer zien als iemand die alleen de uitvoering doet. Image credit: Cees de Boer / Wikimedia Commons, CC0
EXAMENSTOF · ONDERNEMEN · EIGEN BEDRIJF
Starten als eenmanszaak
Starters kiezen vaak voor een eenmanszaak: je bent de enige eigenaar en hebt geen notaris nodig.
Een eenmanszaak is geen rechtspersoon: jij en het bedrijf zijn juridisch één, dus je bent privé aansprakelijk.
De andere rechtsvormen komen in het onderwerp Rechtsvormen aan bod; hier gaat het om het starten.
Syllabus 12 (subdomein B2): de oprichting van een eenmanszaak. Voor de vergelijking met andere rechtsvormen: zie het onderwerp Rechtsvormen. Veelgemaakte fout: denken dat een eenmanszaak een rechtspersoon is.
Noah start een eenmanszaak als schilder. Wat klopt?
Noah moet de oprichting laten vastleggen in een notariële akte
Noah heeft geen notaris nodig om te starten
De eenmanszaak is een rechtspersoon, los van Noah
Noah is niet privé aansprakelijk voor de schulden
Syllabus 12 (subdomein B2): starten als eenmanszaak, zoals op de dia 'Starten als eenmanszaak'. Verwachte fout: denken dat elke rechtsvorm via de notaris loopt, of dat de eenmanszaak een rechtspersoon is.
Wat hoort bij de rol van de ondernemer in het creatieve proces?
Alle beslissingen aan een werkgever overlaten
Het risico door de overheid laten dragen
Wachten tot de KvK een idee aanlevert
Zelf het idee bedenken en keuzes maken
Syllabus 12.2. Verwachte fout: de ondernemer als uitvoerder zien.
Het kantoor van de Kamer van Koophandel in Arnhem
EXAMENSTOF · ONDERNEMEN · EIGEN BEDRIJF
Inschrijven bij de KvK
Wie een bedrijf start, moet het inschrijven bij de Kamer van Koophandel (KvK) in het Handelsregister.
Je geeft onder meer je naam, adres, activiteiten en rechtsvorm door.
Deze gegevens zijn openbaar: iedereen kan een bedrijf opzoeken in het Handelsregister.
De KvK geeft je gegevens door aan de Belastingdienst: apart aanmelden is niet nodig.
Syllabus 12.4: inschrijving bij Kamer van Koophandel. Nagekeken op ondernemersplein.overheid.nl (Inschrijven bij KVK): bedrijfsinformatie is openbaar, behalve je telefoonnummer; KVK geeft de gegevens automatisch door aan de Belastingdienst. Bedragen en termijnen staan hier bewust niet: die veranderen en horen niet bij de syllabus. Veelgemaakte fout: denken dat je de inschrijving bij de notaris doet. Image credit: Pompidom / Wikimedia Commons, CC BY-SA 3.0
EXAMENSTOF · ONDERNEMEN · EIGEN BEDRIJF
Vergunningen
Voor sommige activiteiten heb je een vergunning nodig: toestemming van de overheid om iets te mogen doen.
Welke vergunning nodig is, hangt af van wat je doet. Niet elk bedrijf heeft er een nodig.
Voorbeelden: een omgevingsvergunning als je je pand verbouwt en een alcoholvergunning voor een café.
Zoek vooraf uit welke vergunning bij je bedrijf hoort, bijvoorbeeld via Ondernemersplein van de overheid.
Start je zonder verplichte vergunning, dan overtreed je de regels.
Syllabus 12.4: vergunningen. Voorbeelden nagekeken op ondernemersplein.overheid.nl (Vergunningen): omgevingsvergunning bij verbouwen, alcoholvergunning in de horeca. Je hoeft niet te weten welke vergunning bij welke branche hoort; je moet weten dat het van de activiteit afhangt en dat je het vooraf nagaat. Veelgemaakte fout: denken dat elke starter dezelfde vergunning nodig heeft.
EXAMENSTOF · ONDERNEMEN · EIGEN BEDRIJF
Oprichtingsverplichtingen
Oprichtingsverplichtingen zijn de dingen die je moet regelen om wettelijk te mogen starten.
Bij een startende eenmanszaak: inschrijving bij de KvK en, als de activiteit dat vraagt, vergunningen.
De inschrijving geldt voor elke starter; vergunningen verschillen per activiteit.
Een ondernemingsplan is geen verplichting, maar een hulpmiddel bij het starten.
Syllabus 12.4: oprichtingsverplichtingen, beperkt tot inschrijving bij de KvK en vergunningen. Het ondernemingsplan (12.3) is geen verplichting maar een hulpmiddel en komt in een ander onderwerp. Veelgemaakte fout: het ondernemingsplan als oprichtingsverplichting zien.
Waar moet een startende eenmanszaak zich inschrijven?
Bij de Belastingdienst, apart van de KvK
Bij de notaris, in een akte
Bij de gemeente, in het bevolkingsregister
Bij de Kamer van Koophandel
Syllabus 12.4. Verwachte fout: notaris, omdat die bij een bv wel nodig is.
Vul in
Een oprichtingsverplichting zoals inschrijven bij de KvK geldt voor elke starter. Voor een bouwproject heb je soms een vergunning nodig om te mogen beginnen.
Syllabus 12.4. Verwachte fout: 'rechtsvorm' invullen.
Wat vond je het lastigst in deze les?
Loondienst of zelfstandig afwegen
De rol van de ondernemer
Het creatieve proces
KvK en vergunningen
Gebruik de uitslag om te bepalen welk blok je nog een keer doorloopt.
Kies loondienst of eigen bedrijf en geef één reden.
Een goed antwoord noemt een keuze en één voor- of nadeel: zekerheid, risico, vrijheid of resultaat. Er is geen goed of fout, de onderbouwing telt.
EXAMENSTOF · ONDERNEMEN · EIGEN BEDRIJF
Begrippen (1/2)
arbeidsrelatie: De relatie tussen een werknemer en een werkgever.
zelfstandig ondernemerschap: Werken voor eigen rekening en risico, zonder werkgever.
ondernemersrisico: Het risico dat de ondernemer loopt als het bedrijf tegenvalt.
eenmanszaak: Eén eigenaar, geen rechtspersoon, privé aansprakelijk.
rol van de ondernemer: Idee bedenken, keuzes maken, risico dragen en uitvoeren.
This item has no instructions
EXAMENSTOF · ONDERNEMEN · EIGEN BEDRIJF
Begrippen (2/2)
creatief proces: Bedenken en uitproberen voordat het bedrijf bestaat.
oprichtingsverplichtingen: Wat je moet regelen om wettelijk te mogen starten.
Kamer van Koophandel: Houdt het Handelsregister bij waarin bedrijven staan.
Handelsregister: Openbaar register van ingeschreven bedrijven.
vergunning: Toestemming van de overheid voor een bepaalde activiteit.
This item has no instructions