Bij de verbranding in je lichaam is een brandstof nodig. Je lichaam gebruikt vooral glucose als brandstof.
Glucose krijg je binnen met je voedsel. Het wordt gemaakt door planten bij de fotosynthese.
Bij de verbranding van glucose in je lichaam ontstaan water en koolstofdioxide. Ook komt energie vrij. Je lichaam gebruikt die energie. Alle organen in je lichaam hebben energie nodig.
In elke cel van je lichaam vindt voortdurend verbranding plaats. Zonder verbranding gaat een cel dood. Dat geldt niet alleen voor de cellen van een mens, maar voor alle cellen van alle organismen.