This lesson contains 43 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.
Lesson duration is: 30 min
Items in this lesson
Plinius minor: twee Vesuviusbrieven
Slide 1 - Slide
Op de volgende dia staat een filmpje. Ik hoop dat dat wil laden op jullie laptop/pc/telefoon. Als het niet lukt via de nearpod zelf, typ dan in google de volgende link: https://www.youtube.com/watch?v=dY_3ggKg0Bc
of google op A Day in Pompeii- full-length animation.
In dit filmpje van 7 minuten wordt niet gesproken, maar laat men zien wat er gebeurde tijdens de uitbarsting van de Vesuvius in het jaar 79 na Chr.
Zorg dat je een schrift en pen bij de hand hebt en noteer voor jezelf, gedurende het filmpje (je hebt tijd genoeg, want het gaat langzaam) de tijdstippen die voorbij komen (let op: AM = ante meridiem = voor 12 uur 's middags, dus 4 am = 4 uur 's ochtends; PM = post meridiem = na 12 uur 's middags, dus 4 PM = 16 uur). Beschrijf bij elk tijdstip nauwkeurig wat er gebeurt. Noteer alles wat je ziet en hoort!
Slide 2 - Slide
0
Slide 3 - Video
Slide 4 - Slide
Plinius de Jongere, of ook wel Plinius Minor, leefde van 62 tot 113 na Christus. Hij werd de Jongere genoemd, omdat hij een oom had met dezelfde naam. Deze oom, Plinius de Oudere of Plinius Maior. Zoals veel schrijvers genoot Plinius een gedegen opleiding. Hij kreeg niet alleen les van zijn eigen zeer ontwikkelde oom, maar ook van andere hooggeplaatste leraren, zoals Quintilianus. Plinius vervulde alle bij zijn opleiding passende functies van advocaat tot consul en stadhouder van een Romeinse
provincie. Niet onbelangrijk was zijn vriendschap met keizer Trajanus, voor wie hij een lofrede schreef als bedankje voor zijn consulaat.
Plinius is met name beroemd geworden door zijn brieven. Al zijn brieven zijn vanaf het begin voor publicatie bestemd geweest en ook met dit doel geschreven De verzameling van 247 brieven bevat onder andere zijn correspondentie met keizer Trajanus. Ook zijn er twee brieven overgeleverd, die gericht waren aan Tacitus, een geschiedkundige. Hierin beschrijft Plinius de uitbarsting van de Vesuvius. Deze Vesuviusbrieven zijn wereldberoemd geworden en geven waardevolle informatie over deze schokkende gebeurtenis in 79 na Christus. Als zeventienjarige jongen was Plinius destijds
samen met zijn moeder op bezoek bij zijn oom aan de andere kant van de baai van Napels. Plinius Maior (de oom) was vlootcommandant en de vloot was gelegerd in de kustplaats Misenum. Dat wat Plinius aan Tacitus schreef, lezen we in de komende periode bij Latijn.
Slide 5 - Slide
Plinius groet Tacitus
Wie is Tacitus?
A
filosoof
B
consul
C
vriend van Plinius Minor
D
geschiedschrijver
Slide 6 - Quiz
Wat is de familieband tussen Plnius Minor en Plinius Maior?
A
zoon - vader
B
broer - broer
C
neef - oom
D
oom - neef
Slide 7 - Quiz
Plinius Minor schreef boeken en brieven. Maar schreef Plinius Maior ook?
A
ja
B
nee
Slide 8 - Quiz
In bovenstaande tekst wordt vermeld hoe Plnius Maior is gestorven. Hoe?
A
ouderdom
B
hartaanval
C
zelfmoord
D
uitbarsting Vesuvius
Slide 9 - Quiz
Plinius Minor zegt dat Plinius Maiors reputatie eeuwig zullen bestaan door twee dingen. Welke twee dingen?
A
zijn eigen werk en dat van Plinius Minor
B
zijn eigen werk en dat van Tacitus
C
door groots te sterven en Tacitus' werk
D
door memorabele dingen te schrijven en mee te maken
Slide 10 - Quiz
regel 23/24 Mijn oom was in Misenum en voerde in eigen persoon het bevel over de vloot.
Nonum Kalendae Septembres hora fere septima mater mea indicat ei apparere nubem inusitata et magnitudine et specie.
Nam longissimo velut trunco elata in altum quibusdam ramis diffundebatur, credo quia recenti spiritu evecta, dein senescente eo destituta aut etiam pondere suo victa in latitudinem vanescebat, candida interdum, inderdum sordida et maculosa prout terram cineremve sustulerat. In hoeveel delen kun je bovenstaand tekstelement verdelen? (tel de pv's!)
Slide 22 - Open question
Nam longissimo velut trunco elata in altum quibusdam ramis diffundebatur,
nam: want; longus: lang; velut: alsof; truncus: stam: elatus: verheven (-a vrl = de wolk); in altum: in de hoogte; quidam: een soort; ramus: tak; diffundor, -i: zich verspreiden
dein senescente eo destituta aut etiam pondere suo victa in latitudinem vanescebat,
Welke constructie is: senescente eo?
Slide 25 - Open question
dein senescente eo destituta aut etiam pondere suo victa in latitudinem vanescebat,
dein = deinde; senesco, -ere: zwakker worden; eo: abl. is/ea/id; destituo, -stitutus: in de steek laten (ptc bij 'de wolk'); pondus: gewicht; suus: zijn eigen; victus (ptc bij 'de wolk'): overwonnen; in latitudinem vanesco, -ere: in de breedte verdwijnen.
Slide 26 - Open question
candida interdum, inderdum sordida et maculosa prout terram cineremve sustulerat.
Een wolk steeg op, vanuit de verte kon men niet goed zien van welke berg, dat het de Vesuvius was werd pas later bekend, waarvan de aanblik en de vorm aan een boom en nog het meest aan een pijnboom deed denken. Hij verhief zich met een soort stam van grote lengte de hoogte in en breidde daar om zo te zeggen takken uit. Ik denk dat hij in het begin door de luchtdruk omhoog werd gestuwd en bij het verzwakken daarvan op zichzelf kwam te zweven, of ook door zijn eigen gewicht neergedrukt in de breedte verijlde, op sommige plaatsen helderwit en op andere vuil en vlekkig, naargelang hij stof of as mee omhoog had gezogen.
Slide 28 - Slide
Een pijnboom
Slide 29 - Slide
Magnum propiusque noscendum, ut erudissimo viro, visum (est).
Het scheen groot en het waard om van dichterbij te bekijken, zoals past bij een zeer geleerde man.
Een paar vragen bij deze vertaling: 1. Wat is het onderwerp van deze zin (er staat nu 'het')? 2. Welk Latijns woord vertaal ik met 'zeer geleerde'? 3. Welk(e) Latijnse woord(en) vertaal ik met 'scheen'? 4. Wie wordt bedoeld met de zeer geleerde man? Noteer een naam. 5. Leg in je eigen woorden uit wat Plinius bedoelt met deze zin.
Slide 30 - Open question
iubet Liburnicam aptari;
iubeo= beveln Liburnica = Liburnica (=een klein Romeins oorlogsschip) apto=klaarmaken
Vertaal deze zin en let goed op de vorm aptari! Wat is dat voor vorm van het werkwoord?!
Slide 31 - Open question
mihi, si venire una vellem, facit copiam.
si=of una=met hem mee vellem= vorm van volo facio copiam= de gelegenheid geven
Vertaal deze zin.
Slide 32 - Open question
respondi studere malle, et forte ipse, quod scriberem, dederat;
respondeo=antwoorden studeo =sutderen malo=liever willen forte=toevallig quod= dat wat scribo=schrijven dederat= welke vorm van het ww dare?!
Vertaal deze zin. Bedenk vantevoren waarmee imminenti congrueert in deze zin en waarmee exterritae congrueert
Slide 35 - Open question
-nam villa eius subiacebat, nec ulla nisi navibus fuga (erat) -
villa=villa subiaceo=aan de voet van de Vesuvius liggen ullus=enige nisi= behalve navis, navis= schip fuga= vluchtmogelijkheid
Vertaal de zin
Slide 36 - Open question
Wat is de juiste vertaling? ut se tanto discrimini eriperet, orabat
tantus=zo groot discrimen,discriminis= ramp eripio= redden oro=smeken
A
hij smeekte dat zij een zo grote ramp redde
B
zij smeekte dat hij haar van een zo grote ramp redde
C
hij redde zich van een zo grote ramp, opdat zij smeekte
D
zij smeekte, dat hij zich van een zo grote ramp redde.
Slide 37 - Quiz
et, quod studioso animo inchoaverat, obit maximo
quod =dat wat studiosus animus= wetenschappelijke interesse inchoao=beginnen obeo=afmaken maximo= met moed
Vertaal deze zin
Slide 38 - Open question
vertit ille consilium et
verto=veranderen consilium=plan
vertaal de zin.
Slide 39 - Open question
deducit quadriremes
deduco = in zee laten trekken quadriremis=vierriemer (een groot schip met vier rijen roeiers)
Vertaal deze zin
Slide 40 - Open question
Slide 41 - Slide
Slide 42 - Slide
ascendit ipse, non Rectinae modo, sed multis ... laturus auxilium -erat enim frequens amoenitas orae -
ascendo=aan boord gaan non modo... sed = niet alleen... maar fero, tuli, latus= brengen auxilium = hulp frequens = dichtbevolkt amoenitas =lieflijkheid ora= de kust
vertaal deze zin in de stukjes zoals ze ook op je scherm verschijnen