§5.2 ontleding van stoffen

§5.2 Ontleding van stoffen
1 / 23
next
Slide 1: Slide
ScheikundeMiddelbare schoolhavoLeerjaar 3

This lesson contains 23 slides, with interactive quizzes, text slides and 2 videos.

Items in this lesson

§5.2 Ontleding van stoffen

Slide 1 - Slide

Bij een ontledingsreactie gaan moleculen kapot
A
waar
B
niet waar

Slide 2 - Quiz

Bij een ontledingsreactie gaan atomen kapot
A
waar
B
niet waar

Slide 3 - Quiz

Roesten van een oude fiets is een ...
A
Fase-overgang
B
ontledingsreactie
C
Vormingsreactie
D
extractie

Slide 4 - Quiz

Welke van de onderstaande reactiesoorten is geen ontledingsreactie?
A
Fotosynthese
B
Fotolyse
C
Elektrolyse
D
Thermolyse

Slide 5 - Quiz

Welke van de volgende reacties is een ontledingsreactie?
A
benzine(g) + zuurstof(g) -> koolstofdioxide(g) + water(g)
B
water(l) -> waterstof(g) + zuurstof(g)
C
magnesium(s) + zuurstof(g) -> magnesiumoxide(s)
D
waterstof(g) + zuurstof(g) -> water(g)

Slide 6 - Quiz

Welke van de volgende reactie is geen ontledingsreactie
A
Thermolyse
B
Verbranding
C
Electrolyse
D
Fotolyse

Slide 7 - Quiz

Slide 8 - Video

Slide 9 - Video

Slide 10 - Slide

Slide 11 - Slide

Slide 12 - Slide

ijzer maak je uit ijzererts
  1. ijzererts bestaat voor het grootste deel uit ijzeroxide(=roest)
  2. ijzeroxide + cokes (=koolstof)+ zuurstof--> ruwijzer+koolstofdioxide
  3. ruwijzer bevat nog te veel koolstof--> is bros--> nog
meer bewerken b.v. tot staal

Slide 13 - Slide

praktijk hoogovens:

Slide 14 - Slide

Slide 15 - Slide

thermoplast
  • lange losse moleculen
  • moleculen komen los van elkaar bij verwarmen
  • thermoplast vervormt bij verwarmen--> je kunt ze in een mal spuiten

Slide 16 - Slide

thermoharder
  • tussen de lange moleculen zitten dwarsverbindingen
  • smelt niet bij verhitten maar ontleedt--> wordt zwart door de C atomen
  • zijn hard en breken daardoor sneller, weinig toegepast (b.v.  steel van koekepan, hard campingservies)

Slide 17 - Slide

nadelen kunststoffen
  • ze zijn niet of nauwelijks afbreekbaar en veroorzaken daardoor veel problemen zoals de plastic soep en sterfte van dieren
  • bij verbranden komen  vaak giftige stoffen vrij
  • alleen de  bio-afbreekbare polymeren en de synthetisch(door licht,water of micro-organisme) doen dit niet. 

Slide 18 - Slide

Effecten verbranding van fossiele brandstoffen
  • meer H2O en  CO2  in dampkring.
  • gemiddelde temperatuur stijgt
  • verandering klimaat: sommige plekken droger andere plekken juist vochtiger
  • smelten poolijs en  stijging waterspiegel
  • uitsterven dieren en planten en  meer kans op epidemie

Slide 19 - Slide

Je hebt 55 gram HCl
Hoeveel gram  H2O ontstaat er dan?
De molverhouding
…….……..………… : ….……..……
….……..…… : ….……..……
1 mol ....... = ….……..……g
Dus ….……..…… : ….……..……= ….……..……mol ......

Dus er is ….……..…… ∙ ….……..…… = ….……..…… mol ........
 1 mol ......... = ….……..……g
 Dus er is ….……..…… ∙ ….……..…… = ….……..…… .......... gevormd

Slide 20 - Slide

Je hebt 60 gram NH3
Hoeveel gram water ontstaat er dan?
De molverhouding
…….……..………… : ….……..……
….……..…… : ….……..……
1 mol ....... = ….……..……g
Dus ….……..…… : ….……..……= ….……..……mol ......

Dus er is ….……..…… ∙ ….……..…… = ….……..…… mol ........
 1 mol ......... = ….……..……g
 Dus er is ….……..…… ∙ ….……..…… = ….……..…… .......... gevormd

Slide 21 - Slide

Je hebt 25 gram zuurstof
Hoeveel gram water ontstaat er dan?

Slide 22 - Slide

Huiswerk voor
Opdrachten 29 t/m 35
lezen blz 192 Thermoplasten en thermoharders

Slide 23 - Slide